Brinkhorst praat lyrisch over India

India is in opmars. Minister Brinkhorst (Economische Zaken) kan na een hernieuwde kennismaking met het Verre Oosten zijn ogen nauwelijks geloven. ,,We moeten van dit momentum gebruikmaken.''

De wijsheid komt spreekwoordelijk uit het Oosten. Ook minister Brinkhorst (Economische Zaken, D66) kwam afgelopen zondag met nieuwe inzichten terug van zijn rondreis langs India, China en Japan. Vooral zijn blik op India is drastisch veranderd. Fulmineerde hij na de mislukte WTO-top in Cancún nog tegen het land als een van de ,,destructieve krachten'' die de onderhandelingen over een wereldhandelsakkoord om zeep hadden geholpen, tijdens zijn bezoek zag hij een heel ander India. ,,India heeft heel bewust gekozen voor openstelling van haar economie. Men ziet dat het marktdenken de enige manier is om vooruit te komen in de wereld. Met wie ik ooksprak - het bedrijfsleven, de financiële wereld, de Kamer van Koophandel- iedereen geeft dezelfde signalen af.'' Brinkhorst vindt dat Nederland en de hele Europese Unie van dat gegeven gebruik moet maken bij de EU-India top, die tijdens Nederlands voorzitterschap wordt gehouden.

Gemeten naar oppervlakte en haar 1,2 miljard inwoners, is India een reusachtig land. Het nationaal inkomen is echter ongeveer even groot als dat van Nederland. ,,Misschien is dat ook de reden dat ik het land nauwelijks kende, in tegenstelling tot China, of Japan, waar ik gewoond heb. Het land had een vrij gesloten economie. Als je geen ontwikkelingswerker of toerist was, had je er eigenlijk niets te zoeken.'' Dat is in hoog tempo aan het veranderen, zegt Brinkhorst. ,,Ieder jaar komen er vijftigduizend computer-experts op de arbeidsmarkt, ieder jaar worden er vijf miljoen mobieltjes (telefoons, red.) verkocht. Dat is mind-boggling.''

Brinkhorst, die in Cancún vice-voorzitter was, is optimistisch over het hervatten van de WTO-onderhandelingen. ,,De boodschap van de Indiase regering was heel duidelijk: als de Europese Unie en de VS de steun voor hun landbouwproducten verminderen, en dan vooral de dumping van die producten door middel van exportsubsidies, kan er een wereldhandelsakkoord komen.''

De kennismaking met India leidde tot het constateren van tekortkomingen aan eigen kant. Zijn gastheren beklaagden zich erover dat het voor hoogopgeleide Indiërs binnen de EU nergens zo moeilijk is om een werk- of verblijfsvergunning te krijgen als in Nederland. Bureaucratische formaliteiten en slepende procedures zorgen ervoor dat de Indiase computerexpert of wetenschapper, die zó in Nederland een baan zou kunnen krijgen, zijn heil maar elders zoekt. Elders in de EU, of in de VS. ,,We schijnen zelfs een lijst te hebben uit 1993, waarin immigranten uit India op één hoop worden gegooid met immigranten uit Ghana, Oeganda, Nigeria en de Dominicaanse Republiek. Dat ervaart men daar als een belediging.''

De huidige regelgeving schaadt volgens Brinkhorst de Nederlandse economie. ,,We schieten onszelf in de voet met zulke regels. We zouden die mensen juist graag moeten willen hebben. We hebben last van een brain drain, veel Nederlandse wetenschappers vertrekken naar de VS. Deze immigranten kunnen de plaatsen opvullen die zij achterlaten.'' Maar Nederland behandelt hen op een ,,LPF-achtige'' manier, vindt hij. ,,We moeten het economisch belang inzien van die mensen, in plaats van te denken: daar heb je weer een buitenlander. Ik ben zelf allesbehalve xenofoob en ik vind dat in ons beleid geen xenofobe elementen mogen zitten.''

Brinkhorst wil de barières voor deze `kenniswerkers' snel opheffen. ,,Het kabinet moet met een politieke visie komen op het belang van van hoogopgeleide buitenlanders voor de Nederlandse economie. Hoe kunnen we de waarde van deze mensen optimaal benutten? Dat betekent dat er voor wetenschappers, technici en computerdeskundigen een veel snellere procedure moet komen, met duidelijk andere regels dan voor andere immigranten zoals asielzoekers en huwelijksimmigranten. Als het bedrijfsleven deze mensen graag wil hebben, dan moet dat snel geregeld kunnen worden.''

Het probleem dat Brinkhorst opwerpt, is al langer bekend. De Adviescommissie voor Vreemdelingenzaken adviseerde vorige maand aan het kabinet om Nederland aantrekkelijker te maken voor kennisimmigranten. Het is ook één van de voornemens die het eind augustus opgerichte Innovatieplatform (een `denktank' van ministers, wetenschappers en topbestuurders uit het bedrijfsleven, die adviezen moet uitbrengen voor de versterking van de `kenniseconomie'). Waarom duurt het zo lang om dit te realiseren, is er wellicht tegenstand binnen het kabinet? ,,Nee, want ik heb dit thema nog nooit zo duidelijk aan de orde gesteld. Ik heb een reis gemaakt, en dit is één van de lessen van die reis.''