ECB spoort aan tot investeren en consumeren

De Europese Centrale Bank liet gisteren de rente onveranderd op 2 procent. Een beslissing die door niemand is beïnvloed, zegt bankpresident Trichet.

President Jean-Claude Trichet van de Europese Centrale Bank nam gisteren precies een uur de tijd om de buitenwacht zo `transparant' mogelijk te informeren over het beleid van zijn bank. Dat zoiets gebeurt in verhullende termen, met omwegen en herhalingen is inherent aan het vak van de centrale bankier, die zich immers moet hoeden voor het doen van verrassende uitspraken. Zijn voorganger Wim Duisenberg is dat nog wel eens overkomen – Trichet waakte er angstvallig voor.

Het lag dus in de lijn der verwachting dat de bestuursraad van de Europese Centrale Bank (ECB) tijdens haar reguliere bijeenkomst in Frankfurt het toonaangevende rentetarief van 2 procent in de eurozone ongemoeid liet. Maar de natuurlijke terughoudendheid van de centrale bankier betekent niet dat Trichet over zich laat lopen.

In de afgelopen twee weken hadden verscheidene Europese politici, onder wie de Duitse bondskanselier Gerhard Schröder en de Franse premier Jean-Pierre Raffarin, adviezen over verlaging van de rentestand richting eurotoren in Frankfurt afgevuurd. Een en ander in flagrante strijd met artikel 108 van het verdrag en statuut van de ECB waarin de lidstaten van de eurozone wordt voorgehouden ,,geen invloed uit te oefenen op de beslisorganen van de ECB''.

Van hun kant moeten de centrale bankiers beslissingen nemen ,,in volledige onafhankelijkheid'', zoals Trichet nog eens nadrukkelijk zei. ,,We doen niets omdat ons gezegd wordt dat we dat moeten doen.''

Een centrale bank die haar oren laat hangen naar de politiek verliest gezag, en het vertrouwen van de burger. Er was Trichet veel aan gelegen de boodschap er in te hameren dat de ruim 300 miljoen burgers van de eurozone alle vertrouwen kunnen hebben in de ECB en diens sturing van het Europese monetaire beleid.

,,Vertrouwen van de Europese burger is van groot belang voor groei'', zei de ECB-president, die erkende dat ,,vertrouwen mogelijk het ingrediënt is wat bij de huishoudens nog ontbreekt''. De ECB wijt dit aan onzekerheid over prijsstabiliteit, het kernwoord in de missie van de Europese Centrale Bank. Trichet nam daarom het zekere voor het onzekere en zei bij herhaling dat de vooruitzichten voor prijsstabiliteit ,,gunstig'' zijn op de middellange termijn. Inflatie in de eurozone daalde van januari op februari van 1,9 naar 1,6 procent op jaarbasis – royaal onder de door de ECB aangebrachte bovengrens van 2 procent. ,,We weten dat de inflatie mogelijk nog zal stijgen in de komende maanden'', zo temperde Trichet een eventueel excessief optimisme, maar ,,we weten ook dat we het onder controle hebben''.

Onzekerheid is onnodig, meent de centralebankpresident, die zijn boodschap aan de Europese burgers herhaalde dat ,,het tijd is voor hen om te investeren en te consumeren''. De gedeelde zorg van Trichet en Europese politici is het tempo waarin de economie van de eurozone groeit. De economie herstelde zich geleidelijk in de tweede helft van vorig jaar en volgens de ECB wijzen recente indicatoren op ,,gematigde economische groei'' begin dit jaar.

Toch is de ECB verwachtingsvol. ,,Terwijl de groei tot nu toe betrekkelijk bescheiden is gebleven, is (...) er reden een versterking te verwachten van het herstel in 2004 en verder'', aldus de officiële verklaring van de bestuursraad na afloop van zijn zitting.

Robuuste groei zou de problemen van veel politici, met name Schröder en Raffarin, oplossen. Duitsland en Frankrijk gaan dit jaar immers opnieuw zondigen tegen de bepaling in het Stabiliteitspact voor de euro dat het begrotingstekort niet hoger mag zijn dan 3 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Een snel groeiend bbp doet het tekort vanzelf krimpen.

Maar ook hier vinden de politici Trichet op hun weg. De Fransman waarschuwde met klem dat Frankrijk, Duitsland en andere zondaren – die hij overigens niet bij name noemde – zich op deze manier niet rijk mogen rekenen. Juist nu de goede tijden aanbreken, moet structureel worden bezuinigd, zodat bij een volgende neerwaartse economische cyclus dezelfde ,,beleidsfouten'' zich niet weer voordoen.

Die opvatting van Trichet kan voor geen enkele politicus een verrassing zijn.