Integratiediscussie blijft vooringenomen

Degenen die hadden gehoopt dat de discussie over de integratie van minderheden minder vooringenomen zou worden gevoerd na de publicatie van het rapport van de commissie-Blok dan eraan voorafgaand, zullen teleurgesteld zijn in het hoofdredactionele commentaar `Integratie znder beleid' (NRC Handelsblad, 19 januari).

Daarin stelt de krant dat tot en met de jaren negentig over immigratie nauwelijks gediscussieerd werd.

Die discussie zou in 2002 wel zijn losgebarsten, maar de commissie-Blok zou deze realiteit hebben miskend door ,,de GroenLinkse partij-ideoloog en hoogleraar sociologie Jan Willem Duyvendak'' vooronderzoek te laten doen.

De eerste bewering is onzin, zoals het vooronderzoek duidelijk maakt. Al sinds de jaren zeventig is over de integratie van nieuwkomers in de Nederlandse samenleving gediscussieerd. Bovendien bleek uit het vooronderzoek dat er een opvallende blindheid voor dit historische gegeven bestaat.

In plaats dat de redactie van NRC Handelsblad zich dit ter harte neemt, trekt zij de integriteit van de boodschapper van het blijkbaar onwelkome nieuws, de socioloog Duyvendak, in twijfel. Het feit dat politieke betrokkenheid als diskwalificatie wordt aangemerkt, zegt veel over de burgerzin onder journalisten. Minstens zo teleurstellend is dat zo de waarde van wetenschappelijke bijdragen aan het politieke debat teniet wordt gedaan.

De winst van wetenschappelijke ondersteuning in het parlementair onderzoek is dat nauwkeuriger en met meer oog voor complexiteit over maatschappelijke vraagstukken kan worden geoordeeld.

Aan die realiteitszin heeft het in de discussie over immigratie en integratie juist de afgelopen twee jaar sterk ontbroken.

Ido de Haan is hoogleraar Politieke Geschiedenis aan de Universiteit Utrecht.