Iedereen spioneert, en iedereen zwijgt

De Britse ex-minister Short heeft opzien gebaard met haar uitspraak dat VN-chef Annan werd afgeluisterd.

Dat ze het zei, was opmerkelijker dan wat ze zei.

Wie de secretaris-generaal van de Verenigde Naties wil afluisteren, hoeft weinig moeite te doen. Een microfoontje passeert net als een cassetterecorder eenvoudig de veiligheidsscreening bij het hoofdkantoor op First Avenue in New York. En boven op de 38e etage, waar de VN-chef kantoor houdt, zetelt bij aankomst uit de lift alleen nog de veiligheidsbeambte die een bezoekersregister bijhoudt.

Vanaf zijn bureau is het linksaf nog zo'n veertig meter tot aan de werkkamer, vergaderzaal en eetkamer van de VN-chef. Wie als lid van een bezoekende delegatie vanzelfsprekend toegang heeft tot die vertrekken, kan in een onbewaakt ogenblik van alles achterlaten. Daar komt geen vermomming als schoonmaker of verwarmingsmonteur aan te pas.

Inlichtingendiensten van de Verenigde Staten, Rusland, Groot-Brittannië of Frankrijk recruteren veelvuldig medewerkers onder diplomaten uit hun eigen land, omdat die gemakkelijk toegang hebben tot informatie en hoofdrolspelers. Die informatie kan een regering vooral van belang achten in tijden van oplopende spanning, als zij exact wil weten hoe de internationale verhoudingen liggen. Dit is geen onthulling uit een recent spionagehandboek, maar een van oudsher bekend gegeven voor diplomaten, ook bij de VN. Spionage maakt soms een integraal onderdeel uit van diplomatie, zeker tijdens een crisis, en ook de VN-top ontkomt hier niet aan.

De afgelopen dagen is ophef ontstaan over de uitspraak van de Britse ex-minister Clare Short dat telefoongesprekken van VN-chef Kofi Annan vorig jaar in de aanloop naar de oorlog in Irak werden afgeluisterd van Britse zijde. De Spaanse VN-ambassadeur Arias reageerde publiekelijk het minst verbaasd: ,,Naar mijn mening bespioneert iedereen [hier] elkaar.'' In VN-kring wordt ervan uit gegaan dat de VN-chef al decennia wordt afgeluisterd, niet alleen op de 38e etage maar ook thuis in zijn residentie aan Sutton Place. Annans voorganger, Boutros-Ghali, zei vorige week dat hij al op de eerste dag van zijn aantreden in 1993 de waarschuwing kreeg dat hij overal werd afgeluisterd.

Volgens de in Amerika wonende oud-KGB-generaal Oleg Kaloegin was het afluisteren van de hoogste VN-diplomaat al normaal tijdens de Koude Oorlog. Kaloegin kon dit weten want hij spionneerde als correspondent van radio Moskou vanaf 1960 bij de VN en was later hoofd buitenlandse contraspionage van de KGB. Met een blik van `welkom-op-de-planeet-aarde' vertelde hij dit weekeinde in Diplomatic License van CNN dat de eerdere VN-chefs U Thant [1962-1971] en Waldheim [1972-1982] al werden afgeluisterd. De Sovjet-Unie had hier destijds speciaal een functionaris voor vrijgemaakt, zei de oud-spion, die in 1990 de KGB verliet.

De afgelopen dagen verklaarden ook de oud-chefs van de VN-wapeninspecteurs in Irak, Richard Butler en Hans Blix, er altijd vanuit te zijn gegaan dat zij werden afgeluisterd. Butler zei meermalen te zijn uitgeweken naar het lawaaierige cafetaria in de kelder van het VN-hoofdkantoor of naar Central Park. Volgens diplomaten worden de vertrekken van de VN-chef periodiek door technici onderzocht op afluisterapparatuur.

Oud-UNSCOM-chef Butler viel tussen 1997 en 1999 ten prooi aan spionage door inlichtingendiensten van de grote landen. Verscheidene diensten zoals de CIA vaardigden eigen medewerkers af naar de UNSCOM-afdeling in het VN-hoofdkantoor, waardoor zij met de pet van inspecteur op ook voor hun dienst in Irak informatie konden vergaren. Wie in de top van UNSCOM zat, had ook toegang tot Annans burelen. Dit `meeliften' kostte Butler, ook al was hij naar eigen zeggen een rabiaat tegenstander, later mede de kop.

Het opzienbarende van Shorts uitspraak over het afluisteren van Annan is niet zozeer wat ze zei, maar dat ze het zei. Zij heeft een code gebroken, de code van `iedereen doet het, maar niemand praat erover'. In diplomatieke kring wordt afluisteren en anderszins spioneren nog steeds tot de noodzakelijke middelen gerekend. Maar om elkaar niet in verlegenheid te brengen, zwijgt iedereen.

Politiek gezien kleeft er nog een andere conclusie aan Shorts uitspraak, gevoegd bij eerdere onthullingen dat de VS vorig jaar in de aanloop naar `Irak' de VN-ambassadeurs van niet-permanente leden van de VN-Veiligheidsraad zoals Chili en Mexico afluisterden. De VS wilden hun steun voor een tweede resolutie die geweld tegen Irak rechtvaardigde. Grote delen van de wereldopinie dachten toen dat de Amerikanen en Britten hoe dan ook op oorlog afkoersten, ongeacht de mening van anderen. Alle spionage-beschuldigingen samen leiden nu tot het beeld dat de VS en de Britten toch meer geïnteresseerd waren in andermans oordeel en dus minder zeker van hun zaak waren dan de buitenwereld toen dacht. Toch nog goed nieuws voor het multilateralisme.