Rotterdam Zet Door In Canada

Immigreren, integreren, inburgeren. Nederlandse politici putten zich uit om nieuwkomers te onderwerpen aan nieuwe strengheid. Een delegatie uit Rotterdam zocht in Ottawa en Montreal inspiratie. De wethouder: `Wij moeten nu leren dat er grenzen zijn aan solidariteit. Selectie bevordert integratie.'

De veertig kandidaten uit meer dan twintig landen die vanmorgen de eed op het burgerschap afleggen hebben familie, vrienden en een fototoestel meegenomen. Bovenop een tas of in hun schoot ligt de tekst van het volkslied klaar. Oh Canada! Our home and native land! True patriot love in all thy sons command. Dat gaan ze straks samen zingen aan het slot van de citizenship ceremony, waar ze moeten zweren dat ze de wet zullen gehoorzamen en hun burgerplichten vervullen.

Maar eerst neemt de rechter het woord. The world is well represented in this room this morning, zegt ze, waarna ze de landen opsomt waar de kandidaten vandaan komen. ,,U komt van ver'', gaat ze door, ,,en voor velen van u waren de afgelopen jaren niet makkelijk. Maar nu wordt u één van ons. U wordt Canadees. U krijgt het recht te zeggen wat u wilt. U mag wonen en werken waar u wilt. Niemand mag u discrimineren. U gaat horen bij een land dat misschien niet het grootste land ter wereld is, en ook niet het oudste, maar het is wel een land dat in de hele wereld wordt gerespecteerd. Laten we daarom houden van dit land, dat nu ook het uwe wordt, en het liefdevol dienen.''

Al bij het gezamenlijk uitspreken van de eed beginnen er mensen te huilen. Wanneer ze weer zijn gaan zitten, nodigt de rechter ze uit de personen links en rechts naast hen te feliciteren. Dan zwelt uit de luidsprekers in de muur de muziek van het volkslied aan. Het zingen klinkt aarzelend, in de nieuwe taal die ze hebben moeten leren voor de citizenship test.

Daarna stappen ze om beurten naar voren voor het in ontvangst nemen van het burgerschapscertificaat. De rechter spreekt ze elk afzonderlijk kort toe. Soms geeft ze een schouderklopje of streelt iemand even over de rug. Ze zegt dat ze het wel begrijpt als je op zo'n bijzonder moment moet huilen. Familieleden nemen foto's van mensen die trots hun certificaat omhooghouden. En de rechter gaat elke keer op de foto.

Ook Sjaak van der Tak, CDA-wethouder Integratie in Rotterdam, had de tekst van het volkslied op schoot liggen. Hij heeft meegezongen. Van der Tak: ,,Het was indrukwekkend. Ik had het gevoel: deze mensen zetten een stap op weg naar een nieuw leven.'' De andere leden van zijn kleine delegatie zongen ook mee: Tweede-Kamerlid Mirjam Sterk (CDA), zijn voormalig bestuursassistente, en een achttal ambtenaren met functies als `directeur ontwikkeling', `hoofd oudkomers en educatie' of `coördinator inburgering'.

Ze zitten als gasten op de voorste rij, tegenover de rechter, de vlag en het portret van de koningin. Het is de laatste dag van hun vierdaagse werkbezoek aan de Canadese steden Ottawa en Montreal. Hoe gaat een echt immigratieland om met immigratie, inburgering en integratie wilden ze weten. Wie komen er binnen? En hoe burgeren ze in? Raken ze geïntegreerd? Of zijn er ook problemen?

Van der Tak verwachtte `geen streng land'. ,,Maar wel een land dat selecteert. En dan is het interessant om te weten te komen hoe dat gaat. En hoe mensen dat ervaren.'' Zeker is dat ,,je hier ziet wat je weggooit, als je te veel cultuurrelativisme hebt'', is zijn commentaar na afloop van de burgerschapsceremonie. Natuurlijk, de Rotterdamse plechtigheid in de Burgerzaal van het Stadhuis (,,De inburgerzaal noemen we die tegenwoordig'') is een hele vooruitgang. Een jaar geleden was er nog niks. Nu wordt er een welkomstgedicht voorgelezen, de burgemeester of een wethouder houdt een toespraak en een orkestje speelt volksliederen (,,Ketelbinkie, dat soort liedjes''). De plechtigheid is ook niet vergelijkbaar, want het gaat niet om mensen die worden genaturaliseerd. Ze hebben alleen maar een cursus gehaald.

Maar toch.

,,Waarom hangt er bij ons eigenlijk geen landsvlag?'', vragen de leden van de delegatie zich af. ,,Misschien moeten we ook wat aan de muziek doen, in plaats van dat hoempapabandje.'' ,,En dat feliciteren links en rechts houden we erin.'' ,,Het opsommen van de landennamen ook.'' ,,Maar géén Wilhelmus. Het is geen naturalisatie.''

Wie komen er binnen?

Burgemeester Bob Chiarelli van Ottawa zou in Nederland `allochtoon van de tweede generatie' worden genoemd. Zijn vader, moeder, een broer en een zus zijn geboren in Italië. Maar het begrip `allochtoon van de tweede generatie' bestaat niet in Canada. ,,We're all new Canadians'', zeggen de deelnemers aan het rondetafelgesprek in de City Hall van Ottawa. Daarnaast zijn ze Egyptenaar, Indiër, Amerikaan of Belg. Burgemeester Chiarelli: ,,There's a culture in this land of being welcoming to immigrants. Wij zijn trots op dit land, waar we bij horen en waar we ons thuis voelen. Maar we zijn ook nog steeds betrokken bij het land waar we vandaan komen. Dat zien wij niet als een tegenstelling.''

De trots op hun nieuwe vaderland is ook terug te voeren op het strenge toelatingsbeleid: zij mochten binnenkomen en dat mag niet iedereen. Voor zestig procent van de immigranten wordt een puntensysteem gehanteerd. Om driekwart van de honderd punten te halen, het minimaal vereiste aantal, moet iemand bij voorkeur hoger opgeleid zijn, over werkervaring beschikken, talenkennis hebben en niet te oud zijn: ,,If you're illiterate, don't go to Canada.''

De overige veertig procent van de immigranten bestaat uit familie (vrouw, kinderen en grootouders zijn welkom) en vluchtelingen. Sinds de Tweede Wereldoorlog kwamen op 31 miljoen Canadezen zo'n 8 miljoen immigranten binnen. Bijna een vijfde van de bevolking is in het buitenland geboren. Zou er geen immigratie zijn, dan zou de bevolking in omvang afnemen.

,,Being selective is part of the answer'', concludeert Van der Tak op het Ministry of Citizenship and Immigration in Ottawa. De deelnemers aan het rondetafelgesprek dáár hebben achternamen als Wong, Nassrallah, Wilczynski en Morin. ,,Onze bevolking moet weten dat immigranten recht en reden hebben om hier te komen, dan blijven ze het immigratiebeleid steunen'', zeggen ze. ,,Elke samenleving heeft absorptievermogen, maar je moet in de gaten houden wat je aankunt. Of er genoeg werk is. Of de scholen plek hebben. Anders zeggen de mensen: die nieuwkomers willen we hier niet – ook al hebben ze niks verkeerd gedaan.''

Hun opvattingen sterken de wethouder ,,in mijn idee dat we in onze stad op de goede weg zijn''. Van der Tak: ,,Wij willen het liefst alleen nog mensen binnenlaten met een inkomen uit werk. Selectie werkt integratiebevorderend. Dat zie je hier. Een volwassen immigratiebeleid met een sterke nadruk op arbeidsselectie: dat moet er in ons land nu ook komen.''

En hoe burgeren ze in?

Bij de Ottawa Community Immigrant Services Organization hangt in de leslokalen de tekst van het volkslied, Oh Canada. Ook het Canadian Charter of Rights and Freedoms hangt er aan de muur, the principles that recognize the supremacy of God and the rule of Law.

,,Wij geven onze nieuwkomers zeshonderd uur taalles, maar we zijn erachter gekomen dat dit te kort is'', vertelt de delegatie. Sjaak van der Tak citeert de Engelse versie (,,Er was in het buitenland veel belangstelling voor, dus hebben we het laten vertalen'') van het Rotterdamse Deltaplan Inburgering: ,,Some of our oldcomers participate successfully in our society. But many don't. They usually don't know our language. Because we didn't have an integration policy in the past, they don't know a lot about our society either.'' Dus hoe doen jullie dat?

Om te beginnen, vertellen ze, krijgt elke immigrant hier de Welcome to Canada Kit: informatie over en adressen van taalcursussen en inburgeringstrajecten, waaronder een host program waarbij ingezetenen nieuwe immigranten min of meer onder hun hoede nemen. De taalcursussen zijn gratis en niet verplicht. Maar wie de taal niet beheerst krijgt werk onder zijn niveau. Dat wil niemand. En wie zich wil laten naturaliseren is verplicht de taal te spreken. Hij of zij wordt bovendien getoetst op kennis van de geschiedenis, de geografie en het staatsrecht. Van de 200.000 jaarlijkse immigranten laat 85 procent zich naturaliseren.

Voor door de overheid binnengehaalde vluchtelingen is extra aandacht. Zij worden afgehaald op het vliegveld, waarna ze voor de eerste inburgering naar een reception house gaan. Ook particulieren als kerkelijke gemeenschappen mogen vluchtelingen binnenhalen, op voorwaarde dat deze niet in de bijstand belanden. Asielzoekers zijn er niet veel. Zij horen binnen drie dagen of hun aanvraag in behandeling wordt genomen. Zo ja, dan duurt het gemiddeld twee jaar voordat ongeveer de helft van hen wordt toegelaten en de andere helft afgewezen. In die tijd mogen ze werken, gaan hun kinderen naar school en hebben ze recht op medische zorg.

,,We work together to help immigrants feel they truly belong to this country'', wordt dit beleid samengevat. ,,Want als mensen het gevoel hebben dat ze hier thuishoren, dan nemen ze vanzelf deel aan de maatschappij. Volgens Sjaak van der Tak (,,In our country we're going towards a system that people have to pay for'') is het `logisch' dat `in een echt immigratieland' de taalcursussen gratis zijn. ,,Maar wij willen de immigratie nu juist even afremmen. Daar past betalen weer wel bij.''

Bekruipt hem geen gevoel van schaamte als hij de gastvrijheid hier vergelijkt met de nieuwe strengheid in zijn eigen land? Van der Tak: ,,Nee. Wel een schuldgevoel: wij hebben mensen in de kou laten staan. We wisten dat de gastarbeiders niet meer weg zouden gaan. Maar we deden niks voor ze. Daarmee hebben we deze mensen geen recht gedaan. Dat moeten we de komende jaren goedmaken.''

En je kunt het ook omdraaien, vindt hij: ,,Dit land neemt geen laagopgeleide mensen op en maar weinig vluchtelingen. Wij doen dat wel. In die zin zijn wij meer solidair. Maar wij moeten nu leren dat er grenzen zijn aan solidariteit. Anders geef je mensen geen kans te emanciperen.''

Raken ze geïntegreerd?

Behalve van het Deltaplan Inburgering hebben de Rotterdammers ook een Engelse versie meegenomen van Rotterdam Zet Door. In die nota pleit het college voor wetsaanpassingen die het mogelijk moeten maken dat er minder kansarme nieuwkomers naar de stad komen.

In het Hôtel de Ville van Montreal vat Van der Tak de nota samen: ,,In ons land is tien procent van de bevolking immigrant. Het zijn vooral Turken en Marokkanen. In onze stad, de armste en slechtst opgeleide stad van het land, is bijna de helft allochtoon. En dat aantal neemt nog toe. Many of them belong to what we call tension groups. This gives a social clash. But it is not, and won't be, a racial gap.'' Toch heeft de stad de grens van het absorptievermogen nu wel bereikt, ,,vandaar dat wij een rem willen zetten op nog meer kansarme nieuwkomers''. En hij besluit: ,,The problem has a color but the color is not the problem.''

Ook andere leden van de delegatie geven nu uitleg. ,,We made a wrong start. We thought they would go back to their own country.'' ,,It took us a while to understand they would stay. So now we need an integration policy.'' ,,That's why we're here, to learn that from you.''

Integratie moet van twee kanten komen, luidt het antwoord: Immigration is a two way stream. ,,Immigratie verandert onszelf óók'', zeggen ze. ,,Wij nemen mensen op in ons midden. En door dat te doen verandert ook onze eigen cultuur steeds een beetje. We're all a little different from each other. But that doesn't make us less Canadian.''

De afgelopen twintig jaar is op dit aanpassingsvermogen van de eigen cultuur een steeds groter beroep gedaan. Rond 1960 bestond de `top-tien' van landen waar immigranten vandaan kwamen uit Europese landen. In 1990 kwamen nog maar twee op de tien immigranten uit Europa. Nu komen de meesten uit China (14,5 procent in 2002), India (12,6), Pakistan (6,2), de Filippijnen (4,8) en Iran (3,4).

Ongeveer de helft van deze immigranten spreekt bij binnenkomst in Canada geen Engels of Frans. Dus ook hun kinderen niet. De meesten gaan in een grote stad wonen: Toronto, Vancouver, Montreal. Stond er vroeger een jaar of acht, negen voor integratie, tegenwoordig wordt rekening gehouden met twaalf à veertien jaar voordat een immigrant werk heeft op zijn opleidingsniveau, de taal spreekt en voluit aan de samenleving meedoet: ,,The integration machine is slowing down.''

Of zijn er ook problemen?

Dus ja, er zijn ook problemen. In het Somali Centre for Family Services worden ze `uitdagingen' genoemd. Somaliërs horen bij wat in Canada visible minorities heten. Ze hebben verhoudingsgewijs meer moeite met het omzetten van hun diploma's en het vinden van werk. Wanneer hun kinderen met te veel tegelijk op straat rondhangen, pakt de politie ze op.

,,Er is ons verteld dat u zich desondanks bij dit land voelt horen. Klopt dat?'', wil de delegatie weten. Ja, zeggen ze: ,,Er zijn uitdagingen, maar het zijn geen obstakels. We kunnen ze nemen. We weten ook dat integratie in stadia verloopt. Misschien lukt het onszelf niet helemaal. Maar onze kinderen zullen hier wel slagen.''

Verschilt Canada daarin van Europa? ,,Het is een ander gevoel. Wij zijn door dit land opgenomen als immigrant. We horen erbij. Iederéén is hier immigrant. Europa beschouwt ons als vreemdelingen.'' Een Somaliër heeft een tijdje in Amsterdam gewoond. Een broer woonde in Nijmegen. Hoe was het daar? ,,Je kon een huis krijgen. Maar geen werk. Het was heel moeilijk een eigen zaak te beginnen. There was no long time vision on immigrants.'' Daarom willen ze hun gasten nog graag `een belangrijke les meegeven': ,,Canada is a very generous sort of society. It provides people hope.''

Bij de visible minorities horen ook steeds meer moslims. In Ottawa is Arabisch na Engels, Frans en Chinees de vierde taal. Op 800.000 inwoners zijn zo'n 50.000 à 60.000 mensen moslim. In het Franstalige Montreal (1,6 miljoen inwoners) zijn dat er verhoudingsgewijs nog meer.

,,Het zijn er best veel. Maar toch is het hier absoluut niet vergelijkbaar met de situatie bij u'', zegt voorzitter Said Cergui van de Fédération Marocaine du Canada. ,,De Marokkanen in Canada komen uit héél Marokko. Niet alleen van het platteland in het noorden. Wij mochten hier komen vanwege ons beroep of onze studie.'' Zowel in Ottawa als in Montreal staan moskeeën. In Ottawa zijn dat er drie. In Montreal gaat het om enkele tientallen. ,,Er wordt wel over de bouw van moskeeën gedebatteerd. Maar er is geen conflict over.''

,,Canada staat nog aan het begin van ons soort problemen'', concludeert de wethouder. Van der Tak: ,,Wacht maar tot je hier meer gezinshereniging krijgt. En die mensen allemaal moskeeën willen hebben. Dan krijgen ze hier echt ook wel een minarettendiscussie.'' En tegen zijn gastheren: We'll follow the developments in the press.''

In het vliegtuig terug liggen de vrijdagkranten klaar. De International Herald Tribune brengt een foto van de Britse kroonprins Charles met enkele Aziatische immigranten. De prins was aanwezig bij de eerste, bij naturalisatie voortaan verplichte inburgerceremonie van zijn land. Zestien volwassenen en drie kinderen zwoeren er trouw aan de koningin en gehoorzaamheid aan de wet. Daarna zongen ze God save the Queen. Ze moesten er honderd euro voor betalen.