Oumou Sangare lijkt wat verdwaald

Wie al jong aan het terugblikken slaat en het woord `traditie' laat vallen, mag niet klagen als het publiek vooral beleefd reageert. Dat overkwam de Malinese zangeres Oumou Sangare in het Amsterdamse Paradiso, waar weinig werd gejuicht en het dansen beperkt bleef tot vlak voor het podium.

Toen Sangare tien jaar geleden haar debuut in Nederland maakte, speelde ze met een band die net de elektriciteit leek te hebben ontdekt. Omdat ze pas 25 was, leek het een kwestie van tijd dat ze net zo `op modern' zou gaan als haar beroemde landgenoot Sali Keita. Met Worotan, haar derde cd met o.a. de blazers van James Brown, leek dat te gaan gebeuren, maar vervolgens werd het stil. In Mali verscheen een nieuwe cassette, maar de liedjes daarop bereikten de rest van de wereld pas in 2003, samen met een uittreksel van vorige platen op de dubbel-cd Oumou.

,,Waarom de muziek van anderen spelen, als je eigen muziek zo rijk is?'' vraagt Sangare zich in het inlegboekje af. Wat deze retorische vraag betekent, bleek gisteren in Paradiso. De stukken hebben bijna allemaal dezelfde structuur: de zangeres zingt in bijtend staccato lange rijgverhalen, het koortje herhaalt haar frasen en de band doet wat daarbij hoort: lange ostinato's spelen in dezelfde stotende ritmiek.

Met alle deuren in de juiste kleuren kan dat leiden tot spannende dansmuziek. Maar Paradiso heeft botte pech: het meisjeskoortje zingt bloedarmoedig, danst als jong Hoofddorp met een Breezer te veel op en toont slechts kwaliteit in het laten trillen van billen.

In de band zit meer talent, maar telkens als de gitarist wil uitvliegen naar Santana of Zappa wordt hij haastig teruggefloten, Sangare wil in het middelpunt blijven. Als ze in nadrukkelijk Frans een preek begint over het lijden van de vrouw vindt de zaal dat wel O.K. en voor haar uitroep `Vive la Femme' krijgt ze zelfs applaus. Maar als ze dat met een blik in de zaal laat volgen door `Et vive les hommes' is er niemand meer die het begrijpt. Die mannen waren toch de schurken!

Zangeres Oumou Sangare, heen en weer pendelend tussen Parijs en haar hotel Wasulu in Bamako, lijkt een beetje in de war. En net als wijlen Nina Simone naarstig op zoek naar antwoorden op enkele klemmende vragen: wie ben ik, waar ben ik en waar wil ik naartoe?

Oumou Sangare. Gehoord: 29/2 Paradiso, Amsterdam.