Revolutie bij Shell?

Het aandeelhoudersactivisme lijkt opnieuw een klinkende overwinning te hebben behaald. De Koninklijke/Shell Groep heeft Sir Phil Watts gedwongen de consequenties te aanvaarden van de shockerende herwaardering van de olie- en gasreserves van begin dit jaar. En dat nog geen maand na de belofte van Watts om de rest van zijn termijn uit te zitten als topman van het Brits-Nederlandse olieconcern.

Weinigen zullen het vertrek van Sir Phil betreuren. Hoewel hij niet rechtstreeks verantwoordelijk was voor de gewraakte herwaardering, pakte hij de zaken uiterst onhandig aan. Bovendien was het slippertje van januari slechts de laatste in een lange reeks teleurstellingen die de Koninklijke/Shell Groep achterop heeft doen raken. Als het concern dezelfde topwaardering had genoten als concurrent Exxon, zou zijn marktwaarde zo'n 40 miljard dollar hoger liggen.

Maar het is nog te vroeg voor de aandeelhouders om victorie te kraaien. Veel hangt af van de volgende stap van Shell. Het opstappen van Watts vormt niet zonder meer een voorbode van bredere hervormingen bij Shell. Volgens tenminste één versie van de gebeurtenissen was hij onlangs van de noodzaak van hervormingen overtuigd geraakt. Zijn vertrek zou het gevolg zijn van een door de Nederlandse tak van het concern geleide coup, die juist ten doel heeft de veranderingen in de kiem te smoren.

In de praktijk zal moeten blijken of het opstappen van Watts zal leiden tot een echte revolutie. Dat wil zeggen het schrappen van de dubbelhoofdige bedrijfsstructuur, die het management van Shell in de bureaucratie laat verdrinken, de strategische flexibiliteit van het concern hindert en het voor beleggers moeilijker maakt om zich verstaanbaar te maken.

Pas als die bedrijfsstructuur is opgedoekt, zullen beleggers aanleiding zien om hun zwaarden weer om te smeden tot ploegscharen.

Onder redactie van Hugo Dixon.

Voor meer commentaar:

zie www.breakingviews.com.

Vertaling Menno Grootveld.