Fattoush

Fattoush is een frisse Libanese salade die als voor- of bijgerecht wordt gegeten, zeker tijdens de ramadan. U kunt er ook een lunch van maken. Kenmerkend is het citroensap maar vooral het knisperend pitabrood, in stukjes zo groot als tortillachips die tijdens het eten over de salade worden gestrooid. Verwar dat brood niet met de shoarmabroodjes die ook wel onder de naam pitabroodjes worden verkocht. De broden die ik bedoel zijn hier zo groot en plat als een pannenkoek of tortilla. In Libanon worden ze à la minute gebakken op houtskool (in diverse formaten). Ik koop ze, met andere ingrediënten van de Libanese keuken (zoals druivenbladeren, sumac, fijne bulghur, foul medames en tahini), op de Haagse markt bij de kraam van Irfan & Yavuz Övül, schuin tegenover de afdeling verse vis, maar ongetwijfeld zijn ze ook in andere steden te krijgen. Pitabrood kan ingevroren worden en je kunt het ook een paar dagen ingepakt bewaren in de koelkast. Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius. Wrijf beide kanten van het brood dun in met olie. Laat het brood in 10 tot 15 minuten in de oven hard en knapperig worden. Komkommers en tomaten kunnen in dunne plakken gesneden worden of in blokjes. Snijd de radijs in plakjes, de paprika in stukjes en de bosui in ringen. Doe dit alles in een kom. Pers daarboven de knoflook uit. Voeg de fijngesneden peterselie en munt toe, plus zout, peper en 1 theelepel sumac (ook geschreven als sumak). Pers een citroen uit en schenk het sap met 3 eetlepels olie in de kom. Schep alles door elkaar en proef of er meer citroensap nodig is. Strooi vlak voor het serveren de sumac erover. Breek de broden in stukjes en serveer ze in een kom naast de salade. De eters scheppen van beide wat op hun bord en husselen het door elkaar.

Morgen: kip met schorseneer