Misplaatst relativisme over klimaatvoorspellingen

Het hoofdartikel (NRC Handelsblad, 13 januari) pleit voor een behoedzame en wetenschappelijke houding ten aanzien van klimaatvoorspellingen in relatie tot het verdwijnen van plant- en diersoorten.

Het commentaar stelt dat we nog niet kunnen beweren dat het massale uitsterven van planten en dieren, het smelten van de Noordpool of een oververhitte zomer, komen door klimaatverandering. In het commentaar wordt ook verwezen naar de theorie dat zonnevlekken medeoorzaak van klimaatverandering zijn.

De rol van zonnevlekken is onlangs wetenschappelijk onderzocht. En daaruit blijkt dat, anders dan in het commentaar wordt verwoord, de opwarming van onze atmosfeer in de tweede helft van de afgelopen eeuw niet door zonnevlekken kan worden verklaard, maar primair het gevolg is van onze uitstoot van broeikasgassen, zoals CO2.

Natuurlijk zijn er nog wetenschappelijke onzekerheden. Geen wetenschapper krijgt de complexiteit van het grillige wereldklimaat volledig in een model geperst. Daarom werken klimatologen vaak met bandbreedtes in hun voorspellingen. Het commentaar geeft ook andere oorzaken dan klimaatverandering voor het verdwijnen van plant en dier: het kappen van regenwouden en het asfalteren en bebouwen van natuurgebieden zou even ernstig zijn als klimaatverandering. Er wordt gesuggereerd dat we beter kunnen kiezen voor een beleid tegen kaalkap en asfalt. Die keuze is er volgens Greenpeace niet. Het beschermen van onze biodiversiteit is immers zinloos zonder drastische maatregelen tegen klimaatverandering.

De conclusie dat milieuorganisaties de neiging hebben klimaatverandering en de gevolgen als stellige voorspellingen te zien is ten dele juist. Stelligheid is geboden om misplaatst relativisme, zoals ook weerspiegeld in het hoofdredactionele commentaar, tegen te gaan. De wetenschappelijke voorspellingen zijn daarvoor te ernstig. Natuur en milieu staan thans, vanwege andere problemen, wat lager op de politieke en maatschappelijke agenda, maar de mondiale aantasting ervan gaat absoluut en onverminderd door.