Hoe we met elkaar omgaan

Vroeg of laat sneuvelt er weer iemand aan het front van het publieke leven. Een loketbeambte, buschauffeur, leraar, arts, conducteur, meestal iemand die werkt in de dienstverlenende beroepen. De ongelukkige heeft een klant verkeerd behandeld, zich enige tegenspraak veroorloofd, niet voldoende respect betuigd, en voor straf wordt hij/zij bijvoorbeeld aan het mes geregen. Het land is geschokt, stille tocht, bloemen en knuffels op de plaats van de executie, deskundigen in de media, hernieuwde discussie over normen en waarden, zo gaan wij in dit land niet met elkaar om, er moet strenger gestraft en weg met de tolerantie.

Afgezien van het drama zelf is er een secundaire kant die op een andere manier ook weerzinwekkend is. Die bestaat in grote trekken uit de publieke reacties, het verloop van het debat, de herhaling van argumenten en het vervagen van de conclusies. Er valt een standaardscenario voor te schrijven. Ik beperk me tot een bericht uit het lazaret achter de gevechtslinie.

,,Het aantal patiënten dat in een ziekenhuis wordt opgenomen voor de behandeling van opzettelijk toegebracht letsel, is in tijdsverloop van acht jaar bijna drie maal zo groot geworden. In dezelfde periode verdubbelde het aantal landelijke sterfgevallen binnen deze categorie. De hoogste aantallen klinisch behandelde patiënten treft men aan bij de 20-24 jarigen. Fracturen aan de schedel, vooral die van de aangezichtsbeenderen, en letsel aan de inwendige organen zijn de meest voorkomende aandoeningen'', meldt het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde. Niet in 2004 maar in 1977. In 1969 werden 652 patiënten geregistreerd, acht jaar later 1854. De opzienbarende gebeurtenissen moesten nog komen. De indertijd schokkend bevonden moord op het Haagse `heroïnehoertje' door twee jonge echtparen die waren gaan stappen – allang vergeten – nog meer, en in 1997 de dood van Meindert Tjoelker, waarna de uitdrukking `zinloos geweld' in omloop kwam, de stille tocht gebruikelijk werd en agenten met een button waarop de afbeelding van een lieveheersbeestje in de gevaarlijke zones verschenen.

En nu de doodgeschoten leraar Van Wieren van het Terra College, door de Turkse leerling Murat. Het debat herhaalt zich, met dit verschil dat sommige experts en politici aan de Turkse afkomst van de dader bijzondere betekenis hechten. Worden op Turkse scholen meer leraren door leerlingen neergeschoten, eventueel nadat de schutters alcohol en drugs hebben gebruikt? Of gebruiken in Nederland meer Turkse leerlingen a & d, waarna ze zich aan leraren vergrijpen? Of welke andere betekenis moeten we hier hechten aan de uitdrukkelijke vermelding dat het om een Turk ging? Deze: dat in het debat de ondertoon van xenofobie verder doordringt, en daardoor warriger en gevaarlijker wordt.

Op het ogenblik beleven we de volgende fase van een ander debat, dat over de integratie, naar aanleiding van het rapport van de commissie-Blok. Met integratie bedoelen we dat vreemdelingen die zich hier gevestigd hebben, zich houden aan onze wetten, goed Nederlands leren spreken, en, zonder dat ze hun afkomst hoeven te verloochenen, ook deel gaan uitmaken van onze cultuur. En nu is het de vraag of dat laatste altijd onverdeelde winst is. Hebben we een duidelijke voorstelling van wat `onze cultuur' is?

We zeggen dat ,,de maatschappij is verhard''. Een gemeenplaats. De afgelopen dertig jaar ongeveer heeft geweld een andere plaats in onze cultuur gekregen. Geweld is gedemocratiseerd, gepopulariseerd, tot omgangsvorm bevorderd. Aha, zult u zeggen, u bedoelt natuurlijk dat vroeger alles beter was, u bent vergeten dat reeds bij de Ouden moord en doodslag op het toneel schering en inslag waren, om van Shakespeare niet te spreken. En bent u de Tweede Wereldoorlog vergeten, hebt u zelf nooit een gangsterfilm gezien, zelf gevochten? Kortom, de lawine van bekende dooddoeners. Die ken ik allemaal.

Geweld hoort altijd tot vrijwel iedere cultuur. Ook tot die van ons, en nu weer op een principieel andere manier. Populaire cultuur is een nieuwe vorm van cultuur die bij deze tijd hoort, verspreid wordt door de massamedia en doordringt in alle vormen van kunst en wat entertainment heet. Geweld is er, vanzelfsprekend, een onvermijdelijk onderdeel van, in deze fase niet te ontlopen. In de film, allicht. Loop ook eens een amusementshal binnen en mitrailleer voor een paar euro's een dozijn virtuele tegenstanders. Laat in het verkeer een medeweggebruiker zijn middelvinger tegen u opsteken. Wees voorzichtig voor road rage. Laat uw hond uit en ontmoet de ongemuilkorfde loslopende pitbull van een buurtgenoot. Probeer een rap song te verstaan. Ervaar dat een ondertoon van dreiging in de omgangsvormen endemisch is geworden. Respect!

Populaire cultuur is een industrie met een omzet van miljarden. Ik zeg uitdrukkelijk niet dat de lawine van geweld de oorzaak is; dat iemand die naar de film Kill Bill heeft gekeken, daardoor wordt aangemoedigd, zelf een paar ledematen van onwelgevallig persoon af te hakken. Geweld in het amusement drukt op een andere manier dezelfde tijdgeest uit als de omgangsvormen. En is er tegelijkertijd de duidelijkste bevestiging van.

Iedere cultuur heeft haar eigen hypocrisie. De schijnheiligheid van deze is, dat we die bevestiging niet willen erkennen. Tabaksreclame is, voor onze gezondheid, allang verboden. Voorstellingen waarin men elkaar oeverloos de hersens inslaat, blijven kassuccesen. ,,Roken is dodelijk'', is de leerzame tekst op de pakjes. Waarom zou een film met een orgie van geweld niet leerzaam zijn? En onder zekere omstandigheden de integratie van allochtone jongeren bevorderen, nog verder dan de bedoeling is? Geweld hoort tot onze onofficiële normen en waarden.

Iets heel anders. Of niet. In Witmarsum dreigen een stuk of zestig asielzoekers te worden uitgezet, desnoods met de sterke arm. Zo hebben de asgrauwe automaten van ons landsbestuur beschikt. Daar komt niets van in, zeggen de autochtone Friezen. ,,Desnoods laten we ze onderduiken!'' Zo gaan we in dit land niet met elkaar om, laten ze metterdaad weten.

Willen we het consequentieloos geouwehoer over normen en waarden wat opfrissen? Maak een studiereis naar Witmarsum.