Kerry - en Edwards

Vier jaar geleden, tijdens de strijd om de Republikeinse nomimatie, moest George W. Bush het als kandidaat opnemen tegen een held uit de Vietnamoorlog: John McCain. Bush won destijds de presidentiële voorverkiezingen die tegelijk in een aantal Amerikaanse staten worden gehouden, ook wel Super Tuesday genoemd. McCain, de gedecoreerde marinevlieger, was vooral populair bij niet-Republikeinse kiezers, maar moest plaatsmaken voor de favoriet van de partijorganisatie. Afgelopen nacht werd duidelijk dat Bush andermaal de degens moet kruisen met een Vietnamheld, en dit keer om de hoogste eer: de presidentsverkiezingen van dinsdag 2 november. John Kerry, de Democratische senator uit Massachusetts die gisteren de voorverkiezingen in negen van de tien staten won, is zijn uitdager. Kerry's laatste echte tegenstander, senator John Edwards, werd weggevaagd. Slechts in de staat Vermont moest Kerry Howard Dean laten voorgaan. Dean, voormalig gouverneur van Vermont, was een half jaar geleden nog de favoriet van de Democraten, maar hij had de afgelopen maanden geen schijn van kans.

Kerry's Vietnam-verleden heeft tot nu toe duidelijk in zijn voordeel gewerkt. Hij kon zich ermee profileren als een presidentskandiaat die bewezen heeft in tijden van oorlog zijn mannetje te staan. Kerry is gaandeweg en onder druk van zijn Democratische mededingers uitgesprokener geworden. Hij is erin geslaagd het politieke debat in de VS op scherp te zetten. Hij wist zich goeddeels te ontdoen van zijn bekakt-houterige imago en bestookte George Bush met zwaar geschut op diens zwakke punten: de baanloze groei, de guerrilla in Irak en het ,,roekeloze en arrogante'' buitenlandse beleid.

Kerry is een Democratische eenheidskandidaat van gewicht. Zijn partij kan er met hem, en met hopelijk John Edwards als running mate, in slagen het Bush echt lastig te maken. Kerry heeft niet het charisma van Bill Clinton, maar hij straalt wel de strijdbare degelijkheid uit die het in deze tijd van terrorisme en oorlog overzee goed doet in de VS. Hij is een politieke veteraan, wat niet per se een voordeel is, maar hij weet wat er buiten Washington speelt. Zijn partij is er alles aan gelegen de Republikeinen het drama van de `gestolen stemmen' tijdens de vorige presidentsverkiezingen (Gore versus Bush) betaald te zetten.

Een zittende president verslaan is niet gemakkelijk. George W. Bush is voor velen nog steeds de man van de actie, de leider die de wereld na het trauma van 9/11 liet zien dat de VS voor niets en niemand wijken. Hij zal Kerry's standpunten breed uitmeten als `links en liberaal', vloekwoorden voor behoudend Amerika. De Democraten zullen als notoire belastingverhogers worden neergezet en Bush zal alle morele en neoconservatieve registers opentrekken om aan te tonen dat Kerry geen ruggengraat heeft. In acht maanden tijd kan veel gebeuren, en met name Kerry zal als uitdager niet te vroeg mogen `pieken', maar vaststaat dat de campagne om het Witte Huis zich wederom zal richten op het belangrijke middendeel van het electoraat. Hun vaste aanhang hoeven Bush en Kerry niet te overtuigen. Het gaat om de twijfelaars. Beiden kunnen er niet onderuit de contouren van een volgend presidentschap te schetsen en moeten door hun onderlinge verschillen laten zien waarom juist deze of gene de uitverkorene behoort te zijn.