Het proces-Dutroux

Een hedendaagse horrorstory. Er is geen ander woord voor de zaak van Marc Dutroux, de man die vandaag eindelijk moet verschijnen voor het assiesenhof van Arlon in het Belgische landsdeel Wallonië. De Belgische samenleving heeft bijna acht jaar moeten wachten, na de ontdekking in een Waals gehucht van de gruwelkelder met zijn geschiedenis van meervoudige ontvoering, seksueel misbruik, uithongering en moord. Alle vreselijke bijzonderheden zullen in Arlon opnieuw moeten worden opgerakeld. De assiesen zijn een vorm van juryrechtspraak. Deze brengt mee dat een zaak tot in detail aan de gezworenen wordt voorgelegd.

Een uitvoerige uitleg is in dit geval niet overbodig. De zaak-Dutroux is nog steeds omhuld door mystificatie. Toch heeft hij al geleid tot een parlementair onderzoek naar werkwijze en organisatie van de Belgische politie en justitie. Daaraan voorafgaand waren er de witte marsen, georganiseerd door de ouders van de slachtoffers, waarin een diepgevoeld doch doorgaans weggestopt protest tegen het verziekte Belgische bestel tot uiting kwam. Tot blijvende politieke hervormingen heeft dit niet geleid, maar wel tot een reorganisatie van de Belgische politie. Het valt te betwijfelen of deze werkelijk een eind heeft gemaakt aan de interne verdeeldheid binnen het politieapparaat. Nederland, dat al in 1993 zijn verbrokkelde politiebestel op de schop nam, is daar overigens nog steeds niet vrij van.

Het is zaak de voortdurende vertrouwensvraag te scheiden van het proces in Arlon. Van de gezworenen kan niet worden gevergd dat zij de structurele problemen die de zaak-Dutroux oproept, meenemen in hun oordeel. Enige overlap is echter onvermijdelijk. Met name in de gevallen van de ontvoerde en later omgekomen meisjes Julie en Melissa is sprake geweest van onbegrijpelijke blunders in het opsporingsonderzoek. Maar ook daarvoor waren er genegeerde alarmsignalen. Het onderzoek tegen Dutroux is gekenmerkt door touwtrekken tussen politiediensten, tussen verschillende arrondissementen, tussen aanklager en onderzoeksrechter. Een spil daarin was een stroom van veronderstellingen en tips dat Dutroux deel uitmaakte van een seksnetwerk en werd gedekt door `hoge heren'.

De `piste' van het seksnetwerk, zoals onze zuiderburen dat noemen, is een van de redenen die worden aangevoerd voor de omstandigheid dat het wel erg lang heeft geduurd dat Dutroux voor zijn rechters verschijnt. Deze lange aanloop maakt de procedure juridisch kwetsbaar, want het Europese recht bindt elke strafvervolging, van officiële verdenking tot einduitspraak, aan `een redelijke termijn'. Zelfs de verdachte in een onvoorstelbare gruwelzaak heeft recht op een eerlijk proces. Het tijdsverloop heeft echter ook een positieve kant. Het kan de juryleden beter in staat stellen de vereiste afstand te nemen van de hevige emoties die de afschuwelijke ontdekkingen in het diepe zuiden van hun land hebben losgemaakt. De betekenis van het proces blijft niet beperkt tot Wallonië of tot België. De zaak-Dutroux heeft in Europa gezorgd voor een schok, die noopt pijnlijke vragen over misbruik van kinderen beter onder ogen te zien. Elk land moet dat op zijn eigen wijze doen, maar kan ook iets leren van het proces dat nu in Arlon begint.