Spanjaarden sparen hockeyploeg

Ternauwernood doorstonden de Nederlandse hockeyers gisteren de eerste serieuze test bij het olympisch kwalificatietoernooi. Tegen Polen kan de ploeg het ticket naar Athene alsnog veiligstellen.

Nog één overwinning, morgen op de nu reeds moegestreden Polen, en de Nederlandse hockeyers zijn waar ze willen zijn en naar eigen zeggen ook thuishoren: bij de Olympische Spelen, komende zomer in Athene. Of het vervolg van het pre-olympisch toernooi in Madrid daarmee niet meer van belang is? Integendeel, besefte doelman Guus Vogels gisteren na de remise (2-2) tegen medekoploper Spanje. ,,We hebben nog een lange weg te gaan. Elk duel is meer dan welkom.''

Het aanvalslustige gastland bezorgde bondscoach Terry Walsh gisteren een stapel huiswerk, waar de Australiër en zijn gevolg nog wel even zoet mee zullen zijn. Vooral na rust stond Nederland met de rug tegen de muur, en mocht het van geluk spreken dat de Spaanse spitsen het vizier niet op scherp hadden staan: zestien schoten op doel, slechts twee doelpunten. Met twee knappe reddingen voorkwam Vogels in de slotfase dat de olympisch titelhouder tegen de eerste nederlaag aanliep, nadat Spanje vlak voor rust al een strafbal had gemist.

Walsh stelde de zaken na afloop van het prestigeduel in groep A niet mooier voor dan ze waren, en dat sierde hem. ,,Het was aanklampen tot het laatste moment, omdat we de slag verloren op het middenveld en onze oplossingen om onder de druk uit te komen simpelweg te voorspelbaar waren'', zo doceerde hij. Uitblinker Vogels kon die woorden slechts beamen: ,,Spanje heeft onze kwetsbaarheden vandaag blootgelegd.''

Gevolgen had het eerste puntenverlies (na twee opeenvolgende zeges) niet, want achtervolger Polen maakte zich gisteravond belachelijk door met maar liefst 6-0 over de knie te gaan bij Zuid-Afrika. Het na drie duels uitgewoonde ploegje blijft daardoor op vier punten staan. Dat is er één meer dan het fantasieloze Groot-Brittannië, dat eerder op de dag in een draak van een wedstrijd de laatste kans had gegrepen door Japan met 1-0 te verslaan. Dat was meer dan de opnieuw fletse ploeg van bondscoach Jason Lee recht op had.

Het is sowieso de vraag wat de Britten bezielt. In zijn oneindige wijsheid besloot Lee vorige maand Amsterdam-topschutter en -strafcornerspecialist David Mathews thuis te laten voor het plaatsingstoernooi in Madrid. Wie zoveel financiële middelen (lottogelden) tot zijn beschikking heeft en daar vervolgens zo weinig mee doet, zou voor straf op water en droog brood gezet moeten worden. Die mening valt inmiddels zelfs te beluisteren in kringen van de verontruste internationale hockeyfederatie.

Flets oogde gisteren evenwel ook het spel van Nederland. Walsh heeft de discipline, de gretigheid en het spelplezier teruggebracht, maar de franje is (tijdelijk?) verdwenen. ,,Zakelijk en behoudend'', was de rake typering van Maurits Hendriks, de bondscoach van Spanje, toen het steriele optreden van zijn voormalige werkgever ter sprake kwam. ,,Alle avontuurtjes zijn uitgebannen.''

Bovendien rammelde het tactische strijdplan waarmee Walsh zijn ploeg het veld instuurde. Wie goed keek, zag dat de oud-international uit Perth heel stiekem toch een aantal `Australische elementen' heeft geïntroduceerd. Zo staan de aanvallers bij het uitverdedigen van de tegenpartij vastgelijmd aan de zijlijn. Met als gevolg dat de flanken weliswaar afgedekt zijn, maar in de as van het veld grote gaten vallen en spelverdeler Jeroen Delmee dus niet toekomt aan hetgeen hij zou moeten doen: het regisseren van de wedstrijd.

Hendriks' assistent Toon Siepman was dan ook geenszins onder de indruk van de ploeg, die zich zo graag had willen revancheren voor de ontluisterende nederlaag (5-2) bij het Europees kampioenschap, zes maanden geleden in Barcelona. ,,De brille zit bij Teun (de Nooijer, red.) en de rest valt me tegen'', oordeelde de sluwe strateeg uit Vught.

Spanje daarentegen kan beschikken over drie aalvlugge paradepaardjes in de voorste linie: Pol Amat, Santi Freixa en Eduard Tubau. Dáár schuilt de kracht van het elftal, dat gisteren weifelend begon. ,,Te veel angst in de verdediging en onvoldoende druk op de bal'', meende Siepman in navolging van Hendriks.

De laatste had ook wel een verklaring voor de stroeve start: het ontbreken van Juan Escarré. De 35-jarige aanvoerder worstelt met een blessure aan de hamstring en geldt als het brein van de ploeg. Hendriks: ,,Juan heeft ruim tweehonderd interlands op zak. Die had die twijfel uit de openingsfase onmiddellijk weggehakt.''

Maar ook zonder Escarré raakte Spanje op stoom. Walsh en de zijnen verklaarden vooraf geen genoegen te nemen met een salonremise, maar gisteren had Nederland niet zoveel te willen. Na rust bleef de thuisploeg jacht maken op de winnende treffer. Tot genoegen van Hendriks, die de risico's voor lief nam. ,,We hebben ons de afgelopen weken rot gewerkt om de motor aan te praat te krijgen. Nu die motor vandaag eenmaal begon te loeien, ga ik niet op de rem staan.''

Walsh had het zijn geestverwant gisteren graag nagezegd. In plaats daarvan luidde de conclusie dat, in de woorden van Vogels, ,,de opbouw beter moet en we de ruimtes moeten leren lezen''. Want, en dat wist ook de doelman: met wisselvalligheid wordt zelfs Nederland geen olympisch kampioen.