Brug zonder oevers

De Britse premier Tony Blair door- stond deze week een dubbele vuurproef. Hij overleefde het debat over collegegelden en het rapport Hutton. Maar zijn politieke toekomst is allerminst verzekerd. Over massavernieti- gingswapens, besturen vanaf de sofa en de macht van de Franse president. `Chirac heeft vergif in onze bloedsomloop geïnjecteerd.'

In zijn dagboeken beschrijft de Britse liberale politicus Paddy Ashdown een gesprek met premier Tony Blair over het kat-en-muisspel met de VN-inspecteurs, waarmee Saddam Hussein de leden van de V-raad uit elkaar speelde. Blair vindt het ,,van vitaal belang om het doel van de inspecties te blijven benadrukken'', schrijft hij, want volgens hem ,,krijgt de wereld hoe langer hoe meer oog voor het gezichtspunt van Saddam''.

,,Ik heb nu [het inlichtingenmateriaal] gezien en het is echt behoorlijk eng'', laat Ashdown de premier zeggen. ,,[Saddam] heeft bijna een paar van die afschuwelijke massavernietigingswapens. Ik begrijp niet waarom de Fransen en anderen dit niet begrijpen. We kunnen hem daar niet mee weg laten komen. De wereld denkt dat het alleen maar tactisch manoeuvreren is. Maar het is echt bloedserieus.''

Het is dan november 1997. Monica Lewinsky brengt ongestoord cadeautjes naar het Witte Huis. Ashdown koestert de illusie dat Blair zijn partij in een coalitieregering met Labour zal vragen. Tony Blair (44) woont koud een half jaar op 10 Downing Street en zijn buitenlandervaring is nog zo goed als non-existent. Maar in zijn wereldbeeld nemen de massavernietigingswapens (mvw's) van de Iraakse dictator al een prominente plaats in. Sommigen van Blairs landgenoten geloven dat hij zich het risico van die wapens na de terreuraanslagen van 11 september 2001 door George W. Bush heeft laten aanpraten. Het is eerder andersom. ,,Als de president die wapens niet aan de orde zou stellen, zou ik hem wel pressen om het te doen'', heeft Blair gezegd. In december 1998 openden de Amerikaanse president Clinton en de Britse premier Blair samen de aanval op Saddam met een massaal luchtbombardement op zijn paleizen, militaire doelen en de industrie. De regen van bommen en kruisraketten moest de Iraakse capaciteit om mvw's te ontwikkelen ,,degraderen''. De val van Saddam was geen hoofddoel, maar als het onverhoopt zou gebeuren, was het ,,een welkome bonus'', zei de Britse regering.

De halfhartige Operatie Desert Fox was geen succes. Tussen de Angelsaksische permanente leden van de Veiligheidsraad en de andere drie – Frankrijk, Rusland en China – zou het over Irak niet echt meer goed komen. De VN-inspecteurs zouden de komende jaren niet in Irak terugkeren. Saddam kon de schade herstellen en bleef zitten.

Bijna vijf jaar later, in maart 2003, trok Blair opnieuw aan de zijde van een Amerikaanse president ten strijde tegen Irak. Dit keer met grondtroepen, die anders dan in de eerste Golfoorlog (1990-'91) nu wel optrokken naar Bagdad. Saddam is intussen gevangen. Dat was het doel van president Bush. Maar de chemische en biologische wapens die Blairs casus belli vormden, blijven nog onvindbaar. Sterker, het wordt steeds aannemelijker dat ze er sinds de vorige Golfoorlog al niet meer waren.

Lord Hutton, een rechter, zuiverde Blair deze week van de beschuldiging dat hij het land in de aanloop naar de jongste oorlog over die mvw's had misleid, zoals de BBC volhield. Downing Street wist, zei radiojournalist Andrew Gilligan, dat Saddam niet in staat was om binnen 45 minuten mvw's in te zetten. Maar de bewering zou toch zijn opgenomen in het dossier dat in september 2002 werd gepubliceerd om de sceptische Britten ervan te overtuigen dat een oorlog nodig was. Want zo kon Saddam worden voorgesteld als een clear and present danger.

De BBC beriep zich voor die beschuldiging op de wapenexpert en biochemicus David Kelly, die in juli vorig jaar zelfmoord pleegde, nadat de druk hem te veel werd waaraan hij bloot stond toen zijn naam openbaar was geworden. De omroep – journalisten, hun managers en het bestuur – had zijn werk schandalig slecht gedaan, oordeelde Hutton. Wat Kelly precies had gezegd, was niet meer na te gaan. Maar dat de `45 minutenclaim' in het dossier was terechtgekomen was geen boze opzet geweest, ook al zou later blijken dat die bewering onjuist was. Op het moment van publicatie was hij volgens de geheime diensten geloofwaardig, aldus de rechter.

Een negatief vonnis van Hutton, hetzij over het dossier, hetzij over de manier waarop Kelly's naam was uitgekomen, had Blair zijn premierschap kunnen kosten. Nu kan hij volhouden dat zijn critici de ,,echte leugenaars'' waren. Toch twijfelen veel Britten, inclusief partijgenoten van de premier, nog steeds. Aan Hutton én aan de rechtvaardigheid van de oorlog. Als Blairs motieven niet vals waren en hij het dossier niet heeft `opgesekst', dan heeft hij op zijn minst het land op grond van onjuiste informatie in een oorlog gestort, zeggen ze. En hoe kon het zijn dat de inlichtingendiensten de plank zo spectaculair hadden misgeslagen?

Blair hoeft voorlopig niet te proberen de Britten te laten meedoen aan een nieuw Amerikaans avontuur. Ze zijn wel blij dat Saddam weg is en in meerderheid vinden ze ook dat het Verenigd Koninkrijk het karwei in Irak nu moet afmaken. Maar een streep onder het verleden zetten, zoals Blair vraagt, kunnen ze niet zolang die mvw's niet opduiken. Of zolang Blair niet toegeeft dat ze er niet waren.

Charles Kennedy, die Paddy Ashdown is opgevolgd als leider van de Liberal Democrats, zei het woensdag zo: ,,We zijn nog steeds niet dichterbij de fundamentele vraag waarom dit land op grond van een valse prospectus ten strijde trok.'' Daarom is volgens hem een nieuw openbaar onderzoek nodig. Tony Blair mag af en toe zeggen dat ,,de geschiedenis'' gunstig over hem zal oordelen, volgens Kennedy is het voorlopig beter om dat aan het Britse volk over te laten.

Dat oordeel is nu meedogenloos. Een meerderheid van de Britten vindt dat Blair zijn wapendossier wel degelijk heeft `opgesekst', al vond Lord Hutton van niet. Zijn kritiek heeft de BBC in de ergste crisis in haar bestaan gestort. Maar Blair, minister Hoon (Defensie), zijn ex-spin doctor Alastair Campell, de inlichtingendiensten en de andere ongekozen functionarissen met wie Blair de oorlog vanaf de sofa's in zijn den in Downing Street voorbereidde, zijn onterecht aan Huttons kritiek ontsnapt, vindt een meerderheid in het land.

Airstrip One

In George Orwells parabel 1984 heet het Verenigd Koninkrijk Airstrip One. Het is een deel van Oceanië, het werelddeel dat permanent in oorlog is, afwisselend met Eurazië en Oostazië. Die naam kwam niet uit de lucht vallen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog en de Koude Oorlog beschouwden de Amerikanen het Britse eiland als een onzinkbaar vliegdekschip voor de kust van het Europese continent.

Tory-premier Margaret Thatcher had weinig moeite met die rol. Blair wel, zei hij. Na de harde Euroscepsis uit Thatchers nadagen, en de ambivalentie onder haar opvolger John Major, zei Blair dat hij zijn land opnieuw in de Europese Unie wilde verankeren. Hij tekende alsnog de sociale paragraaf van `Maastricht' (die Major in 1991 had ontweken) en via een reeks bondgenootschappen met de toenmalige centrum-linkse regeringen van Frankrijk, Denemarken, Duitsland, Zweden, Portugal en Nederland deed hij optimistisch pogingen een ,,nieuwe sociaal-democratische consensus'' te scheppen. Hij nam het voortouw bij de economische hervorming van de EU. En bij de uitbreiding naar het oosten, die niet alleen was bedoeld om de Franse invloed te verdunnen met vrienden van Amerika, zoals president Chirac vreest. Bij herhaling verklaarde Blair dat zijn land thuishoorde ,,in het hart van Europa'', en zelfs dat het ,,het Britse lot is een Europese natie te zijn''. Daarbij hoorde óók, zo hoopten de continentale `partners', zij het tot nu toe ook tevergeefs, deelname aan de euro.

Blairs ideale Europees bestuur was – hoe kon het anders – een `derde weg' tussen een losse vrijhandelszone en een strakke federatie naar Duits of Frans model. De afzonderlijke lidstaten moesten in zijn blauwdruk elk zoveel mogelijk soevereine macht houden, maar ook een deel van hun macht bundelen. Want het collectief heeft volgens hem politiek, economisch én militair meer gewicht dan de som van de individuele leden. Zo kon Europa een supermacht worden zonder een superstaat te zijn, zei hij tijdens een toespraak in Warschau in het jaar 2000.

Dat betekent allemaal niet dat Blair de special relationship met Washington opgaf, de transatlantische lijn die al vijftig jaar een constante van de Britse diplomatie is. Integendeel. Maar hij wilde alleen niet langer dat er naar het continent slechts een stippellijntje liep. ,,Als hij moet kiezen, zal Blair altijd transatlantisch kiezen'', zegt Michael Clarke, hoogleraar internationale politiek aan King's College in Londen. ,,In dat opzicht heeft hij dezelfde reflex als een Thatcher of een Churchill. Maar Blair ziet zijn politieke taak juist als het voorkomen dat hij móet kiezen.''

De metaforen die Blair het liefst voor die positie gebruikt zijn een `brug' of een `spil'. ,,We zijn de onthoudingsverschijnselen van het verloren Empire nu te boven'', zo omschreef hij in december 1999 de Britse rol in de wereld. Het Verenigd Koninkrijk is geen wereldmacht en moet het ook niet willen zijn, maar dat betekent niet dat het zijn ambities moet opgeven. De beste rol is die van ,,een spil, op het kruispunt van de allianties'', zei Blair, met ,,gewicht in Europa en een stem in Washington''.

Ook die mededeling kwam niet uit de lucht vallen. Juist die `spilfunctie' had Blair waargemaakt tijdens de Kosovo-crisis in het voorjaar van datzelfde jaar, toen de NAVO met een `humanitaire interventie' buiten de VN om een einde maakte aan het Servische bestuur. Toen haalde hij Clintons Amerika over om zich niet afzijdig te houden. ,,Genocide kan nooit alleen een binnenlandse aangelegenheid zijn'', zei hij tijdens een geruchtmakende toespraak in Chicago, vlak voor de bedorven vijftigste verjaardag van de NAVO.

Bij die gelegenheid vatte hij nog eens zijn wereldbeeld samen. ,,Wij leven in een tijd waarin isolationisme geen bestaansrecht meer heeft'', zei Blair. ,,Veel van onze binnenlandse problemen worden veroorzaakt aan de andere kant van de wereld. Financiële instabiliteit in Azië [kost banen in Amerika en Europa]. Armoede in de Caraïben betekent meer drugs op straat in Washington en Londen. Strijd op de Balkan betekent meer vluchtelingen in Duitsland en de VS. Zulke problemen zijn alleen aan te pakken door internationale samenwerking. We zijn allemaal internationalisten, of we willen of niet. We kunnen niet weigeren mee te doen in wereldwijde markten als we welvaart willen. We kunnen politieke ideeën in andere landen niet negeren als we onszelf willen vernieuwen. We kunnen strijd en de schending van mensenrechten in andere landen niet de rug toekeren als we zelf veilig willen blijven.''

In de terreuraanslagen in New York zag Blair alleen maar extra argumenten voor zijn analyse. Het allergrootste gevaar dat het Westen volgens hem bedreigt, namelijk dat mvw's in handen komen van terroristen, past er naadloos in. Om dat gevaar het hoofd te bieden moeten we ,,eigenbelang combineren met streven naar vrijheid en gerechtigheid voor anderen'', zei hij kort na `11 september' eveneens voor een Amerikaans gehoor. Dat ,,engagement op basis van idealen is de basis voor het harde pragmatisme dat deze eeuw nodig heeft'', aldus Blair.

Saddams wapens zijn de hoeksteen van die redenering. In de wapens komen de belangrijkste strengen van zijn wereldbeeld al zeven jaar samen: het idee dat moderne bedreigingen grensoverschrijdend zijn; dat het bestrijden ervan een mengsel is van Realpolitik en humanitaire motieven; dat de Britten daarbij liever niet kiezen tussen Amerika en Europa; dat internationale goedkeuring en diplomatie daarbij de voorkeur hebben, maar dat het desnoods ook eigenmachtig en met geweld kan gebeuren. ,,Saddams wapens hebben een betekenis aangenomen die veel groter is dan de feitelijke bedreiging die ze vormen'', zegt Steven Everts, onderzoeker bij het Centre for European Reform (CER), een Londense denktank. ,,Ze zijn een totem geworden voor Blairs visie op de wereld.''

Dat ze onvindbaar blijven is daarom niet zomaar een vervelende bijzaak. Ze zijn cement, bewijs en symbool van Blairs buitenlandbeleid. Hun afwezigheid maakt dat beleid loos. Zolang ze niet opduiken, om welke reden ook, kan Blair niet volhouden dat de oorlog in Irak nodig was omdat hij het Iraakse gevaar juist had ingeschat. Zolang ze niet opduiken, was de oorlog alleen nodig omdat Bush die wilde.

Simultaanschaak

In Kosovo (1999), de Britse operatie in Sierra Leone (2000) en Afghanistan (2001) leek Blairs formule van pragmatisme en principe grotendeels succesvol, in die landen zelf en aan het thuisfront dat hem steunde. Onder de beproeving van `Irak' sprongen er barsten in waarvan moet blijken of ze te lijmen zijn.

In april 2002 bracht Blair een bezoek aan Bush in diens Texaanse buitenverblijf. Tegen journalisten aan boord van zijn gecharterde Boeing 777, schertsend Blairforce One genoemd, vertelde hij op de terugweg boven de Atlantische Oceaan nog over zijn hoop op een vreedzame ontwapening van de dictator onder internationaal toezicht. Bush en hij hadden ,,een omzichtige en afgepaste benadering van Irak'' afgesproken, zei hij. Alle opties waren ,,open'' en het tijdstip van ,,besluiten en handelen'' was nog niet aangebroken. Bovendien had hij in Crawford succesvol de belangen van Europa gediend, zei hij, omdat Bush prominent had gesproken over een oplossing van het Palestijns-Israëlische probleem als voorwaarde voor een meer omvattende vrede in het Midden-Oosten. De Europese leiders, met wie Blair voorafgaand aan zijn bezoek had vergaderd – de Duitse bondskanselier Schröder, de Franse president Chirac en de Russische president Poetin – zouden blij zijn met Bush' positie, dacht hij. En zo had hij misschien ook iets kunnen wegnemen van de woede op het continent over Bush' toespraak waarin deze Irak, Iran en Noord-Korea als één `As van het Kwaad' veroordeelde. ,,Voor Blair was de kwestie [toen] simpel'' schrijft Financial Times-journalist Philip Stephens in Tony Blair: The Making of a World Leader, een politieke biografie die over twee weken uitkomt. ,,Kon het Westen verenigd en vastbesloten blijven, of zou het zwak en verdeeld blijken?''

Na de oorlog zou juist dat bezoek – het vierde van de zeven ontmoetingen die Bush en Blair hadden tussen `11 september' en het begin van de oorlog op 19 maart vorig jaar – het middelpunt vormen van de controverse thuis. Blair zou het VN-proces hebben gebruikt als rookgordijn voor de oorlog in Irak, waarvoor hij Bush in Texas de Britse steun al had toegezegd. Blair ontkende dat in alle toonaarden tegenover zijn parlement. ,,Wat Bush aan die ontmoeting overhield was dat Blair ons zou steunen mits de procedure via de VN zou lopen'', vertelde een hoge functionaris. Blair was er in zijn hart van overtuigd dat het aanpakken van Saddam alleen al om humanitaire redenen tegenover het Iraakse volk the right thing to do was. Maar, schrijft Stephens, ,,de realiteit van de Britse politiek en het strenge advies van de landsadvocaat bepaalden allebei dat [Blairs] overtuiging niet kon worden omgezet in een rechtvaardiging van de oorlog. Schending van de VN-resoluties [door Irak] was de enige mogelijke casus belli. [-] Het resultaat was dat Washington open kon zijn over het doel regime change, maar dat de Britse regering in de positie kwam dat ze te veel nadruk legde op de onmiddellijke dreiging van de Iraakse mvw-programma's die later zulke krachtige munitie voor Blairs critici zouden vormen.''

Blair kreeg van Bush gedaan dat hij de kwestie Irak bij de VN aanhangig maakte. Resolutie 1441 volgde, maar Blair zag zich daarna gedwongen maandenlang te vechten – bij Bush en de andere leden van de V-raad – voor een tweede resolutie, die Irak duidelijk moest maken dat het echt menens was. ,,Als je zonder geweld je zin wilt krijgen, moet je de optie van geweld serieus nemen'', zei Blairs minister van Buitenlandse zaken, Jack Straw. Maar Blairs simultaanschaak van wapengekletter aan Amerika's zijde en het zoeken naar consensus in VN-verband dat die oorlog had moeten vermijden faalde. De tweede resolutie kwam er niet.

Intussen beleefde zijn partij de grootste rebellie uit haar geschiedenis en sprak over regime change in Londen. Zijn kabinet dreigde te scheuren. Het land zag hem als de schoothond van Bush, was niet van het Iraakse gevaar overtuigd en was merendeels tegen de oorlog zonder die tweede resolutie. Militairen klaagden dat hun missie en hun mandaat onduidelijk waren. Blairs verhouding met Chirac belandde in de ijstijd. En Kofi Annan, de chef van de organisatie waaraan Blair zijn politieke lot had verbonden, waarschuwde dat een eenzijdige aanval het mondiale veiligheidssysteem kon laten springen. Zulke gebeurtenissen afzonderlijk zouden elke premier tot het uiterste beproeven. Voor Blair vielen ze samen. Het was, zei BBC-verslaggever Andrew Marr met een verwijzing naar Sebastian Jungers weerkundige docuthriller, ,,het politieke equivalent van The Perfect Storm''. Blair ,,wilde een brug vormen tussen Amerika en Europa'', zei Hugo Young, de intussen overleden Guardian-commentator. ,,Maar hij heeft met beide oevers de aansluiting verloren en daarvoor zal hij een hoge prijs moeten betalen.''

Even leek het er nog op dat Blair werd gered door de bel. Dat gebeurde toen president Chirac zei dat Frankrijk een tweede VN-resolutie over Irak ,,onder alle omstandigheden'' zou vetoën. Met nauwelijks verholen opluchting koelde Alastair Campell, op de terugweg van Blairs laatste top met Bush op de Azoren, zijn woede op president Chirac. ,,Als het oorlog wordt, is het de schuld van Chirac. Zijn besluit haalt definitief de geloofwaardigheid uit het internationale dreigement'', zei hij in het gangpad van Blairforce One.

De meeste Britten waren het tijdelijk met hem eens. De Britse aversie tegen de Fransen, die altijd al smeult, laaide hoog op. The Sun portretteerde de president met een ringstaart als `Le Worm' op de voorpagina. Volgens Straws woordvoerder had Chirac ,,vergif in de bloedsomloop geïnjecteerd''. Een dag na de Azoren-top rolden de Amerikaanse en Britse tanks de Iraakse grens over.

Tony Blair probeert sindsdien de Europese scherven te lijmen. Over twee weken houdt hij met Duitsland en Frankrijk een speciale top waar de `grote drie' zullen proberen hun meningsverschillen bij te leggen en de unie vlot willen trekken. In april vieren Londen en Parijs het eeuwfeest van hun Entente Cordiale. Er zijn nog kaartjes. Het Witte Huis heeft donderdag voor het eerst toegegeven dat de inlichtingen over Iraakse mvw's mogelijk foutief waren. En aan Blairs thuisfront woedt de `perfect storm' over Irak voorlopig verder.