Tandartsbezoek sinds 1995 op peil gebleven

Het schrappen van het grootste deel van de tandheelkundige hulp voor volwassenen uit het ziekenfondspakket in 1995 heeft niet geleid tot minder bezoek aan de tandarts. Nog steeds gaat zo'n 87 procent van de volwassen bevolking met enige regelmaat naar de tandarts, zo blijkt uit het onderzoek door TNO Preventie en Gezondheid waarvan minister Hoogervorst (Volksgezondheid) onlangs de resultaten naar de Tweede Kamer zond.

Het percentage van de bevolking dat naar de tandarts gaat, stijgt echter sinds 1995 niet meer. In 1981 lag het bezoekpercentage onder volwassenen nog op 61. Maar volgens de minister is met een deelname van bijna 90 procent ongeveer de top wel bereikt. Het ligt daarmee op hetzelfde niveau als bij de particulier verzekerden. Van de ziekenfondsverzekerden heeft 84 procent inmiddels een aanvullende verzekering tegen de kosten van de tandartshulp afgesloten.

De ingreep in het ziekenfonds, waarbij voor volwassenen de vergoeding voor `restauratieve zorg' (zoals vullingen, bruggen en kronen) werd afgeschaft, heeft ook nauwelijks invloed gehad op de mondzorg zelf, zo leert het onderzoek. Wel wordt geconstateerd dat 10 procent van de ondervraagden zegt `ooit' heeft afgezien van een behandeling, omdat de kosten ervan te hoog zouden zijn. Maar niet duidelijk wordt welke behandelingen dit zijn en of dit betrekking heeft op dure ingrepen waarvoor goedkopere alternatieven voorhanden zijn. Het onderzoek, dat in 2003 werd afgesloten, geeft geen inzicht in de gevolgen van het schrappen van de jaarlijkse controle, per 1 januari 2004.

Volgens het onderzoek neemt de mondzorg bij de jeugd iets af. Bij de groep tot 18 jaar is driekwart van de gaatjes gevuld, maar die verzorgingsgraad loopt licht terug. Dit komt vooral voor rekening van de toename van het aantal allochtone kinderen, bij wie tandartsbezoek geen gemeengoed is. Volgens Hoogervorst ligt het in elk geval niet aan de ingrepen in het ziekenfonds: de tandartshulp aan de jeugd wordt volledig vergoed.

Volgens het College voor Zorgverzekeringen, opdrachtgever van het onderzoek, zijn er zeventig pakketten voor aanvullende verzekeringen in omloop. De consument kan daardoor het overzicht kwijtraken. Hoogervorst vindt dat verzekeraars zelf hun aanbod transparant moeten maken.