`De Nederlandse film is niet internationaal genoeg'

Tien Nederlandse filmmakers krijgen een stipendium van tienduizend euro van het Nederlands Fonds voor de Film om in alle rust een filmplan te ontwikkelen. Dat heeft artistiek adviseur van het fonds Mart Dominicus gisteren tijdens het Filmfestival Rotterdam bekendgemaakt. Dominicus werd een jaar geleden door het fonds aangetrokken om te waarborgen dat de artistieke film niet ondergesneeuwd zou raken in de steeds grotere roep van datzelfde fonds om commerciële publieksfilms. Mark de Cloe, Peter Delpeut, Fow Pyng-hu, Pieter Kramer, Nanouk Leopold en Alex van Warmerdam zijn enkele van de makers die de komende tijd een speelfilm zullen ontwikkelen.

Zijn voornaamste reden was geweest, vertelde Dominicus ,,dat de Nederlandse film niet uitgesproken genoeg is''. Dat was ook de unanieme conclusie van een door het filmfonds georganiseerde paneldiscussie over de Nederlandse film in het buitenland. De Nederlandse sales agent Wouter Barendrecht beklemtoonde daarin het belang van festivals voor de internationale distributie van films. Misschien is de Nederlandse film niet internationaal genoeg, opperde de Duitse producent Karl Baumgartner, die tevens stelde dat de televisie geen inhoudelijke invloed mocht hebben op de filmproductie: ,,Laten ze gewoon geld geven en verder hun mond houden.'' De Belgische regisseuse en filmmaakster Marion Hänsel weet de matheid van de meeste Nederlandse films aan gebrek aan durf bij de geldgevende fondsen: ,,Ze moeten dapper genoeg zijn om eigenzinnige en eigenaardige projecten te steunen. Die moeten ze kunnen herkennen en ze moeten risico's durven nemen.''

Gelukkig ging er in Rotterdam ook nog een film in première die het pessimisme over de eigenheid van de Nederlandse film kon wegnemen. Het zuiden van Martin Koolhoven is een bizarre, spannende, woeste en geestige film over een vrouw met maar één borst, een wasserij, een vrachtwagenchauffeur en een baby. Het scenario van Mieke de Jong is door Koolhoven in krachtige beelden getemd. Even deed het er niet meer toe dat Het zuiden een Néderlandse film is, het was eenvoudigweg een van de meer opwindende films van deze festivaleditie. De film werd lange tijd genoemd als kandidaat om het Digitaal Netwerk Nederland, een door het Filmfonds geïnitieerd vervolg op DocuZone, te lanceren. DNN werkt niet langer met projectie vanaf dvd, maar zendt de beelden direct van een server naar de projector, met een betere beeldkwaliteit als gevolg. Hoewel het festival deze primeur miste, discussieerde het derde Rotterdam Film Parlement gisteren wel over de toekomst van de distributie. Dat de toekomst van de film digitaal is, daar was eigenlijk iedereen het over eens. De vraag was alleen hoe je daarbinnen de plaats van de artfilm en de wereldcinema veilig kunt stellen. Voorstanders van digitale distributie menen daarom dat de onafhankelijke filmwereld beter nu het voortouw kan nemen, om straks niet door Hollywood ondergesneeuwd te raken.