Eventjes dichtbij de legende Jerry Lee Lewis

De schurkenstreken van rockpionier Jerry Lee Lewis (68) zijn niet meer zo bloemrijk als in zijn hoogtijdagen eind jaren vijftig. Hij trouwt niet meer met dertienjarige nichtjes en hangt geen journalisten meer aan hun voeten uit het raam. Maar Lewis blijft een boef. Terwijl zijn optreden in een vol Paradiso met kaartjes à 45 euro allang had moeten beginnen, zat `The Killer' nog prinsheerlijk in het vliegtuig uit Schotland, waar hij woont na meningsverschillen met de Amerikaanse belastingdienst. Hij schuifelde anderhalf uur te laat binnen alsof er niets aan de hand was. Met iets meer dan een half uur achter de piano hield hij het bedroevend kort, voor de fans die dachten dat het nu wel eens echt de laatste keer zou kunnen zijn. Wat wil je anders, van de artiest die te boek staat als de uitvinder van onverantwoordelijk rock & rollgedrag?

Niemand mocht verwachten dat Lewis tijdens zo'n puur voor de poen aangegane boeking nog een revolutionaire draai aan de popmuziek kwam geven. Zijn laatste cd stamt uit 1995 en uiterlijk heeft hij veel weg van een opgewarmde zombie, met zijn koolzwarte puntoogjes en zijn haardos als een vele jaren geleden voor het laatst gestevende sculptuur. Elvis, Johnny Cash en Sam Phillips, zijn kompanen uit de roemruchte rockabillyjaren, zijn dood. Des te verheugender was het, dat het optreden ondanks alle ouderdomsverschijnselen nog enkele briljante momenten kende. Die ene welgemikte klap met het pianodeksel. De vaart waarmee hij zijn schoen nog één keer op de toetsen liet neerkletteren. De luie swing waarmee hij Drinkin' wine spo-dee-o-dee inzette. De standvastigheid waarmee hij zijn hand op het toetsenbord liet neerdalen voor het beukende staccato-akkoord in Whole lotta shakin' going on. De altijd weer even goed getimede ad-libs in Great balls of fire. Het lawaai waarmee hij tot slot de pianokruk van zich af schopte.

Het was een kort, gemakzuchtig optreden. Aan het eind had je desondanks het idee dat je een paar momenten in de nabijheid van een legende had mogen verkeren. ,,Ik wil geen steen op mijn graf,'' zong Lewis, ,,ik verdien een monument.'' Geef die schooier een sigaar en een glas whisky, dan zien we hem over tien jaar weer.

Concert: Jerry Lee Lewis. Gehoord: 1/3 Paradiso, Amsterdam.