Keutelen over de koers

Weg met de dixieland en de hockeyclub. De VVD moet zich veel nadrukkelijker links- liberaal profileren op thema's als een schoner milieu en behoorlijk openbaar vervoer. Dat vinden Mark Rutte en Melanie Schultz, allebei dertiger en allebei staatssecretaris voor de VVD. Hun voorstel roept felle reacties van partijgenoten op.

`Een politieke partij is geen schoensmeer.'

,,Ik heb er erg van opgekeken hoeveel discussie er over onze uitspraken is ontstaan', zegt VVD-staatssecretaris Melanie Schultz (33). Dat was niet haar opzet. Maar nu zij en haar collega-staatssecretaris Mark Rutte (36) vorige week, min of meer per ongeluk, in de Volkspartij voor Vrijheid en Democratie de geest van ideologische discussie uit de fles hebben gelaten, kunnen ze net zo goed doorgaan – vinden Schultz en Rutte allebei.

,,Het is helemaal niet erg als de discussie ongemakkelijk is', zegt Rutte. ,,Laten we in de VVD maar eens rustig een half jaar met elkaar in debat gaan. De VVD heeft een nieuw mentaal model nodig, dat je niet ex cathedra kunt afkondigen. We hebben behoefte aan een stevige discussie, om te zien hoe de VVD de veertig Kamerzetels kan bereiken. Dat potentieel is er, maar dan moeten meer mensen zich in de VVD herkennen.'

Schultz en Rutte bepleiten veranderingen in de partijcultuur én de politieke oriëntatie van de VVD. ,,Rationeel voelen veel meer kiezers dan nu zich tot de VVD aangetrokken', zegt Schultz. Maar het rechtse imago van de partij maakt dat ze er toch niet op stemmen. ,,We moeten duidelijk maken dat we ter linkerzijde meer te bieden hebben dan de mensen vaak denken.' Dus niet alleen hameren op traditionele VVD-thema's als financiële degelijkheid en veiligheid, maar ook op gezondheidszorg, natuurbehoud, onderwijs, het gebrekkig niveau van publieke voorzieningen – de zorgen van jonge gezinnen. De partij moet aantrekkelijker worden voor wie nu nog PvdA of D66 stemt.

Jozias van Aartsen, fractieleider in de Tweede Kamer en steeds duidelijker politiek leider van de VVD, vindt het prima. ,,Hoe meer debat, hoe beter.' Van Aartsen had zelf vorig jaar al gepleit voor debat over een nieuw beginselprogramma voor de VVD – het laatste `Liberaal manifest' dateert uit 1972.

Een debat over de algemene politieke oriëntatie. De VVD-leden zijn nauwelijks bekomen van andere interne discussies de afgelopen maanden: over de introductie van het one man, one vote in de interne partijdemocratie, over het soms luidruchtig dualisme van hun Kamerfractie jegens de `eigen' bewindslieden, over geruchtmakende standpuntwijzigingen van de partij in kwesties als de gekozen burgemeester of het instrument van het referendum. Die veranderingen worden door de partij gesteund, soms na pittig debatteren in de afdeling of op het partijcongres. ,,Ik zou geen voorbeeld weten in de parlementaire geschiedenis van een partij waar binnen één jaar zoveel is veranderd als bij de VVD nu', constateert Gerrit Voerman, directeur van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen in Groningen.

Wie VVD-leden in den lande belt en spreekt ontdekt dat de aanmoediging van Van Aartsen overbodig is. Iedereen heeft een mening over wat Rutte en Schultz gezegd hebben. Maar merkbaar is wel dat een debat over wat liberalisme is of zou moeten zijn de meeste VVD'ers verwondert of ergert. Op de meeste partijbijeenkomsten gaat het bijna uitsluitend om de praktische politieke agenda: belastingen, bestemmingsplannen, dat soort dingen. In dat opzicht is de VVD een bestuurderspartij zonder ideologie geworden.

,,Ik heb Mark Rutte meteen opgebeld toen ik las dat hij vond dat de VVD te veel Wassenaar-achtig was', zegt Rob Perik, VVD-fractievoorzitter in de Wassenaarse gemeenteraad. ,,Ik heb hem uitgelegd dat hij met zo'n opmerking de bevolking van Wassenaar onrecht doet. Er zijn hier inderdaad wijken waar de VVD 60, 70 procent haalt. Maar in de wijken waar de inkomens minder hoog liggen scoren we nog altijd boven het landelijk gemiddelde. Dus als Rutte de VVD een bredere basis wil geven en minder elitair wil maken, dan is Wassenaar een schoolvoorbeeld.'

Ook de ironische opmerkingen van Rutte over het hoge parelketting-gehalte van de VVD zijn niet overal goed gevallen. Henriëtte van Aartsen, vrouw van de fractieleider van de VVD in de Tweede Kamer, heeft – naar eigen zeggen – uit protest bij het bezoeken van een Haagse receptie deze week haar parelketting omgedaan. ,,Ik draag trouwens zelf ook parelkettingen', zegt Schultz relativerend.

,,Iedereen weet wel meteen wat je bedoelt, als je de VVD in verband brengt met parelkettingen en blauwe blazers', geeft Perik toe. ,,Dixieland, Rotary, golfbanen, hockeyclub, ik kom het allemaal tegen in mijn partij', verzucht ook het Arnhemse raadslid Anno Zijlstra (50). ,,Maar het maakt me eigenlijk niet uit. Mijn partner is lid van de PvdA. Daar wemelt het van de onderwijzers en ambtenaren. Het zijn allemaal stereotypen, waar je weinig mee kunt in de politiek. Als we de tuttigheid hebben vastgesteld, mogen we dan door naar het echte debat?' Het Groningse raadslid Betty de Boer (32), naar eigen zeggen van proletarische komaf en geen bezitster van een parelketting vindt het ,,maar goedkoop om zoiets te roepen. Aan de andere kant is het natuurlijk waar dat de VVD'ers vaak een beetje ingedut lijken, en dat de partij veel te weinig aantrekkingskracht uitoefent op de jongere garde. Ik kijk wel eens met afgunst naar de SP, daar zijn de leden veel makkelijker te mobiliseren.'

Imago

Het échte debat – wat is dat voor de VVD? ,,Geen richtingenstrijd', probeert Van Aartsen nog, maar dat is vergeefs. De richtingenstrijd is er al.

Oriëntatie op het politieke midden – dat is wat Rutte bepleit. Meer sociaal gezicht – de kiezer moet inzien dat de zwakkeren in de samenleving tenslotte meer gebaat zijn met de benadering van de VVD – eigen verantwoordelijkheid – dan met de benadering van de PvdA: steeds meer overheidsgeld erbij.

Rutte ziet zijn eigen portefeuille op Sociale Zaken en Werkgelegenheid als een proeftuin op dit gebied. ,,De PvdA wil alle Melkertbanen behouden. Als staatssecretaris van de VVD zeg ik: ik wil ze wel behouden, maar alleen als opstapje naar volledig betaalde banen, om mensen weer volwaardig terug te brengen in het arbeidsproces. Dat is volgens mij veel socialer.' ,,Een warme partij', streeft Schultz na, sprekend over het VVD-imago.

Het is zeker niet overdreven te zeggen, dat de benadering van Rutte en Schultz bij een deel van de partij grote bezorgdheid wekt. ,Een heel slecht idee', meent Patrick van Schie, directeur van de Teldersstichting, het wetenschappelijk bureau van de VVD. ,,De partij put zijn kracht uit het eigen gedachtegoed. Leunen naar links vervreemdt ons van de huidige kiezers en heeft, ook bij de vooroorlogse liberale partijen, altijd tot een electorale ramp geleid. Zie de sociaal-liberale koers van Dijkstal in 2002, of Joris Voorhoeve in 1989.'

Het schermen met formuleringen als `sociaal liberalisme' sust wellicht het eigen geweten, maar het trekt geen nieuwe stemmen ter linkerzijde, meent Van Schie. ,,Er zijn in de geschiedenis van de VVD drie periodes van groei – onder Oud, Wiegel en Bolkestein. Dat waren alledrie leiders die tegen links terugpolariseerden.' Opvallend is trouwens, aldus Van Schie, dat niemand ooit precies kan uitleggen wat dat dan is, `sociaal liberalisme' of `links-liberalisme'.

,,Het gekeutel over de koers van de VVD is zo oud als de weg naar Rome', meent ex-leider Hans Wiegel, met vermoeidheid in de stem. ,,Ik zou zeggen: houd koers, anders maak je je kwetsbaar. In ieder geval is het aantal kiezers dat ter linkerzijde valt te halen niet zeer omvangrijk: drie zetels bij de PvdA, schat ik. De vraag hoe je de inhoud zó formuleert dat je de aanhang van de VVD verbreedt is natuurlijk altijd een goede. De geschiedenis leert: door een stevige, harde presentatie. Zo hebben Oud, Bolkestein en ik dat gedaan.' Dat de socialisten van de PvdA bezig waren het land naar de donder te helpen, en D66 hun bijwagen was – dat waren Wiegels thema's in de jaren zeventig – niks geen charmeoffensief naar de linkse stemmer.

Ook Derk-Jan Eppink, werkzaam in de staf van eurocommissaris Bolkestein in Brussel, ziet weinig in een leunen naar links. ,,Je wint er nauwelijks iets mee, maar je vervreemdt wel al die bakkers, slagers en makelaars van je, die nu op de VVD stemmen. De ruimte die Rutte en Schultz zoeken zit juist op rechts. Daar ligt de kans om echt een `volkspartij' te worden'. Als je dat niet doet, schep je rechts van de VVD ruimte voor nieuwe partijen, zoals de LPF – denkt Eppink.

,,Het is een grote fout om te denken dat de winst voor de VVD op links ligt', denkt ook Tweede-Kamerlid Van Baalen, campagneleider van de VVD bij de laatste verkiezingen. ,,In mei 2002 hebben we gezien waar dat mee is geëindigd: 24 armzalige zeteltjes. Er ligt voor ons juist op centrum-rechts terrein braak: het terrein van Fortuyn, van Peter R. de Vries, van Balkenende. En als er dan ook nog een verdwaalde PvdA'er op ons stemt – des te beter'.

Er bestaat in de VVD ook wel degelijk steun voor de ideeën van Schultz en Rutte. Éminence grise Henk Vonhoff, net als Wiegel erelid van de VVD, vindt ,,het betoog van Rutte en Schultz op zichzelf heel sympathiek. Het liberalisme hoort in het midden thuis. Dat is een lastige kiezersmarkt, al was het maar omdat daar ook anderen, zoals PvdA en CDA, opereren. Maar daar ligt wél de toekomst. De keus voor het midden geeft ook aan dat het liberalisme geen conservatieve stroming is.'

,,Liberalisme is geen conservatisme', vindt ook Frits Huffnagel. Hij is als opvolger van Geert Dales benoemd tot VVD-wethouder Financiën in Amsterdam. Maar ja, geeft hij toe, de Amsterdamse VVD stond altijd al een beetje links in de partij: ,,In Amsterdam vinden andere partijen ons rechts, maar binnen de VVD in de rest van het land gelden we als links.' Er leeft in de partij veel ,,koudwatervrees' voor linkse besmetting, meent Huffnagel. ,,Zelf heb ik al in 1999 bepleit dat we zo snel mogelijk met D66 fuseren.'

Huffnagel ergert zich er trouwens aan, dat rechtse VVD'ers de figuur van Bolkestein zo voor zichzelf opeisen. ,,Bolkestein is helemaal geen rechtse man.' Voor Rutte is Bolkestein een lichtend voorbeeld. De manier waarop hij zich bepaalde thema's intellectueel eigen maakte en ze dan toch beknopt als politieke boodschap wist te vertalen – zo zou ieder Kamerlid moeten werken, meent Rutte.

PvdA-schrikbeeld

Sommigen zijn naar zijn gevoel al op de goede weg: Geert Wilders met `buitenland', Anoushka van Miltenburg met `gezondheidszorg', Ayaan Hirsi Ali met `integratie'. ,,Omdat hij zich op zo'n terrein tot autoriteit had ontwikkeld, kon Bolkestein elke tegenaanval pareren', zegt Rutte bewonderend. Van Baalen reageert daarop met enig sarcasme: ,,Het heeft weinig zin om de methode van Bolkestein te willen navolgen, zonder de politieke inhoud van Bolkestein te willen overnemen.'

In één opzicht konden de twee vernieuwingsgezinde staatssecretarissen vorige week op vrijwel unanieme afkeuring rekenen. Dat was vanwege hun neiging om, zoals Vonhoff het uitdrukt, ,,in de discussie het eigen huis bij de oude boedel te zetten. Dat is heel onverstandig'. Het heeft Vonhoff buitengewoon gestoord dat Rutte de VVD een ,,sleets merk' heeft genoemd: ,,een politieke partij is geen schoensmeer!'

Lichte ontsteltenis heeft ook gewekt dat Schultz in Het Parool heeft gesuggereerd dat er misschien beter een nieuwe liberale partij zou moeten komen, bestaande uit VVD, D66 en delen van de PvdA. ,,Die volgorde is helemaal verkeerd', zegt bijvoorbeeld de Noord-Hollandse gedeputeerde Henry Meijdam. ,,We moeten eerst onze eigen partij inhoudelijk positioneren, daar is de VVD hard aan toe. Daarna pas kunnen we eens gaan kijken wat op de politieke kaart geestverwante organisaties zijn.'

Ook voor Van Aartsen, zelf een verklaard voorstander van een fusie met D66, is het onderwerp `nieuwe liberale partijvorming' op dit moment duidelijk een brug te ver. ,,Het gaat ons om de kiezers', benadrukt hij. ,,Ik heb er nu geen behoefte aan om met de PvdA te praten, maar die kiezers wil ik wel hebben.' Met genoegen heeft Van Aartsen onlangs mogen aanhoren dat PvdA-leider Wouter Bos, sprekend over spanningen binnen zijn eigen partij, het schrikbeeld van een mogelijk massaal overlopen van kiezers van de PvdA naar de VVD heeft opgeroepen. ,,Deze angst lijkt mij alleszins gerechtvaardigd', aldus Van Aartsen glimlachend.

Zo kort na het electorale debacle van 2002 vertonen de drie Nederlandse partijen die op de een of andere manier liberaal zijn, of historisch op een liberale component kunnen bogen – VVD, D66 en PvdA – duidelijk weinig animo op het gebied van samengaan, of nieuwe partijvorming. ,,Veel VVD'ers poseren alleen maar als linksliberalen', zegt Kamerlid Boris van de Ham (30), een van de weinige D66'ers die in het verleden van een affiniteit met de VVD getuigd heeft, en een generatiegenoot is van Rutte en Schultz. ,,Ik zie nu niets in fusies. Ik ben erg sceptisch over wat Rutte en Schultz aan het doen zijn. Volgens mij blijft het bij het afdekken van een vleugel binnen de VVD.'

Ruud Koole, voorzitter van de PvdA, denkt eveneens dat toespelingen over een nieuwe liberale partijformatie op dit moment ,,nogal gratuit' zijn. ,,Ik ben voor een zo breed mogelijke progressieve samenwerking, ook met linksliberalen. Maar vooral niet op het niveau van gesprekken tussen partijen. Als je daaraan begint, gaat er enorm veel energie verloren.' Dat zou misschien anders kunnen worden als Nederland – zoals PvdA-leider Wouter Bos bepleit – door een wijziging van het kiesstelsel een politiek tweestromenland zou worden. Maar zover is het nog lang niet – als het er ooit van komt.

,,Partijen gaan alleen maar tot fusie over wanneer ze lijden aan onstuitbaar verlies van leden en electoraat', meent De Groningse politicoloog Voerman. Hopeloosheid was het motief bij drie van de vier fusies uit de geschiedenis waarbij drie of meer partijen betrokken waren: de vorming van de Vrijheidsbond (een samengaan van liberale partijen in 1921), het CDA en GroenLinks. De enige uitzondering is de vorming van de Partij van de Arbeid in 1946: die ontstond, in het naoorlogs enthousiasme voor de gedachte aan `doorbraak' van oude politieke verhoudingen, door een samengaan van de marxistisch georiënteerde SDAP, met de kleine christelijke CDU en de VDB, de Vrijzinnig Democratische Bond.

De nagedachtenis aan deze VDB hangt als een trait-d'union – of voor sommigen spook – boven de gedachte aan liberale samenwerking tussen de verschillende partijen. Dat komt omdat – terwijl weinigen nog precies weten wat het programma was van de VDB, die in 1901 was ontstaan door een scheuring in de liberale beweging – maar liefst drie partijen erop bogen de erfgenaam van de VDB te zijn: de PvdA, waarin de VDB in 1946 rechtens opging; de VVD, waarheen een deel van de met hun positie in de PvdA ontevreden VDB-kaders vervolgens overliep onder leiding van P.J. Oud, die een van de historische leiders van de VVD zou worden; en ten slotte D66, dat zich er sinds enkele jaren op beroept inhoudelijk de erfgenaam van de VDB te zijn, nadat aanvankelijk de partij decennialang geweigerd had, zich `liberaal' te noemen.

Marchant

D66-fractieleider Boris Dittrich bracht de VDB afgelopen jaar zelfs ter sprake bij de algemene politieke beschouwingen in de Kamer. Hij refereerde aan het ,,systeemloos model' van H.P. Marchant, een van de grote figuren van de VDB, als voorloper van de door D66 gehuldigde afkeer van politieke ideologieën.

Koole ziet in de huidige PvdA nog duidelijk de geestelijke erfenis van de VDB. Na een tijdelijk oprukken van de ,,arbeideristische retoriek' in de jaren zeventig, doet de PvdA sinds de jaren negentig weer meer recht aan de vrijzinnig-democratische erfenis, vindt Koole. ,,Democratisch socialisme – de term zegt het eigenlijk al. De PvdA is – in de stijl van de VDB – voor emancipatie en ontplooiing van het individu. Maar altijd in combinatie met solidariteit en sociale zekerheid die je de erfenis van de SDAP zou kunnen noemen.'

Of je het vrijzinnig-democratisch gedachtegoed binnen de PvdA als `liberaal' kunt omschrijven is voor Koole nog maar de vraag. ,,De vrijzinnig-democraten noemden zichzelf tenslotte ook niet liberaal.' Om dezelfde reden meent Van Schie van de Teldersstichting ook dat de VVD helemaal niets van doen heeft met de vrijzinnig-democratische erfenis. ,,De VDB was misschien een verwante organisatie, maar geen liberale partij.'

Dat ziet Van Aartsen toch subtieler. ,,De VDB is in de PvdA verloren gegaan. Sindsdien vormt de VVD het concentratiepunt voor al diegenen die vrijheid en eigen verantwoordelijkheid voorstaan, en die niet geloven in politieke systemen. De liberalen zijn het sterkst', meent Van Aartsen, ,,wanneer ze in hun verscheidenheid zijn geconcentreerd in één partij.'

Het is precies deze brede basis, met ruimte voor linkse schakeringen, die sommige VVD'ers met lede ogen aanzien.

,,Ik zou zeggen, vind eerst eens uit wat ons in de VVD bindt, en kom pas daarna met voorstellen ter verbreding van ons publiek', meent Van Schie. In de VVD heeft het immers al heel lang aan ideologisch debat ontbroken. Eppink meent dat ,,het gevaarlijk is om in één partij de liberale stroming met een meer links-liberale stroming te willen samenbrengen. Je ziet dat bij de Vlaamse VLD van de Belgische premier Verhofstadt – dat is een partij in permanente spanning, die bovendien ter rechterzijde veel ruimte laat liggen. Mede daardoor is het Vlaams Blok zo groot hier.'

,,Het is gewoon een semi-intellectueel idee bij sommige VVD'ers dat het links zoveel leuker en lekkerder is', vat Van Baalen de bedoeling van zijn opponenten samen. ,,Het praat natuurlijk ook reuze gezellig, maar het zijn onze stemmers niet.'

Dat wordt naar het zich laat aanzien een levendig debat. Het partijbestuur komt binnenkort met voorstellen, hoe de gedachtewisseling over een nieuw Liberaal Manifest vorm krijgt. De VVD besloot vorig jaar `ideeën- en debatpartij' te zijn – onverwacht snel doet zich de mogelijkheid voor dat ook te worden.

Gerectificeerd

Van Aartsen

In het artikel Keutelen over de koers (31 januari, pagina 46) zegt VVD-fractieleider Van Aartsen dat zijn partij ,,concentratiepunt voor al diegenen' is ,,die niet geloven in politieke systemen'. Bedoeld was ,,collectieve systemen'.