Automerk Spyker voor zomer naar beurs

Spyker Cars, de Nederlandse fabrikant van zeer luxueuze sportwagens, wil nog voor de zomer genoteerd staan aan de Amsterdamse beurs. Dat maakte oprichter Victor Müller gisteren bekend tijdens een persconferentie op de Internationale Autosalon in Genève.

Hoeveel geld Spyker Cars met de beursgang wil ophalen en hoeveel aandelen het zal uitgeven, maakte Müller niet bekend. Wel vertelde de algemeen directeur en aandeelhouder dat Spyker met de opbrengst de productiecapaciteit van de Engelse toeleverancier Bodypanels in Coventry wil vergroten. Deze Engelse firma maakt het chassis en het aluminium plaatmateriaal van de auto's. De sportwagens worden daarna in de Spyker-fabriek in Zeewolde geassembleerd.

Met Spyker, dat in 2000 op de Birmingham Motor Show met de C8 Spyder het eerste model presenteerde, gaat het voorspoedig, zei Müller. ,,De vraag overtreft de verwachtingen.'' Bij auto's uit het topsegment gaat het niet om grote aantallen, blijkt uit de verkoopcijfers. Sinds de start van de productie eind vorig jaar verlieten welgeteld 28 auto's de fabriek. Dit jaar worden in Flevoland naar schatting 50 auto's gebouwd. Bij zo'n 100 auto's per jaar bereikt de fabriek in Zeewolde de grenzen van de productiecapaciteit.

In Nederland verkocht Spyker tot nu 13 auto's, voor het merendeel aan relaties van oprichter Müller. De meeste van die auto's zijn overigens in Zwitserland of Monaco op kenteken gezet. Van de 130 auto's uit het orderboek van het bedrijf gaat tweederde naar de Verenigde Staten. In dat land heeft Spyker negen dealers. Ook in Monaco en Dubai zijn Spyker-agentschappen. De fabrikant richt zich op het Verre Oosten en hoopt binnekort dealers aan te stellen in Rusland, China, Japan en het Midden-Oosten.

Op de persdag in Genève onthulde Spyker gisteren ook een nieuw model, de C8 Double 12, een straatversie van de auto die vorig jaar bij de 24 uur van Le Mans als tiende finishte. De zwarte bolide met volledig rood lederen interieur op de beurs is het eerste exemplaar dat de fabriek in Zeewolde heeft verlaten. ,,Twee dagen voor de beurs gereedgekomen'', verklaart medewerker Hans van Rennes.

De twaalfcilinder sportwagen kost exclusief belastingen 265.000 euro. In Nederland komt daar aan BTW en de speciale autobelasting BPM nog zo'n 165.000 euro bij. ,,Wij verkopen auto's aan mensen die alles al hebben'', zegt Van Rennes. ,,Horlogeverzamelaars, eigenaren van een groot jacht en aan liefhebbers met een garage vol auto's. Een Spyker maakt de verzameling compleet. Vaak wordt met zo'n auto niet meer dan 1.500 kilometer per jaar gereden. Voor sommigen is zo'n auto een art-object dat ze als pronkstuk in hun huis zetten.''

Spyker staat voor de tweede keer op de beurs in Genève. De vorige keer diende zich een nieuwe dealer aan. Op autobeurzen verkoopt het merk doorgaans geen auto's aan passanten. Klanten vindt het bedrijf eerder op bijvoorbeeld het Concours Elegance in Como, zegt Van Rennes. ,,Op de AutoRai in Amsterdam verkopen wij zeker geen auto. Maar als het ergens op een autosalon gebeurt dan hier in Genève. Hier heb je de right clientèle.''

Een nieuwe Spyker wordt gemiddeld anderhalf jaar na bestelling afgeleverd. Om het lange wachten iets draaglijker te maken heeft de fabrikant `spy-cams' in de fabriek opgehangen, waarmee de fabricage op afstand kan worden gevolgd.

Spyker Cars heeft nu vier aandeelhouders. Naast Müller zijn dat Maarten de Bruijn, de ontwerper van de Spykers, coureur Hans Hugenholtz en sinds voorjaar 2003 ook media-ondernemer John de Mol. In 1999 bracht Müller eerder het Amerikaanse kledingbedrijf McGregor naar de beurs.