`Wij Koerden moeten het spel heel zorgvuldig spelen'

De Iraakse Koerden willen ten minste de autonomie houden die ze onder Saddam Hussein hadden. `We vertrouwen de Arabieren voor geen cent.'

Nippend aan glaasjes mierzoete thee in de welvoorziene bazaar van de Koerdische hoofdstad Arbil bespreken Koerden bezorgd de onderhandelingen over de Iraakse interimgrondwet. De meeste Koerden beseffen dat er veel op het spel staat. Hoe nauw ze bij de gebeurtenissen elders in Irak zijn betrokken, kregen ze vorige maand ingepeperd. Min of meer gelijktijdig werden op 1 februari de kantoren van de Koerdische Democratische Partij (KDP) en de Patriottische Unie van Koerdistan (PUK) in Arbil door bomaanslagen getroffen. Er vielen meer dan honderd doden. Het wegruimen van de puinhopen is nog in volle gang.

,,Ik maak me zorgen'', zegt een ingenieur in een overdekt deel van de bazaar. ,,De laatste tien jaar hadden we zelfbestuur in onze gebieden. We zijn als de dood dat weer te verliezen.'' Een ander zegt: ,,We vertrouwen de Arabieren voor geen cent na al het leed dat ze ons hebben berokkend.''

Al maandenlang leven de Koerden tussen hoop en vrees. Hoop dat ze een aantal gebieden, waaronder de belangrijke oliestad Kirkuk, die ze als de hunne beschouwen, alsnog bij het autonome Koerdistan kunnen inlijven. Vrees dat ze het in de nieuwe constellatie in Irak, die nu onder supervisie van de Amerikanen wordt uitgewerkt, toch weer afleggen tegen de numeriek sterkere Arabieren.

,,We hebben sinds de stichting van Irak na de Eerste Wereldoorlog nog nooit zo'n prachtkans gehad om onze doelen te verwezenlijken als nu'', zegt Azad Berwari, vooraanstaand lid van de KDP. Tegelijk, zo stelt Berwari vast op het hoofdkwartier van de KDP in de besneeuwde bergen vlak ten noorden van Arbil, dreigen er grote gevaren. ,,We hebben goede kaarten maar we moeten het spel heel zorgvuldig spelen, zodat we de Arabieren en onze buurlanden, met name Turkije, niet te zeer tegen ons in het harnas jagen.''

De herinnering aan de barbaarse campagnes van Saddam Hussein, waarbij zeker 100.000 Koerden werden gedood en ontelbare dorpen van de kaart werden geveegd, is nog springlevend. Toch is het de Iraakse Koerden sinds 1991 voor de wind gegaan. Nadat Saddams troepen begin 1991 weer honderdduizenden Koerden van huis en haard hadden verdreven, grepen de Westerse mogendheden in. De VN bepaalden dat het Iraakse leger zich niet langer boven de 36ste breedtegraad mocht begeven. Zo konden de Koerden in het grootste deel van hun gebieden 12 jaar ongestoord hun gang gaan.

De resultaten liegen er niet om. Vooral Dohuk, een bolwerk van KDP-leider Barzani, en Sulaymaniya, zetel van PUK-leider Jalal Talabani, zijn uitgegroeid tot welvarende steden met blinkende warenhuizen, luxehotels en een goede infrastructuur. Koerden in de buurlanden kunnen slechts met afgunst naar zulke welvaart kijken. Hoewel hoofdstad van het autonome Koerdistan, is Arbil minder bedeeld. Maar het steekt nog altijd heel gunstig af tegen het verpauperde Kirkuk, dat buiten de autonome zone viel.

Ook politiek gezien ging het de Koerden niet slecht. Het was tamelijk vrij in hun gebieden, al bleven de traditionele leiders Barzani en Talabani de dienst uitmaken. Bij de vraag of Koerdistan democratisch is, kijken mensen in de bazaar eerst over hun schouder of er geen partijgangers van KDP of PUK meeluisteren alvorens antwoord te geven.

,,Het is hier semi-democratisch'', zegt de ingenieur, die weigert zijn naam te geven. ,,Laten we hopen dat de Koerdische partijen zich in het nieuwe Irak meer richting democratie evolueren.'' ,,We moeten onze kritiek op de bestuurders in Arbil altijd heel behoedzaam formuleren'', zegt Abdullah Ismail, die lid is van een kleine Koerdische islamitische partij. ,,Alle politiemensen zijn hier gelieerd aan politieke partijen, vooral aan de KDP.'' KDP-functionaris Berwari vindt dat onzin. ,,Mensen die zulke kritiek uiten zijn niet representatief voor de bevolking.''

Intussen manifesteert zich een nieuw element in de nog prille Koerdische democratie, een beweging om een referendum te houden over een aantal vitale kwesties. Het initiatief ging uit van een aantal Koerdische patriotten, die vinden dat de Koerden het ijzer moeten smeden nu het heet is. Ze streven twee dingen na: inlijving van Kirkuk en andere huns inziens Koerdische steden bij Koerdistan en het recht op zelfbeschikking voor de Koerden. In korte tijd wisten ze 1,7 miljoen handtekeningen te verzamelen, op een totale bevolking van vijf miljoen. De beweging gaat er vanuit dat de meeste Koerden maar al te graag `ja' stemmen voor inlijving van Kirkuk en onafhankelijkheid.

Een van de drijvende krachten achter de referendum-beweging in Arbil is Shamal Hawyzi, een gewezen journalist. Zijn ambities kennen nauwelijks grenzen. ,,We hebben langzamerhand voldoende leergeld betaald'', zegt hij in een stoffig kantoortje. ,,We willen Koerdistan hersteld zien in zijn historische grenzen, inclusief Kirkuk. En we moeten niet langer toestaan dat alle natuurlijke hulpbronnen zoals olie en water door anderen worden geplunderd.'' Ook een onafhankelijk Iraaks Koerdistan acht hij heel wel mogelijk. ,,Als de Amerikanen meewerken, kan het best. Israël heeft het toch ook overleefd, al waren alle Arabische staten daar aanvankelijk fel tegen.''

Onafhankelijkheid voor Iraaks Koerdistan? ,,Dat is op het moment gewoon niet mogelijk'', zegt de KDP'er Berwari. ,,We bewijzen de Koerden in Irak en elders een betere dienst met een autonoom Koerdistan in een federaal geregeerd Irak dan met een onafhankelijk staatje omringd door vijandige buren.''