Maak van het kunstenveld geen saai gazon

Het kabinet dreigt veel podiumkunstenaars de bijstand in te jagen, vinden prominente acteurs.

Een dag of tien geleden stond er een grote advertentie in deze krant voor een functie bij het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OC&W). Een levensgrote hand vulde een kwart van de pagina. Het was de hand van Gijs Scholten van Aschat, die `De levenslijn' van deze begaafde acteur moest symboliseren. Mede dankzij het kunstbeleid van OC&W, was de boodschap, kan Nederland genieten van het talent van `Gijs'.

Als het aan het ministerie van Sociale Zaken ligt, is het de laatste keer dat OC&W zo'n advertentie kan plaatsen. De collega's bij dat ministerie zorgen er op dit moment namelijk stilzwijgend voor, dat het aantal acteurs, muzikanten, dansers en andere podiumkunstenaars in Nederland wordt gedecimeerd.

Op maandag 2 februari buigen de vaste Kamercommissies voor Sociale Zaken, Werkgelegenheid en Financiën zich met minister De Geus over WALVIS. Dit staat voor: Wet Administratieve Lastenverlichting en Vereenvoudiging in de Sociale Verzekeringen. Deze wet beoogt een administratieve vereenvoudiging van onder meer de WW. Dat betekent opheffing van de speciale clausule die nu bestaat voor mensen die onregelmatige arbeidscontracten hebben, zoals seizoenswerkers, theater- en filmmedewerkers en vooral: podiumkunstenaars.

In het kort komt de vereenvoudiging neer op een verdubbeling van het aantal `potentiële loondagen' op basis waarvan de WW berekend wordt. Per saldo komt dit neer op minstens een halvering van de WW-uitkeringen voor podiumkunstenaars en aanverwanten, iets wat zelfs in deze krappe tijden volstrekt ongehoord is. Daarnaast bestaat het voornemen om de WW alleen toegankelijk te maken voor podiumkunstenaars die in een seizoen negen maanden gewerkt hebben, in plaats van de huidige vier maanden.

Deze plannen dwingen het grootste deel van de Nederlandse podiumkunstenaars linea recta de bijstand in, en hun vak uit. Op dit moment werkt namelijk 80 procent van de podiumkunstenaars onregelmatig, in projecten van twee à drie maanden, of zéér onregelmatig: ze worden per optreden betaald. ,,Goed, ga dan meer werken!'', horen wij u zeggen. Maar dat gaat eenvoudig niet. Voor acteurs of muzikanten zonder vaste aanstelling is het onmogelijk om projecten te vinden die direct op elkaar aansluiten. Daarbij komt dat er sprake is van een kunstseizoen, wat betekent dat er in de zomermaanden geen werk is. Het publiek is dan met vakantie.

,,Zoek dan een vaste aanstelling!'' Dat zou het aangenaamste zijn voor iedereen, maar in de kunst zijn vaste banen wegens geldgebrek zeldzaam. Op dit ogenblik hebben in Nederland nog geen honderd acteurs vast werk. Gezelschappen kunnen maar een paar spelers in vaste dienst hebben en contracteren andere acteurs per project. Tussen projecten in moeten die acteurs zichzelf bedruipen. Momenteel kan dat ook, want dan krijgen ze WW.

Om even bij toneelspelers te blijven: het aantal professionele acteurs zonder vaste aanstelling in Nederland wordt geschat op ongeveer 3.000. Al deze mensen vallen wel eens terug op een WW-uitkering om een periode tussen twee contracten te overbruggen. Door de halvering van hun WW-uitkeringen zullen ze niet rond kunnen komen, ander werk moeten zoeken, zich omscholen of in de bijstand terechtkomen.

In een toelichting bij Walvisschrijft minister De Geus: ,,In het huidige tijdsgewricht is geen legitimatie voorhanden om voor artiesten, handelsreizigers en seizoenswerkers een begunstigende regeling te handhaven.''

Wij moeten dat weerspreken. De minister overziet klaarblijkelijk niet de verwoestende gevolgen van deze maatregel voor de betreffende beroepsgroepen, laat staan die voor de Nederlandse cultuur. Destijds hebben musici, artiesten en aanverwanten niet voor niets een speciale dagloonregeling in de WW toebedeeld gekregen. Podiumkunstenaars kunnen zich daardoor met kunst bezighouden in plaats van met het bijeenharken van inkomen. Podiumkunstenaars in de WW zitten tussen het solliciteren door niet thuis te niksen; de meesten van ons zijn ook dan op een zeer gedreven manier bezig met hun vak, doordat ze nieuwe plannen ontwikkelen, screentests- of audities doen, stukken lezen en bewerken, hun vaardigheden onderhouden of repeteren aan nieuwe muziekstukken. Succesvolle Toneelgroepen als 't Barre Land en De Federatie (opgegaan in toneelgroep Oostpool) zijn mede dankzij de huidige WW-constructie gekomen waar ze nu zijn. Ook toneelschrijver Peer Wittebols, Mylène `d Anjou en danseres Iris reyes hebben zich daardoor kunnen ontwikkelen. Zelfs Gijs Scholten van Aschat heeft van de WW gebruik moeten maken.

Daarnaast spreekt vanzelf dat deze maatregelen, als ze worden doorgevoerd, met één klap een eind zullen maken aan het rijkgeschakeerde en veelkleurige Nederlandse kunstleven. Bij uitvoering van Walvis zullen jonge toneelgezelschappen en beginnende kamermuziekensembles snel het loodje leggen. Op de podia zal alleen nog plek zijn voor risicoloze muziekprogrammering, voor mainstream theaterproducties en andere podiumkunst waarvan het zakelijk succes reeds bij voorbaat aannemelijk is. Ter vergelijking: het zal zijn of alléén de TGV mag blijven rijden en ál het andere openbaar vervoer in Nederland per onmiddellijk wordt opgeheven.

Tot overmaat van ramp hangt kunstenaars op dit moment nog de bezuiniging van 19 miljoen euro boven het hoofd die staatssecretaris Medy van der Laan moet doorvoeren op cultuur. Die bezuinigingen zullen kleine, beginnende gezelschappen, productiehuizen en werkplaatsen niet ongemoeid laten. Maar áls Van der Laan, zoals gevreesd wordt, het kunstenveld wil stroomlijnen tot een fantasieloos gazon, dan zal zij dit beleid in elk geval verantwoorden. Nu Sociale Zaken aan de bomen begint te zagen, is van zo'n verantwoording geen sprake. Natuurlijk begrijpen ook podiumkunstenaars dat in benauwdere tijden kunst niet van bezuinigingen gevrijwaard kan blijven. Maar op deze opeenstapeling van ondoordachte maatregelen is de term bezuinigen helemaal niet meer van toepassing. Het betekent niets minder dan het opheffen van een groot deel van de Nederlandse podiumkunst. Wij vragen de minister en de staatssecretaris dan ook om een beschaafd land als Nederland deze grote schande te besparen.

Anne-Wil Blankers, Gijs Scholten van Aschat, Pierre Bokma, Halina Reijn, Mark Rietman, Will van Kralingen, Peter Tuinman, Victor Löw, Stefan de Walle, Mylène d'Anjou, Heike Wisse, Has Drijver en Lieneke Le Roux zijn acteurs