Knipoog naar rechts?

J.M. Bik besprak in deze krant van 24 februari waarom de VVD zich op `rechts' moet oriënteren om in de toekomst de grootste partij te worden. Maar hij voert verkeerde argumenten aan.

Het eerste voorbeeld betreft de periode Nijpels. Eerst de volgende feiten: 1. bij zijn start een ongekende verkiezingswinst van 36 zetels; 2. teloorgang van deze winst bij de verkiezingen van 1986 vanwege de fractieleiderschapscrisis die onder hem is ontstaan en waaraan hij geen einde kon maken.

In de tweede plaats de rol van Voorhoeve, waaruit zou blijken dat een linkse koers fnuikend is. Is Bik vergeten dat door toedoen van de VVD het kabinet viel (`de nacht van Voorhoeve') en in de politiek geldt dat `wie breekt, betaalt'?

In de derde plaats wordt Dijkstal opgevoerd als voorbeeld van het verkeerde effect van een naar links neigende liberale koers. Fortuyn heeft echter laten zien dat geen van de toenmalige politieke leiders een antwoord had op zijn aanvallen op het gehele politieke bestel; het politieke denken zélf was het punt.

Conclusie is dat geen van de door Biks argumenten overtuigt en dat hij zelf moet afstappen van het ouderwetse links-versus-rechts denken als antipodenschema. Nieuwe politiek betekent een algemene heroriëntatie van `linkse' en `rechtse' begrippen en dat betekent dus het denken in links-én-rechts. Van Aartsen zal dat ook gaan beseffen, zodat een VVD met een actieve linker- en rechtervleugel de enige optie is om een levendige ideeën- en debatpartij te zijn, met de potentie de grootste te worden.