Kamp: militairen langer in Irak

Minister Kamp (Defensie) sluit niet uit dat Nederlandse troepen langer dan gepland in Irak blijven. Dat zei Kamp gisteren in het tv-programma Buitenhof.

Nederland heeft op dit moment zo'n 1.100 militairen gelegerd in en rond de zuidelijke provincie Al-Muthanna. De militairen zijn ondermeer verantwoordelijk voor de veiligheid en stabiliteit in het gebied. De Nederlanse bijdrage aan de Stabilisation Force for Iraq (SFIR) is gepland tot 15 juli. Mocht een vertrek van de Nederlands militairen deze stabiliteit ,,in gevaar brengen'', aldus Kamp, dan is het goed mogelijk dat de missie wordt verlengd. In maart zal het huidige detachement, dat hoofdzakelijk uit mariniers bestaat, worden afgelost door eenheden van de landmacht.

Hoe de situatie in Irak na de zomer zal zijn, is nog onduidelijk. De VS willen uiterlijk op 30 juni de soevereiniteit overdragen. Onduidelijk is echter welke Iraakse autoriteit de macht overneemt en welke eventuele rol de Verenigde Naties krijgen in Irak. In maart zal in een overeenkomst met de huidige Iraakse regeringsraad worden vastgelegd welke rol SFIR vanaf 1 juli van dit jaar zal krijgen.

Kamp reageerde ook op het strafrechtelijk onderzoek naar sergeant-majoor Erik O., die op 27 december een Iraakse plunderaar doodschoot. Volgens Kamp is het goed dat de kwestie grondig wordt uitgezocht, maar is de verdenking van het openbaar ministerie – dood door schuld, doodslag of zelfs moord – ,,voorbarig''. Volgens Kamp is het uitgangspunt ,,dat er iets mis is'' niet juist. Pas als na onderzoek blijkt dat er wat verkeerd is gegaan, moet men de militair als verdachte behandelen, aldus Kamp gisteren.

Hij kondigde ook aan dat 250 miltairen die moeten afvloeien, een functie krijgen bij de politie. Daarover heeft Kamp afspraken gemaakt met minister Remkes (Binnenlandse Zaken). Door de bezuinigingen komen er bij Defensie 12.000 banen te vervallen.

Vanochtend is vanaf vliegbasis Eindhoven een Fokker 60 transportvliegtuig vertrokken naar Jordanië. Het toestel gaat voor de VN vluchten uitvoeren naar Iraakse steden als Bagdad, Arbil en Basra. De missie is niet zonder risico, zei plaatsvervangend bevelhebber der luchtstrijdkrachten Starink vanmorgen bij het afscheid.