Absurde norm?

Menno Lievers concludeert: ,,Kledingkeuze lijkt een privé-aangelegenheid, maar als het zo doorgaat komt een vluchtelinge uit een land waar ze een hoofddoekje moet dragen, terecht in een land waar ze dat niet meer mag dragen. De omkering van een absurde maatregel blijft een absurde maatregel.'' (Opinie, 22 januari).

Als ik het hoofddoekje in het land van herkomst vervang door een doodstraf aldaar, dan lijkt me de omkering van de maatregel in Nederland helemaal niet zo absurd meer en wel degelijk te berusten op een opvatting over de samenleving.

Negatief maal negatief is volgens vaste afspraak immers positief. Ik deel de strekking van het artikel, maar Menno Lievers schiet hier door in iets te veel Hollandse relativering. Verlichte Nederlandse c.q. westerse waarden dienen te worden gehandhaafd door (rechts)normen. Het positieve magnetisme van de westerse tolerantie die zoveel mensen aantrekt blijft van kracht, totdat ze botst met negatieve intolerantie. Wat er dan overblijft is nul.

Vlag, hoofdbedekking of uniform zijn meer dan een stuk privé-textiel, indien ze worden gedragen in een waardenvormende of -bevestigende sfeer als onderwijs, justitie of defensie en dienen als zodanig via afgesproken normen een plaats te krijgen in de publieke moraal.