Monsterproces voor Lucia de B.

Het hoger beroep in de zaak Lucia de B., de verpleegster die veroordeeld werd voor moord op patiënten, dreigt uit te lopen op een monsterproces.

Heeft verpleegkundige Lucia de B. (42) vier van haar patiënten vermoord en drie pogingen daartoe gedaan? Of gaat het zelfs om dertien doden en vijf moordpogingen, zoals het openbaar ministerie (OM) meent? Gisteren had in het Haagse Paleis van Justitie de eerste zitting plaats van het hoger beroep in de zaak tegen Lucia de B., de verpleegster die in maart 2003 tot levenslang werd veroordeeld. De rechtbank achtte toen bewezen dat zij drie kinderen en een bejaarde vrouw, allen patiënten in de ziekenhuizen waar zij werkte, had omgebracht. Drie keer zou de `engel des doods' een poging daartoe hebben gedaan. Kansberekening zal in dit beroep wederom een hoofdrol krijgen.

De veroordeling vorig jaar van Lucia de B. was opmerkelijk omdat het OM geen directe bewijzen kon aanvoeren. Lucia is nooit betrapt. Om nog een andere reden was het proces uniek. Een nieuw fenomeen in de Nederlandse rechtspraak deed zijn intrede: kansberekening. Statistici berekenden op verzoek van het OM dat de kans dat Lucia toevallig in de buurt was bij de verdachte overlijdensgevallen en reanimaties 1 op 342 miljoen was.

Er waren ook andere aanwijzingen. In haar dagboek schreef Lucia de B. een paar uur na de plotselinge dood van een bejaarde patiënt: ,,Ik heb vandaag weer toegegeven aan mijn compulsie.'' Maar, zo verklaarde Lucia de B., dat ging over haar neiging tarotkaarten te leggen voor ernstig zieke patiënten.

Het feit dat er in de opgegraven lijken geen duidelijke sporen van toxicatie (overdoses van medicijnen) werden gevonden, maakte vorig jaar de zaak voor het OM niet gemakkelijker. Om de rechtbank te overtuigen van Lucia's schuld liet het OM zelfs een `profiler' (een specialist die karakterschetsen maakt van daders) van de FBI invliegen. Speciaal-agent Alan Brantly verklaarde op basis van Lucia's dossier dat het karakter en het handelen van de verpleegkundige leken op die van andere seriemoordenaars. In de VS maken verklaringen van profilers regelmatig deel uit van rechtszaken. In Nederland was de inschakeling van Brantly een nieuwtje.

Na haar veroordeling ging zowel Lucia de B. als het OM in hoger beroep. De verdediging eist vrijspraak, het OM heeft als doel de verpleegster alle dertien verdachte overlijdensgevallen en vijf moordpogingen ten laste te leggen. Advocaat mr. S. Franken verklaarde gisteren op de eerste zittingsdag ,,aanvullend statistisch onderzoek'' te willen doen. Daartoe onderwierp hij de drie getuige-deskundigen (allen directieleden van de Haagse ziekenhuizen waar de verdachte sterfgevallen plaatshadden) aan een lange reeks vragen over dienstroosters, protocollen voor medische handelingen en personeelsbezetting. Vragen waarop deze uit het hoofd geen antwoord konden geven. President van het hof E. von Brucken Fock kon daarop zijn irritatie niet onderdrukken: ,,Dit is geen getuigenverhoor meer. U had uw verzoeken om dergelijke informatie eerder moeten indienen.''

Lucia de B. bleef onder het gekibbel tussen verdediging, hof en OM onverstoord. Advocaat mr. A. Visser stond haar ook bij in haar eerdere proces. Voor dit hoger beroep trok zij tevens `zwaargewicht' Franken aan. Franken pleitte in 1997 in hoger beroep twee verplegers vrij die werden verdacht van moorden op zes bejaarden in een verpleegtehuis.

Voor het hoger beroep, dat nu al een `monsterproces' wordt genoemd, heeft het hof 22 zittingsdagen uitgetrokken. Of dat voldoende zal zijn, is de vraag. Twee van de drie getuige-deskundigen die gisteren plaatsnamen voor het hof, moeten op 10 februari weer verschijnen, omdat hun verhoor niet kon worden afgerond.