Drugsrunner kiest andere weg

De harde aanpak van drugsrunners op snelweg A16 heeft als gevolg dat zij hun werkterrein verplaatsen naar de A4 en de A58 in de omgeving van Bergen op Zoom. Dat blijkt uit cijfers van de politie Midden- en West-Brabant.

Het zogenoemde A-team van dit politiekorps bestrijdt sinds 2000 met collega's van andere regio's, de Belastingdienst en de douane de overlast van drugshandel, drugstoerisme en drugsrunners op de internationale spoorlijnen en autowegen. Drugsrunners zijn bemiddelaars, vaak van Marokkaanse afkomst, die op de snelweg de aandacht van buitenlandse automobilisten proberen te trekken om hen de weg te wijzen naar drugspanden in Nederland. Zij doen dat dikwijls op een agressieve en gevaarlijke wijze. Bovendien handelen ze steeds slimmer en professioneler.

De grenspost Hazeldonk, ten zuiden van Breda, gold lange tijd als de favoriete werkplek van de drugsrunners, maar ze heeft de `eerste plaats' volgens de politie afgestaan aan aan het benzinestation Sandelingen-Oost bij Hendrik-Ido-Ambacht. Dat heeft volgens woordvoerder J. Frijters van het A-team te maken met het feit dat vanaf het benzinestation runners en hun klanten snel in Rotterdam zijn.

Verleden jaar hield het A-team op de A16 ruim 1.800 mensen aan, onder wie 1.200 drugsgebruikers, zo'n 450 drugsrunners en zeventig dealers. De helft van hen had de Franse nationaliteit. Maar ook Belgen (347), Nederlanders (254) en Marokkanen (226) waren royaal vertegenwoordigd. In totaal werden onder meer honderd kilo hennep, 75 kilo hasj, drie kilo heroïne, één kilo cocaïne, 700 gram speed, 1.000 killo wiet en 3.000 xtc pillen in beslag genomen. De belasting inde ruim 130.000 euro aan geld en auto's, terwijl de politie 446 boetes uitschreef, samen goed voor 180.000 euro.

Het A-team wil het drugstoerisme harder aanpakken en dringt erop aan de samenwerking met andere zuidelijke politieteams, Belgische collega's en de douane breder te maken. In 2003 hebben vier Franse medewerkers van politie en douane in het A-team meegedraaid, hetgeen volgens het rapport leidde tot een veel betere communicatie met Frankrijk.