Zwembroek

Zwaartekracht, je gaat er mee naar bed en je staat er mee op. In een bepaalde fase van de kindertijd brak ik me wel eens het hoofd over deze curieuze natuurwet. Ik vond het niet normaal dat iedereen zomaar op de grond bleef staan. Vrij rondzweven was veel logischer. Later ontdekte ik dat de zwaartekracht ook vele praktische voordelen bood. Ons gezinshondje deponeerde zijn drollen bijvoorbeeld keurig op ons gazon. Geen fijn tableau, een gazon met stippen, maar de gewichtsloze drol leek me nog veel verraderlijker en onhygiënischer. Nog veel later heb ik van de zwaartekracht mijn beroep gemaakt door zo hard mogelijk tegen bergen op te fietsen – een lichte lichaamsbouw stond me redelijk succes toe.

Ik ben de zwaartekrachtdeskundige.

Oh ja?

Voor me ligt een artikel over de wereld van de schansspringers. Mijn visie op de zwaartekracht wordt volledig onderuitgehaald. Ik dacht dat een schansspringer zwaar moest zijn. Hoe zwaarder de massa hoe sneller de glijvlucht van de schans en hoe verder de sprong. Bij het artikel is in een fors formaat een foto afgebeeld van de Duitse schansenminnaar en wereldspringer Sven Hannawald. Hannawald zit in zwembroek op een reling. De achtergrond is het zenit. Een mooie foto. Hannawald tuurt onbestemd naar een punt rechts achter de fotograaf. Een sensuele glimlach, zonnebril tussen de haren. Een romantisch dichter zit daar. Dan lees ik dat deze foto in 1999 `de wereld verbijsterde'. Ik kijk nog eens en zie dat het bovenlijf van Hannawald zonder het zenit en de zonnebril ook in Auschwitz gefotografeerd had kunnen zijn. Neem de entourage weg en daar zit een skelet. (Niet dat het skelet mij verbijsterde. Ik heb tussen wielrenners geleefd. Skeletten ben ik gewend.) De wereld was verbijsterd omdat Hannawald zichzelf moedwillig vermagerde omdat `licht nu eenmaal verder vliegt'.

Natuurkundig een leerzaam en corrigerend artikel: licht vliegt verder. In de wereld van de schansspringers wordt een anorexia-ideaal nagevolgd. De vinger gaat regelmatig in de keel. Volgens de Duitse schansspringer Löffler begon de ellende met de legende Jens Weissflog die klein was en licht maar toch heel normaal at. Weissflog werd een rolmodel, zijn gewicht een voorbeeld en een obsessie.

Hannawald heeft altijd ontkent te zijn doorgeschoten in zijn vermageringsideaal. Zijn lichaam wilde eenvoudigweg niet de voeding opnemen die het nodig had, verklaarde hij. Zo is dat. De wielrenner doet het ook nog altijd zonder epo en bloedtransfusies.

Het artikel riep de vraag op of anorexia bij schansspringers een verfoeilijk dopingmiddel kan worden genoemd. Bij anorexia kunnen we moeilijk spreken van toegediende drog. Er wordt uitsluitend iets verwijderd. Schmitt, schansspringende landgenoot van Hannawald, doet een aanbeveling om gewichtsvoordeel te elimineren: `Maak voor zwaardere springers de ski's langer, en voor lichtere springers iets korter'.

De springers hebben geen zin in deze natuurkunde. Zwembroeken zijn sinds 1999 taboe.