Bezige Bijen laten zich fotograferen

In 1969 trommelde uitgeverij de Bezige Bij zijn schrijvers, dichters en medewerkers op voor een groepsfoto in het Rijksmuseum. Gisteren gebeurde dat opnieuw. En weer stond Harry Mulish vooraan.

Het verlossende slotapplaus kwam gistermiddag na ruim een uur poseren: de fotosessie was klaar. In de historische bibliotheek van het Rijksmuseum in Amsterdam stonden zo'n 120 schrijvers, illustratoren en medewerkers van de Bezige Bij op de balkons en wenteltrappetjes, nauwgezet naar het voorbeeld van de groepsfoto die Paul Huf in 1969 voor de uitgeverij maakte. Toen werd het 25-jarig jubileum van de Bezige Bij gevierd, nu was het aankomende 60-jarig bestaan de aanleiding.

Acht auteurs stonden er ook 35 jaar geleden al bij: Harry Mulisch, Hugo Claus, Remco Campert, H.J.A. Hofland, Oscar Timmers, Jules Deelder, H.H. ter Balkt en Wim T. Schippers. Ook voor redactiesecretaresse Liesbeth Houtman was dit de tweede keer. Enkele anderen van destijds, onder wie Cees Nooteboom, Gerrit Kouwenaar en J. Bernlef, waren ditmaal niet uitgenodigd omdat ze elders publiceren. De 91-jarige nestor Marten Toonder, die in 1969 afwezig was wegens verblijf in Ierland, kon onderaan de trap plaats nemen in een Bommel-achtige fauteuil.

Naast hem stond Harry Mulisch, die als vanzelfsprekend weer zijn plaats op de voorgrond innam. De vorige keer had hij die te danken aan het feit, dat hij te laat kwam en nog snel een plek vooraan vond. Maar dat was niet opzettelijk, zei hij desgevraagd: ,,Hugo Claus en ik zaten toen bij mij thuis te schrijven aan de opera Reconstructie, met een theepot vol saké erbij. Daardoor verloren we de tijd uit het oog.''

Principiële weigeraars waren er deze keer niet – in tegenstelling tot 1969, toen W.F. Hermans liet weten, dat hij aan zoiets niet wenste mee te werken. Nu gaf iedereen gehoorzaam gevolg aan de zachte dwang waarmee fotograaf Thom Hoffman het genoeglijk koutende gezelschap op zijn plaatsen zette.

Ook borg Simon Vinkenoog braaf het boek op, dat hij aanvankelijk wervend in de hand hield. Hoffman, die dezelfde Sinar-camera gebruikte als zijn voorganger, hoefde alleen maar te zeggen dat het boek spiegelde in de batterij lampen.

Op de onderste trap, achter Mulisch, prijkte nu het illustere trio Remco Campert, Hugo Claus en Jan Wolkers. Naast hem stond destijds uitgever Geert Lubberhuizen, die het idee voor de foto bedacht en er posters en legpuzzels van liet maken. Nu werd hij geflankeerd door de huidige uitgever Robbert Ammerlaan, die zijn auteurs herhaaldelijk een rijkelijk besprenkelde receptie in het vooruitzicht stelde. Wegens het consumptieverbod in de bibliotheek zag men immers zelden zo veel schrijvers zo lang bijeen zonder drank.

,,Deze sessie geeft mij een dubbel gevoel,'' zei Mulisch. ,,Veel schrijvers van toen zijn nu dood, en heel veel schrijvers van nu waren nog niet eens geboren toen de vorige foto werd gemaakt.''