Aristide: weg uit Haïti na coup en dwang VS

De verdreven Haïtiaanse president Jean-Bertrand Aristide zegt het slachtoffer te zijn van een ,,staatsgreep'' en door de Verenigde Staten te zijn gedwongen zijn land te verlaten. De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Colin Powell, noemde dit in een reactie ,,absoluut ongefundeerd, absurd''. ,,Hij is niet ontvoerd. We hebben hem niet gedwongen het vliegtuig te nemen. Hij trad het toestel vrijwillig binnen. Dat is de waarheid'', zei Powell.

Aristide vertelde aan journalisten van verschillende media hoe hij zondagochtend werd meegenomen door Amerikaanse agenten. Hij beweerde niet met zoveel woorden te zijn ontvoerd – zoals zijn advocaat in Miami gisteren wel zei – maar onder druk een verklaring van terugtreden te hebben getekend. De VS zouden hem hebben gezegd dat ,,duizenden'' zouden sterven als hij niet zou vertrekken. ,,Zij zeiden dat ik beter kon gaan'', aldus Aristide.

Aristide zegt niet te hebben geweten waar hij naar toe werd gebracht. Hij, zijn vrouw en twee kinderen kregen gisteren tijdelijk asiel in de Centraal Afrikaanse Republiek. ,,We zaten twintig uur in dat vliegtuig zonder te weten waar we heen gingen, zonder het recht om onze mensen te bellen.'' (..) ,,Ik noem het opnieuw en opnieuw een staatsgreep. Ik noem het een staatsgreep omdat het een moderne vorm van ontvoering is'', aldus Aristide.

Verschillende aanhangers van Aristide in de VS, onder wie dominee Jesse Jackson, hebben gevraagd om een onderzoek naar de betrokkenheid van de Amerikaanse inlichtingendienst CIA bij het einde van het regime van de Haïtiaanse president.

Luis Moreno, plaatsvervangend Amerikaans gezant in Port-au-Prince, bevestigde dat zes Amerikaanse veiligheidsagenten aanwezig waren bij het vertrek van Aristide, maar ,,op geen enkel moment heeft iemand hem bedreigd of gedwongen. Het was allemaal erg hoffelijk en beleefd''.

De rust in Port-au-Prince keerde gisteren, na een weekeinde vol chaos en geweld, enigszins terug. Duizenden blije Haïtianen begroetten de komst van rebellenleider Guy Philippe, een oud-couppleger die twee weken geleden terugkeerde uit de Dominicaanse Republiek en sindsdien met zijn mannen oprukte naar de Haïtiaanse hoofdstad. Philippe had gisteren de eerste gesprekken met politieke oppositieleiders.

Onduidelijk is wat de situatie in het noorden van het land is. Met de stad Gonaives, waar de gewapende opstand begin februari onder leiding van Butteur Metayer begon, is momenteel geen contact mogelijk. Ook rebellenleider Louis-Jodel Chamblain, het voormalig hoofd van de gevreesde doodseskaders tijdens het militaire bewind in de jaren '90, heeft nog niet van zich laten horen.

Voormalig dictator Jean-Claude `Baby Doc' Duvalier, die sinds 1986 in Parijs woont, heeft onderwijl gezegd te willen terugkeren naar Haïti. ,,Dit is mijn land. Ik sta geheel tot de beschikking van het Haïtiaanse volk'', aldus Duvalier tegen het Amerikaanse televisiestation WFOR-CBS4. Op de vraag of hij opnieuw president wil worden, antwoordde de president: ,,Dat staat niet op mijn agenda''.

Hulporganisaties vrezen voor een humanitaire ramp. Een groot deel van de bevolking van het platteland is afhankelijk van voedselhulp en die kon hen door de recente onlusten niet bereiken.