Stormen van waanzin en geluk trotseren

Als er één Franstalige auteur is wiens werk coherent is van toon en van thematiek, dan is het Andreï Makine. Zijn oeuvre bestaat inmiddels uit negen romans, waarvan de voorlaatste, De aarde en de hemel van Jacques Dorme, onlangs in het Nederlands verscheen. Zijn nieuwe, wonderschone roman La femme qui attendait vormt in zekere zin een tweeluik met de zojuist vertaalde roman. In beide keert Makine breeduit terug naar (auto)biografische verhaalelementen uit Het Franse testament, waarvoor hij in 1995 de Prix Goncourt kreeg.

Wat voor mij telt, zegt een van de vertellers in De aarde en de hemel van Jacques Dorme, is niet de feitelijke waarheid, maar `la belle légende'. Het is een uitspraak die mutatis mutandis geldt voor de manier waarop Makine zelf tegen zijn schrijverschap aankijkt: stuk voor stuk spelen zijn verhalen zich af tegen de achtergrond van verschrikkingen van oorlog en terreur, steeds betreft het personages wier leven wordt gebrandmerkt door de onverbiddelijke loop van de geschiedenis. Wat Makine eruit licht zijn `moments d'éternité', ogenblikken van geluk, waarnaar zijn personages op latere tijdstippen in hun leven steeds terugkeren.

De aarde en de hemel van Jacques Dorme begint met zo'n verlicht moment, zo'n magische ontmoeting. Aan de vooravond van de slag bij Stalingrad, op enkele kilometers afstand van de plek waar de strijd tussen de Russen en de Amerikanen enerzijds en de Duitsers anderzijds zal ontbranden, ontmoet, te midden van oorlogschaos, paniek en verdriet, een jonge Franse verpleegster een Franse piloot. Het blijft bij een heftig beleefde en levenslang gekoesterde coup de foudre als kort daarna de piloot, door de Franse geheime dienst op missie naar Siberië gestuurd, met zijn vliegtuig neerstort en nooit meer wordt teruggevonden.

Dit is nog maar één van de drie verhaallijnen die Makine ingenieus in elkaar heeft verweven, al hangen ze onderling met elkaar samen. De Française, die ook na de oorlog in Rusland blijft, biedt af en toe in het weekeinde onderdak aan een Russische jongen wiens ouders onder het communistische regime spoorloos zijn verdwenen. Net als in Het Franse testament, vertelt de Française hem over het paradijs dat Frankrijk heet, leert ze hem Frans en verslindt hij, in een poging de keiharde dagelijkse realiteit te ontvluchten, de klassieke Franse romans die hij op haar zolder aantreft.

Eenmaal volwassen – en dat is de derde verhaallijn – gaat de jongen op zoek naar de sporen van de verdwenen vliegenier, Jacques Dorme, wiens levensverhaal hij van jongs af aan bij zich heeft gedragen. Hij zoekt uit waar de piloot vandaan kwam, waar hij vocht en, vooral, wat zijn heldendaden waren. Als in een avonturenroman lezen we hoe de verteller in een sneeuwstorm, langs een door metershoge sneeuw gespannen touw een houten huis bereikt. Vanuit deze omgeving onderhoudt een piloot dezelfde vliegroute als ooit Jacques Dorme. Deze piloot neemt hem mee en zet hem voor een korte tijd af op de ijsvlakten waar Dormes vliegtuig neerstortte, zodat hij – als in een zoektocht naar de vader – werkelijk in diens laatste voetstappen kan treden.

In zijn drie verhalen trekt Makine drie verschillende registers open. Soms lees je een dagboek, soms een avonturenroman, dan weer een ode aan de Franse cultuur. Nu eens zit je in een romantische liefdesroman, waar een brekende kralenketting al het naderende einde van de idylle symboliseert. Dan weer lees je over een weeshuis, waar `de kinderen van de dooi' midden jaren zestig de geschiedenisboekjes over Chroestjov bij het oud vuil moeten zetten. Even later zit je met het volgende personage middenin een sneeuwstorm in Siberië en ben je op zoek naar een wrak dat er al een halve eeuw moet liggen.

Zo avontuurlijk als De aarde en de hemel van Jacques Dorme is, zo ingetogen en zo verstild is La femme qui attendait. De sneeuw- en ijsvlakten vormen in de ene roman de ideale setting voor een gevaarlijke onderneming, terwijl zij in het laatst genoemde boek het spiegelbeeldige decor vormen van het zuivere, het goede en het altruïstische – al die eigenschappen die Makines vrouwelijke hoofdpersoon, een onderwijzeres, in ruime mate bezit. Het verhaal is eenvoudig: een vrouw wacht op de terugkeer van haar geliefde, die dertig jaar eerder, in 1945, als soldaat naar het front vertrok. Verder is niets aan dit verhaal eenvoudig: Makines zinnen zijn van een doordringende schoonheid, zijn beelden stralen op je netvlies en zijn hoofdpersoon blijkt uit zoveel lagen te bestaan dat je nog lang met haar bezig blijft. Ook zij put uit zo'n magisch moment, dat inmiddels al tot het verre verleden behoort: een laatste belofte van eeuwige trouw, uit de mond van de soldaat van wie zij houdt, terwijl zijn slee hem van haar weg voerde.

Welke vrouw wacht dertig jaar op een man, vraagt Makine zich af, waarmee vult zij haar dagen, waar denkt ze aan als zij de visnetten leeghaalt of over het meer roeit? Is zij een gevangene of juist bij uitstek vrij? Is zij gelaten en berustend of bruisend van onderhuidse passie? Haar eenzaamheid voert haar langs de afgrond van de waanzin, de pure schoonheid van het landschap is voor haar een bron van geluk. In het zo goed als verlaten Russische gehucht gaan weemoed en nostalgie een dagelijkse strijd aan met de pragmatische kanten van het leven in een uithoek van de wereld.

Zoals de verteller in Jacques Dorme het mysterie van de imaginaire vader probeert te doorgronden, zo is La femme qui attendait een queeste naar de moeder. De een was nooit werkelijk vader, net zo min als de ander ooit moeder was. Toch vervullen zij beiden die rol in het leven van jonge mensen om hen heen: jongeren die niet zo geknecht zijn door de totalitaire geschiedenis als zijzelf, jongeren die hopen op een toekomst en een leven in vrijheid, hetgeen vorige generaties niet gegund was.

Zo vormen beide boeken een formidabel tweeluik binnen het immense fresco van de Russische twintigste eeuw, dat de auteur stukje bij beetje bij elkaar schrijft. Ook in deze boeken worden individuen in crisis uit de grote grijze massa gelicht: een vliegenier die het slachtoffer wordt van ondoorgrondelijke acties tijdens de Koude Oorlog, en een onderwijzeres die haar leven zin geeft door over het verleden te vertellen aan een jongere generatie. Dat is en blijft ook de roeping van Makine.

Andreï Makine: De aarde en de hemel van Jacques Dorme. Vert. door Jan Versteeg. De Geus. 224 blz., €19,90 Andreï Makine: La femme qui attendait. Seuil, 214 blz., €18,-