Profijtelijke verarming

Bananensnoepjes zonder banaan, cactuslimonade zonder cactus. In de voedselindustrie blijkt `minder is meer' een steeds vruchtbaarder adagium.

De homeopathie is doorgedrongen tot de frisdrankindustrie. Minister Hoogervorst zij gewaarschuwd. Negentien besjes sieren het etiket van de nieuwe cranberrylimonade van Royal Club. De limonade bevat 0,01 procent cranberrysap. Dat moet zoiets zijn als één cranberry op twintig literflessen. De cranberry figureert hier als de excuustruus van het fruitwezen. Verder zit er geen druppel vruchtensap in. De Lemon-Cactus limonade van Spa bevat tenminste nog twintig procent fruit, al is het meeste appelsap. Cactussap zit ook niet in de woestijnlimonade, maar bij cactus denk je sowieso niet aan overvloedig vocht.

Mag het een onsje meer zijn? Het is een hopeloos ouderwetse kruideniersopvatting. De eigentijdse voedselproducent verkoopt liever minder. `Less is more', stelde architect Mies van der Rohe een jaar of vijftig geleden. Hij was zijn tijd ver vooruit. In de architectuur zijn we er niet meer zo zeker van dat minder echt meer is, maar menige voedselfabrikant vindt het nu een vruchtbaar adagium.

Een studiejaargenoot van mij heeft carrière gemaakt in de vleesverwerkende industrie. Zijn belangrijkste wapenfeit is het met eentiende terugbrengen van de hoeveelheid vlees in de frikadellen zonder dat de snackliefhebber het merkt. Ook bereikte hij minimaliseringsresultaten van belang in de krokettenproductie.

Naast de verrijking van voedsel door de overbodige toevoeging van voedingsstoffen als calcium en vitamine C, ook bekend als de ruïneuze verrijking, maakt de voedselverarming opgang. De meerwaarde schuilt in minder. Het is de profijtelijke verarming.

Het principe van de profijtelijke verarming manifesteert zich op verschillende manieren. Wijdverbreid is het vervangen van een duur ingrediënt door een goedkoop alternatief. Zo mag cacaofantasie door een gebrek aan een overtuigend cacaogehalte de naam chocolade niet dragen. Door een treurige beslissing van de Europese overheid bestaat tegenwoordig ook nog `huishoudchocolade' waarin dure cacaoboter voor een deel is vervangen door goedkoop plantaardig vet. We mogen hopen dat de consument minder hoeft te betalen voor deze inferieure chocolade en er tevreden over is onder het motto `alle waar naar zijn geld'.

Interessanter, want marketingtechnisch gezien uitgekookter, is de profijtelijke verarming waar de consument kwalitatief beter mee af denkt te zijn. De meerwaarde voor de producent schuilt erin dat de consument bereid is voor minderwaarde meer te betalen. Minder vet, minder room, minder suiker, minder cafeïne, als de gezondheid in het geding lijkt te zijn, trekken we graag de portemonnee.

In de directiekamers van Campina hebben ze er schik in. Het is gelukt Elke dag, een roomboterproduct met maar 25 procent vet, in de winkelschappen te krijgen. Campina verkoopt met `Elke dag' in hoofdzaak water. `Botergoud' staat schijnheilig op het kuipje, en `puur van smaak'. Zo is het precies, `Elke dag' smaakt naar water waar een klont boter in heeft gelegen.

Soms is het lastig een nieuw product te plaatsen. Exclusief bij Albert Heijn is sinds een paar maanden Goede start! te koop, een witbrood van Blue Band dat even rijk is aan voedingsvezels als volkorenbrood. ,,Geef mij maar een snee Goede start! met Elke dag en een glas Goedemorgen!'' – voor mensen met een ochtendhumeur moet het een gruwelijk monter ontbijt zijn. Al is het natuurlijk wel prettig dat je van het gedrens van de kinderen af bent die niet langer tegen heug en meug hun volkorenbrood naar binnen hoeven te werken. Is `Goede start!' nu verrijkt witbrood of verarmd volkorenbrood? Bruinbrood zonder bruin?

Tot grote hoogte komt de profijtelijke verarming in de verkoop van producten als snoepjes zonder kleurstoffen en conserveermiddelen, gehakt zonder E.coli-bacterie, pinda's zonder schimmel of kip en eieren zonder salmonella. We mogen extra betalen voor iets wat er niet inzit, maar wat er ook helemaal niet in hoort te zitten.