Tips voor een smalle beurs

Niet KLM, maar telecombedrijf Versatel keert per 2 maart terug in de AEX-index. Daarmee krijgt de jaarlijkse stoelendans om welke bedrijven er in de hoofdindex mogen een verrassende wending. Euronext, de beurs zelf dus, voorzag twee maanden geleden nog dat KLM, dat binnenkort formeel opgaat in Air France, tot de index zou toetreden.

De jaarlijkse selectie voor de AEX-index gaat als volgt: eerst wordt gekeken welke beursfondsen de hoogste omzet halen. Die fondsen worden vervolgens gewogen op basis van hun totale beurswaarde. Het geheel wordt gecorrigeerd voor aandelenbelangen die niet verhandelbaar zijn, en zittende AEX-fondsen krijgen een lichte voorkeursbehandeling boven nieuwkomers.

Bovendien, en dat is de crux van de AEX-index, mag geen van de 25 fondsen in de AEX-index een weging hebben van meer dan 10 procent. Die regel stamt van vroeger, toen reus Koninklijke Olie een marktwaarde had van meer dan een kwart van alle aandelen in Amsterdam. Een beursindex waarin alle aandelen simpel gewogen zouden worden op hun marktwaarde zou, zo vreesde men, vooral een Koninklijke-Olie-index worden.

En zo is het elk jaar een heel gedoe voor index-volgers en AEX-optiebeleggers: gokken welke aandelen er uit de index zouden vallen en welke er in zouden komen, en wie welke weging krijgt.

Kan dat niet eenvoudiger? Ja. Datastream, 's werelds grootste leverancier van historische financiële en economische informatie, houdt zelf aandelenindices bij. Daarin worden alle beursgenoteerde bedrijven gewogen volgens hun marktwaarde – de simpelste manier om een index samen te stellen.

Wie de Datastream-index voor Nederlandse aandelen volgt sinds 1 januari 1983 – de dag waarop de AEX-index voor het eerst werd berekend, komt op een verrassend klein onderling verschil. De gemiddelde jaarlijkse koersstijging van de AEX-index wijkt maar 0,08 procent af van de gemiddelde jaarlijkse stijging van de simpele Datastream-index. Voor de herbeleggingsvariant van beide indices bedraagt het verschil 0,25 procent.

Over de afgelopen 10 jaar is het onderlinge verschil nóg kleiner: jaarlijks 0,02 procent voor de gewone indices en 0,22 procent voor de herbeleggingsindices. Het teruglopende verschil kan er mee te maken hebben dat er relatief meer zwaargewichten op het Damrak zijn gekomen. In 1983 vertegenwoordigde de AEX-index 70 procent van de marktwaarde van alle genoteerde fondsen. Eind 2003 was dat 83 procent. De moraal: leuk dat er nog een Amsterdamse beursindex is. Maar echt nodig? Nou, nee.