Belgitude

Welgeteld vijf keer is me de voorbije dagen door collega's gevraagd of ik het wonder van het Belgische tennis kon duiden. Zou er zoiets bestaan als de exegese van het wonder? In de tijd van Augustinus misschien, maar bij mijn weten zijn de wonderen al een aantal eeuwen de wereld uit.

Justine en Kim komen als soortelijke gewicht van mirakels niet veel verder dan sneeuw, ijsschotsen en aardbevingen. Nee, zei de geleerde tennisprofessor: ,,Succes is genetisch.'' Dat geldt dan ook voor Joop Zoetemelk en aan deze wielrenner kleeft alles wat de aarde te bieden heeft, maar geen gen.

Om Martin Bril te citeren: ,,Enfin!''

De immer terugkerende vraag was: ,,Hoe gek zijn de Belgen aan de vooravond van een grandslamfinale tussen twee meisjes van eigen bodem?'' Daar kon ik kort over zijn: het Vlaams Blok heeft een eigen bodem, Belgen niet. Nog een detail: in België is de polonaise al eeuwen geleden verstild tot heftige cafépraat. Overigens, een doordeweekse bezigheid.

Tenniskoorts, het is er wel, maar dan vooral in de media die leven bij de gratie van het schisma en de guerrilla. Kim versus Justine, Vlaanderen versus Wallonië, vruchtbare klei versus industriële archeologie, die opwinding. Nou daar ligt het volk niet van wakker. Het volk heeft minder last van territoriumdrift dan de media vermoeden. Het volk houdt van het volk. Daar loopt geen taalgrens doorheen.

Een krant vroeg aan Thomas Buffel of hij midden in de nacht zou opstaan voor de finale tussen Justine en Kim? Thomas: ,,Ik heb woensdag gespeeld en ik moet op zondag weer aan de bak. Ik ben moe. Een voetballer heeft zijn nachtrust nodig.'' Was Patrick Kluivert daar maar eerder achter gekomen. Goed, dat is een ander verhaal. Kluivert speelt voor Barcelona, niet voor Feyenoord.

Niets is inwisselbaarder dan opwinding. De laatste dagen was er in België heel veel commotie rond de dertienjarige tiener Jade Foret die op een catwalk in Milaan had gedefileerd. Een meisje van dertien en alreeds met hoge, blote benen, kon dat wel? Waar ligt de grens tussen mode en moraal? Wat is de juiste definitie van kinderarbeid? Vragen die ook aan Kim en Justine gesteld hadden kunnen worden. Ach, in topsport gaat moraal over op de automatische piloot. Dat wisten we toch.

,,Wie zou winnen'', wilden mijn anonieme vrienden weten. Ik zei met de aplomb van een gelovige ,,Justine Henin!'' De onzin van een verlangen, meer was het niet. Waarom Justine en niet Kim? De laatste heeft de weelde van Rubens geannexeerd, daar valt weinig aan toe te voegen. Justine daarentegen is de personificatie van een niet te genezen tuberculose, van een hongerwinter die nooit eindigt. In Justine Henin herken ik de dood, in Kim Clijsters alleen maar het volle leven, een gezegende kroost zowaar.

Nog zo'n cliché: Justine is wees bij geboorte, Kim is een moederskindje. Beter gezegd: een vaderskindje. Vader Lei Clijsters, oud-voetballer, waakt als een gorilla over zijn dochter. Hij is én makelaar, én belastingexpert, én spindoctor van zijn geliefde koter. Nog wel met de feodale mentaliteit van een kasteelheer. De familie Clijsters suggereert een boerse toegankelijkheid, maar eigenlijk is ze zo gesloten als een oester. Kim mag wel roepen dat ze binnen de kortste keren kinderen wil, maar vader Lei heerst over het spiraaltje of gelijkwaardige blokkades.

Er is de schoonheid van de backhand.

Het raffinement dat Justine Henin in haar slagen legt, is weergaloos. Alles aan deze musical op poten is van een hogere orde, van een andere fysieke gratie. Ballet als gebed. Nu ik aan haar fragiele skelet denk, ben ik alweer ontroerd. Dat is het mooiste: een lichaam geboetseerd naar breinaalden en bloemschikken en, ineens, pats boem, wordt een handicap magistrale furie.

Mag je in België een taaloverschrijdende favoriet hebben. Nee, dat mag niet. De sport, de politiek, de Haute Finance, alles is gebalkaniseerd. Niet dat ze het menen: onderscheid is commercie. Zoals alles in de sport commercie is.

In deze krant las ik dat de film over Johan Cruijff Hollywood-achtige taferelen had uitgelokt. Dat krijgt Justine noch Kim voor elkaar. Hollywood is het buitenland en Belgen zijn mensen van het thuisfront. Met bier en patat binnen handbereik, en met de vernauwde blik van een spiegelschrift. Justine en Kim zijn miniaturen van twee landen. Iconen van culturen: boers en schraal. Ze schitteren zonder vlag.