Vrees VS, NAVO over Servië

De Amerikaanse regering en de NAVO maken zich zorgen over het voornemen van de nieuwe Servische regering, de samenwerking met het Joegoslavië-tribunaal te beperken.

Pierre-Richard Prosper, Amerikaans gezant inzake oorlogsmisdaden, zei in Sarajevo dat Washington ,,zeer bezorgd is over recente verklaringen uit Belgrado''. ,,Het lijkt erop dat de regering bezig is een draai van 180 graden te maken en dat is niet goed.'' De Amerikaanse wetgeving voorziet in een stopzetting van hulp aan Servië als dat land per 31 maart niet kan aantonen volop met het Joegoslavië-tribunaal samen te werken. ,,Op dit moment is de samenwerking niet bevredigend'', aldus Prosper. ,,[De Serviërs] hebben nog een maand om hun verantwoordelijkheid te nemen.''

In Brussel liet ook een woordvoerder van de NAVO weten dat men zich zorgen maakt over de recente uitlatingen in Belgrado. Als Servië in gebreke blijft, ,,zal dat het lidmaatschap van Partnerschap voor Vrede wel heel moeilijk maken'', aldus de woordvoerder. Servië vroeg in juni vorig jaar zich te mogen aansluiten bij het programma van samenwerking tussen de NAVO en niet-leden.

De bezorgdheid van de Amerikaanse regering en de NAVO is gewekt door recente uitlatingen van Vojislav Koštunica, sinds woensdag premier van Servië. Hij wil de samenwerking van Servië met het tribunaal beperken en ,,minder slaafs'' van karakter maken. Servische verdachten van oorlogsmisdaden zouden in Servië zelf moeten worden berecht en door het tribunaal veroordeelde Serviërs zouden hun straf in Servië moeten uitzitten.

De regering van Koštunica kreeg het vertrouwen van het Servische parlement: 130 parlementariërs stemden voor, 113 tegen. De laatsten waren leden van de Democratische Partij DS, die Servië de afgelopen drie jaar heeft geregeerd, en van de ultra-nationalistische Servische Radicale Partij SRS, de grootste in het parlement. Voor de gelegenheid hadden de SRS-parlementariërs een speldje opgespeld met het portret van hun leider Vojislav Šešelj, die in Den Haag in de gevangenis zit, verdacht van oorlogsmisdaden. De socialisten van Slobodan Miloševic steunen de regering-Koštunica zonder daarvan deel van uit te maken. Ze hebben gedreigd de regering ten val te brengen als die Serviërs uitlevert aan het Joegoslavië-tribunaal.