Smetteloze jazz op SJU Festival

Er wordt in de jazz tegenwoordig zoveel nagedacht dat je bijna vergeet dat dit genre ooit begonnen is als vette borrel- en bordeelmuziek.

Met het optreden van DIMAMI begon de eerste rookvrije editie van SJU Jazz Festival geheel in stijl: met muziek die vrij was van nare luchtjes. De bas van Dion Nijland klinkt sonoor, de tikjes van drummer Makki van Engelen zijn allemaal raak en het geluid dat Miguel Boelens uit zijn altsax haalt is warm, lyrisch, bijna teder. Dat je het na drie kwartier, net de lengte van hun nieuwe cd Touching Ground, toch wel gehoord hebt ligt aan het feit dat je iets mist: is het misschien de lucht van zweet? Als leider Nijland na een uur spelen publiekelijk vaststelt ,,Dus dan moeten we nog een kwartier'', dan ga je even de straat op om een kwartiertje smerig te roken met een dubbele whiskey erbij.

Een ander bandje onder leiding van een bassist is de Amerikaanse Scott Colley Group. Trompettist Ralph Alessi zou zo met DIMAMI mee kunnen doen, want ook zijn spel is helemaal spic-and-span. Zelfs de solo's die hij produceert lijkt hij van papier te lezen. Dat Colleys kwartet toch de aandacht vasthoudt is behalve aan hemzelf en het prima drumwerk van Bill Stewart te danken aan pianist Jason Moran die als een ongelikte beer door de porseleinkast van de neo-bebop stampt. Hij is niet bang om gelijk Thelonious Monk quasi-spastisch uit de hoek te komen. Zijn onnavolgbaar `idiote' solo in For Harry Carney (de baritonsaxofonist uit het orkest van Duke Ellington) maakt duidelijk dat de jazz nog altijd leeft en ademt. Zelfs zonder de stank van rook en bier.

Concert: SJU Jazz Festival. Gehoord: 4/3 Vredenburg, Utrecht. Vervolg: 5 en 6/3. Uitzending: 2 en 9/4 Radio 4 (23u)