Komrij brengt publiek in verwarring

De eerste Gedichtennacht kreeg een tumultueus einde: Gerrit Komrij maakte onverwachts zijn aftreden als Dichter des Vaderlands bekend: ,,Morgen ben ik goddank interim.''

Het publiek wist niet of het moest schrikken of grinniken. Om vijf voor half een `s nachts, Gedichtendag was nog maar net begonnen, maakte Gerrit Komrij in de Rotterdamse Kunsthal zijn aftreden als Dichter des Vaderlands bekend. ,,Ik weet niet meer wat ik eraan moet toevoegen'', zei de man die in 2000 voor vijf jaar als nationale dichter werd verkozen. ,,Ik abdiceer, ik bied mijn ontslag aan, ik ben het zat, ik heb er tabak van. Morgen ben ik goddank interim, morgen ben ik loco.''

Het was een tumultueus einde van de eerste Gedichtennacht, die het vrolijke startsein had moeten geven voor Gedichtendag die vandaag overal in het land wordt gehouden. Komrij was gevraagd om een `State of the Art', maar richtte na een aantal ironische loftuitingen aan het adres van de poëzie (,,vele wonderlijke dichtbundels zijn verschenen, vele wonderlijke dichtbundels zullen ook dit jaar verschijnen'') het woord tot het vaderland dat hem lief is ,,als de brandnetel en een vat met zure bommen''. Hij verklaarde opgelucht te zijn dat de voorbereidingen voor de verkiezing van de nieuwe Dichter des Vaderlands in deze krant al waren begonnen en verheugde zich op een rustig bestaan als interim.

Op de vraag of een interim-Dichter des Vaderlands zich nog wijdt aan zijn kerntaak, het schrijven van gedichten bij nationale gebeurtenissen, antwoordde Komrij: ,,Ja, interim-gedichten over interimgeboortes van interimprinsesjes van het interim-Koninklijk Huis.'' In het poëzietijdschrift Awater had de ook als redacteur terugtredende Komrij al kenbaar gemaakt dat het dichterdesvaderlandsschap zwaar op hem was gaan drukken. `Kom, rijbroek aan en hobbel op je paard / Terug naar Portugal, verlopen dichter' luidde het slot van zijn `Gedicht, in een drijvende klomp gevonden'.

Janita Monna van Poetry International, samen met NRC Handelsblad initiatiefnemer van het instituut Dichter des Vaderlands, was verrast door Komrij's plotselinge actie; maar ze maakte zich geen zorgen over de continuïteit: ,,Gerrit heeft toch gezegd dat hij interim blijft? Zelfs al zou hij geen gedichten voor de krant meer schrijven, dan nog kunnen we tot januari 2005 teren op de dingen die hij in gang heeft gezet: Awater, de Poëzieclub, de `Sandwichreeks' met onbekende dichters en debuten.''

Komrij's `bliksemtroonrede' gaf overigens de nodige dynamiek aan de Gedichtennacht, die ondanks het overladen programma een statische en rommelige indruk maakte. Er waren ultrakorte en daardoor weinig geslaagde interviewtjes met optredende dichters; Hafid Bouazza reikte het eerste exemplaar van Komrij's Nederlandse poëzie van de 19de tot en met de 21ste eeuw in 2000 en enige gedichten aan de bloemlezer uit (`Komrij en Red Bull geven de moderne dichter vleugels'); de zanger Spinvis zong poëtische liedjes; en staatssecretaris Medy van der Laan reikte de Gedichtendagprijzen voor de mooiste gedichten van 2003 uit aan Peter Verhelst (`Heb door moerassen gewaad'), Hagar Peeters (`Droombeeld') en de redacteur van de afwezige Eva Gerlach (`Solve et coagula'). De met 2500 euro bekroonde gedichten zijn gedrukt op briefkaarten en worden vandaag gratis door het hele land verspreid.

www.nrc.nldossier Dichterdes Vaderlands