What men want

Elke week in Leven &cetera een column van het online jongerenmagazine Spunk, verbonden aan NRC Handelsblad. Over de wereld van de 16-plussers. Deze week de (ingekorte) column van Renske de Greef (19).

Ik wil graag vrienden. En omdat het tussen mij en hetzelfde geslacht nog steeds niet zo botert, zijn de meeste van mijn vrienden jongens. Ik ben daar wel blij mee. Jongens zijn over het algemeen wat jovialer, vriendelijker en behulpzaam. En hulp kan ik vaak goed gebruiken, want geheel in de geest van mijn clichématige meisjes-zijn vind ik elektriciteit een uitvinding van God (als in: ik snap er niets van), zijn fietsen voor mij wonderlijke bouwwerken waar ik kinderlijk stil van word en dingen weer maken is simpelweg nicht im Frage: als het kapot is, is het kapot. Zoals een deurtje dat ergens uitvalt. Ik heb me dan wel weer goed getraind in flexibel aanpassen: zonder deurtje zie je weer heel goed wat er allemaal in het kastje zit, en dat is ook fijn.

Maar soms heb ik hulp nodig. Piepend hang ik aan de telefoon om als echte damsel in distress mijn redder te sommeren op te komen draven en het euvel te verhelpen.

Ik dacht altijd dat dat vriendschap was. Surinaamse broederliefde. Maar toen ik eens vol trots aan een of andere hufter (die toevallig ook de rol van een van mijn beste vrienden vertolkt) aan het vertellen was dat ik zo'n prachtige website had gemaakt, dat wil zeggen, dat ik naast een vriend van me had gezeten terwijl die zo'n prachtige website voor mij had gemaakt, begon hij te lachen. Als een pasgeboren vogeltje zo onschuldig vraag ik aan hem wat er grappig is. ,,Niks, gewoon, jouw naïviteit.'' Als stoere ferme vrouw van de wereld (die wel denkt dat Jerry Springer echt is) laat je dat natuurlijk niet op je zitten en bas je met een klein stemmetje: ,,Nouhou... hoezo?'' Hij lacht nog een keer, maar gaat dan serieus verder. ,,Nou, jij denkt dat al die jongens je vrienden zijn enzo, maar ze willen natuurlijk eigenlijk allemaal met je naar bed. Daarom doen ze zoveel moeite.''

Als een kat die bij zit te komen van een totaal onverwachte tik op de neus ben ik even stil. Dan word ik woedend. ,,Wat bedoel je godverdomme? Dat al die mensen niet echt mijn vrienden zijn? Weet je wel wat voor onzin dat is? En hoe beledigend voor mij?'' In plaats van in te binden, wat ik verwacht en wat ik eis, gaat hij echter stug verder. ,,Kijk, jongens hebben niet echt vriendinnen.'' Hij hoort mij snuiven van kwaadheid en gaat gehaast door. ,,Heel soms wel, natuurlijk, maar over het algemeen wil een jongen met een meisje naar bed als hij met haar heeft afgesproken. Als hij een leuk meisje ziet in de discotheek, dan gaat hij met haar praten. Als ze vanaf dat moment zegt dat ze een vriend heeft, maar best wel vrienden met hem wil zijn, is hij weg, want hij weet dat er dan geen kans is op neuken. Is er nog wel een kleine kans, of beter: een grote, dan zal hij weer met haar afspreken. En ondertussen veel moeite gaan doen. Dingen doen zoals ehh... websites bouwen.''

Ik ben letterlijk met stomheid geslagen. ,,Maar... en wij dan?'' ,,Wij zijn exen, dus wij hebben de kans gehad om iets op te bouwen. Toen het uit ging is dat gebleven. Kijk, jongens zijn ook niet helemaal brainless fuckmachines, als ze door hebben dat het een leuke platonische relatie is, zullen ze het misschien niet meer op het spel willen zetten voor seks. Of de vriendschap gaat echt overheersen. Maar over het algemeen calculeren wij. Hoeveel procent kans op seks? En dan daarvoor gaan.'' Hij lacht even besmuikt. Ik kan niet meelachen. Deze theorie, deze gedachte, dit hersenspinsel is een verschrikking voor mijn bestaan. Ik kan niet geloven dat jongens meisjes echt alleen maar zien als een opblaaspop die toevallig van vlees gemaakt is en als extraatje een bewegende tong heeft.

Meer: www.spunk.nl