Uitgestoten door de stad

Wat kunnen computers toch zeuren. Telkens weer herhalen zij dezelfde boodschap: er is iets fout. Maar wat precies, dat blijft doorgaans geheim. In de debuutjeugdroman Gewist beschrijft Marco Kunst de uiterste consequenties van leven onder het juk van de computer. Zijn hoofdpersoon Sig leeft in een kunstmatige, computergestuurde hel die zich voordoet als de hemel. Meestentijds ervaren de bewoners van de enorme ommuurde stad in dit sciencefictionboek dat ook zo. Wat ze nodig hebben, krijgen ze. Tot onbekende dromen, woeste passie en nachtmerries zijn ze niet langer in staat. Zij kennen verlangens noch verleiding, maar lijden ook niet langer. Hun emoties zijn afgevlakt en naderen tot nul. Verder dan de ook aan ons eenentwintigste-eeuwers overbekende verzuchting komen ze niet: computers zeuren. Soms erger nog dan ouders, leerkrachten, kinderen en werkgevers.

Sig valt in slaap in de metro. Aan het eind van de lijn, minstens dertig haltes te ver, wordt hij wakker. Over het lege perron schalt bij herhaling een computerstem: `Onderhoudsstation Alfa-1 verzoekt u vriendelijk maar dringend naar perron 2 te gaan en daar de komst van lijn 34 richting B af te wachten.' Sig ziet nergens een richtingaanwijzer. Hij laat zich voor een keertje van het perron zakken om het spoor over te steken. Deze kleine overtreding kost hem zijn leven. Een `railreiniger' suist naderbij, schept hem op en deponeert hem, samen met `een paar stofpluisjes en een leeg limonadeflesje', buiten de muren. Tot op dat moment wist Sig nauwelijks dat het bestond, `buiten de muren'.

Gewist is een knap in elkaar gestoken boek, waarin bekende sciencefiction- en sprookjeselementen op een geestige en vernuftige manier worden hergebruikt. Sigs queeste buiten de muren roept de reis van Dorothy in het land van Oz in herinnering. Een dwaas zonder verstand en een robotkop zonder hart vergezellen hem op zijn spannende reis naar de `CC', de centrale computer.

Aanvankelijk wil Sig terug de stad in. Maar een weg terug bestaat niet, want hijzelf bestaat niet meer. Hij is uit de geheugens van zijn ouders verwijderd, zijn klasgenoten weten niets meer van hem af. Sig is een niemand, alleen nog niet voor zichzelf. Hij moet zich nog even grondig laten wissen bij het dichtstbijzijnde `kringlooppunt'. Zijn grondstoffen zullen weer voor nuttige zaken gebruikt worden.

Marco Kunst, die in 1999 debuteerde bij uitgeverij Sun met een verhalenbundel voor volwassenen, heeft de schijn tegen. Gewist staat vol clichés uit het sciencefictiongenre. Zeker een volwassen lezer die de conventie kent, levert dat aanvankelijk een wat vermoeid gevoel op. Maar al gauw zit er niets anders op dan doorlezen. Kunst geeft het gebruikelijke namelijk nieuwe glans.

Het zijn vooral de personages die het boek zo de moeite waard maken. Uit de afvalbergen die Sig buiten de stadsmuren aantreft, steekt ineens een hoofd met roodverbrande, wijd uitstaande oren en scheve tanden. Zulke oren en tanden heeft hij nog nooit gezien. Zo zien mensen er niet uit, in de stad, en zo oud zijn ze trouwens ook nooit. Plijster, heet dit figuur. Hij spreekt een onnavolgbaar taaltje: `Wat zullen we hebben? [...] Een nieuwertje. Promprom. Zoete bloemlucht van de railracert eromheen. Drumdriedum. [...] Gebracht door de nacht. Wat had je gedacht? [...] Zou het weer een wissewassertje zijn, of misschien toch eindelijk eentje die nog wat weet?'

Plijster ontpopt zich tot een ontroerende en heldhaftige gids. Jaren geleden werd hij door de stad uitgestoten, weggegooid, net als Sig. Hij kent de afvalhopen en de gevaren, hij weet van de wouden in de verte. Als hij niet onoverwinnelijk blijkt, onthutst dat de lezer, zoals het ook Sig doet. De nieuwe metgezellen die Sig treft, de `gewiste' man Hork, Kunsts variant op de `nobele wilde' en Kop, het robothoofd, zijn vervolgens op geheel eigen wijze ontroerend. Het boek heeft een onverwacht einde, de spanning wordt tot op het laatst volgehouden.

In de Nederlandse jeugdliteratuur is er maar één schrijver die Kunst in dit genre boeken overtuigend voorging: Tonke Dragt. Zowel naar stijl als naar inhoud vertoont Gewist verwantschap met haar sciencefictionboeken, zoals het inmiddels klassiek geworden, geweldige Torenhoog en mijlenbreed en het wat minder sterke vervolg Ogen van Tijgers, uit respectievelijk 1969 en 1982.

Net als Dragt maakt Kunst speels gebruik van ontdekkingen en verworvenheden uit de natuurwetenschappen. Net als zij blinkt hij uit in het beschrijven van de ongerepte natuur, paradijs en bedreiging ineen. Soepel en beeldend is zijn taal, bekend en onverwacht tegelijk zijn zijn beelden en zijn boodschap. Hij vertelt vaardig en rap, zonder tijd te verspillen. Allemaal net als zij, maar gelukkig net even anders.

Marco Kunst: Gewist. Querido.

Vanaf 12 jaar. 372 blz. €14,50