Barbers `Vanessa' verrassende opera

`Een eye-opener voor Europeanen' – zo noemde een criticus de opera Vanessa van Samuel Barber bij de succesvolle première in 1958. Waarschijnlijk bedoelde hij ook een `ooropener', want Vanessa paart een `conservatief' tonaal idioom aan verassende vondsten, en daagt de kleine solistische bezetting uit tot grote emoties. Ook puur orkestraal biedt Vanessa twee uur Barber op zijn best; van zwoele salonmuziek tot kleurrijke verrassingsvondsten. Dat de opera desondanks pas zaterdag in de Matinee de Nederlandse première beleefde, onderstreept slechts het enorme belang van deze concertserie. De opname van Vanessa is morgeavond te horen op Radio 4.

Het Nederlandse succes van Vanessa werd gedragen door Jaap van Zweden, die van zijn bijzondere liefde voor opera geen geheim maakt. Van Zweden wordt in 2005 chef-dirigent van het Radio Filharmonisch Orkest en nam een voorschot op de toekomst door het orkest nu al met zichtbare chemie en hoorbare pathos te enthousiasmeren voor de voortdurend wisselende sferen en kleuren van Barbers muziek.

Het libretto van Vanessa, geschreven door componist Gian Carlo Menotti, is zo drakerig dat Maria Callas de titelrol weigerde. Vanessa wordt verliefd op Anatol, de losbollige zoon van haar ex-geliefde, die eerst haar nichtje Erika bezwangert. Onmogelijk, oordeelde Callas. Welke sopraan wordt er nu nog verliefd op een man die zich eerst aan de mezzosopraan vergrijpt?

Callas' weerzin geeft goed weer dat Vanessa een echte vrouwenopera is, met drie vrouwenrollen in het middelpunt en mannenrollen als munitie voor de handeling. Een opvallende bijrol (huismeester) was er voor de jonge, soepele Nederlandse bariton Henk Neven. Innemend divers was diens stemgenoot Michael Lewis als dokter; grappig in zijn dronkemansscène en zalvend in Under the willow tree, het melancholieke dansdeuntje waarop door Vanessa en Erika wordt ingehaakt in oorstrelend duet.

Barber laat zijn muziek hier laveren tussen klezmerachtige melancholie en Straussiaanse glans, maar permitteert zich soms ook een kluchtige kant. Waar Erika haar liefdesnacht met Anatol opbiecht aan de oude barones (Joyce Castle), reageert die met een ,,Erika, Erika!'' in hoofdschuddende driekwartsmaat.

Als Erika was de Amerikaanse mezzosopraan Kristine Jepson dé ontdekking van de Matinee, door de volstrekt vloeiende en warme wijze waarop zij haar personage bloed naar de wangen joeg in, bij voorbeeld, het donkere Must the winter come so soon? In de opera gaat Vanessa er met Anatol van door, maar vocaal is Jepson warmer en aimabeler dan Carol Vaness die als Vanessa een roldebuut maakte. Vaness was vorig seizoen nog te zien in Verdi's Macbeth bij de Nederlands Opera, en imponeerde nu met dezelfde troeven. In haar stem verenigt zij gevoileerde vertwijfeling en fel snerpende feeksigheid, en juist die eigenschappen kwamen Vanessa goed van pas.

Een roldebuut maakte ook de Nederlandse tenor Marcel Reijans (Anatol), die nog niet eerder zó elegant, makkelijk en breed stromend zong. In het slotkwintet vloeiden al deze bovendien uitstekend mengende stemmen samen in één groot pleidooi voor Barbers muziek. Hoe is het mogelijk dat een opera als Vanessa zo lang als `conservatief' werd afgedaan!

Concert: Vanessa van S. Barber door het Radio Filharmonisch Orkest/Groot Omroepkoor o.l.v. Jaap van Zweden m.m.v. Carol Vaness (Vanessa), Kristine Jepson (Erika), Marcel Reijans (Anatol) e.a. Gehoord: 28/2 Concertgebouw, Amsterdam. Radio 4: 2/3, 20 uur.