Duitse zwijnen en Turkse racisten

Kreuzberg, de wijk van alternatievelingen en Turkse immigranten in Berlijn, beschouwt zichzelf als laboratorium voor progressieve denkbeelden over integratie. Verschillende culturen zouden hier vreedzaam samenwonen. Maar ook hier leven autochtonen en allochtonen steeds meer gescheiden van elkaar. `De integratie is volledig mislukt.'

Op het perron surveilleren twee bewakers met een Duitse herder die onrustig met zijn muilkorf schudt. S-Bahn-halte Kottbusser Tor. 14.00 uur. In de voetgangerstunnel ruikt het naar urine. De kaartautomaat is defect. Oude alcoholisten en iets jongere drugsverslaafden bevolken de stoep. De `Alki's' zijn luidruchtig, de junks schichtig.

Dit is niet de pronkkamer van Berlijn, maar staatsmacht en verzorgingsstaat houden stand. Op één hoek staan busjes waar verslaafden een bezoek brengen aan de tandarts, op de andere een politieauto met zwaailicht. Midden in het tumult stapelt een Turkse groenteboer onverstoorbaar sinaasappels tot een piramide. Alles went. `Kotti' heet deze smoezelige hoek in de volksmond liefkozend.

Hoog boven de sinaasappels torent een langwerpig flatgebouw dat over de straat is gebouwd en het plein voor het station omarmt. Duizend bewoners. Turkse winkels. Vuile portiekjes. En, op de eerste verdieping, de fundamentalistische Mevlana-moskee. Zentrum Kreuzberg staat in grote neonletters op de voorkant van de kolos, Kreuzberg Merkezi heet het op de achterkant. Vrouwen met hoofddoek snellen langs de Duitse alcoholisten. Een man in een zwart leren jack mompelt iets over Kopftuchtantes.

Kreuzberg heeft vele gezichten. Bruisend nachtleven, ateliers, avant-garde galeries enerzijds. Werkloosheid, armoede, drugs, jeugdbendes anderzijds. Multiculti-flair, enerzijds. Turks schaafvlees (Döner kebap) en Berlijnse Currywurst uit één loket. Gettovorming, anderzijds. Op de Eberhard-Klein-Oberschule is 98 procent van de leerlingen allochtoon. Duitse ouders die er hun kind willen aanmelden krijgen het advies dat niet te doen. De (Duitse) schoolleiding heeft van alles geprobeerd, maar acht zich niet langer in staat om Duitse kinderen te integreren.

Kreuzberg is ook een kleine Turkse stad. Van de 150.000 inwoners hebben er 25.000 officieel de Turkse nationaliteit. Hun kinderen hebben de Duitse nationaliteit. Naar schatting is ruim dertig procent van de bevolking van Turkse komaf. Kreuzberg ligt daarmee iets boven het gemiddelde van grote West-Duitse steden (Frankfurt 30 procent, Stuttgart 24).

Als in Berlijn gedemonstreerd wordt tegen een mogelijk verbod van hoofddoekjes in ambtelijke functies, vertrekt de stoet in Kreuzberg. En als de Turkse premier Erdogan in Duitsland een pleidooi houdt voor de toetreding van zijn land tot de Europese Unie, doet hij dat hier. Elke tv-kijker is dan meteen duidelijk dat de Turken al lang en breed in Europa gearriveerd zijn – ook als Erdogan dat niet expliciet zegt.

De straten tussen Kottbusser Tor en Görlitzer Park, tussen Kotti en Görli, worden dan ook in elke reisgids aangeduid als klein-Istanbul. In het park zijn de kalksteenterrassen uit het Turkse Pamukkale nagebootst. De fontein, symbool van Duits-Turkse vriendschap, is in vijf jaar tijd verpieterd tot een bouwval.

Traditioneel woonden hier industriearbeiders, in huurkazernes, dicht op elkaar gepakt in donkere straatjes. Een hoekje voor Malocher, werklieden. Midden jaren zestig waren de huizen zo verkommerd dat de Berlijnse arbeiders er niet meer wilden wonen. De lage huren trokken Turkse gastarbeiders aan die met een arbeidscontract van AEG of Siemens op zak naar Duitsland waren gekomen.

De lage huren lokten ook jongeren uit de West-Duitse provincie die weigerden op te groeien tot Otto Normalverbraucher. Mensen die een andere levensstijl zochten, jongemannen op de vlucht voor militaire dienst: de bewoners van de westerse frontstad waren gevrijwaard van dienstplicht. In deze geïsoleerde uithoek – ingeklemd tussen de Muur, de Spree en het Landwehrkanaal – ontstond een unieke biotoop van studenten, krakers, chaoten en aanhangers van diverse ismen die al lang weer uit de mode zijn. De buurt, SO36 genaamd, naar een oud postcodesysteem, verwierf in Europa een magische reputatie als revolutionaire enclave.

Gekruid gehakt

De revolutie is afgeblazen, maar een keer per jaar meldt het verleden zich even. Op de Dag van de Arbeid en tijdens de Walpurgisnacht, die eraan voorafgaat, ontstaan steevast rellen in SO36. Het gaat nergens over, maar matten met de Bullen maakt nu eenmaal deel uit van de plaatselijke folklore. De Agit-Rockgroep `Ton, Steine, Scherben' dichtte hier: ,,Macht kaputt was euch kaputt macht.''

In de schaduw van de Muur troffen destijds twee groepen elkaar die vrijwel niets gemeenschappelijk hadden. Hoog opgeleide Duitse wereldverbeteraar ontmoet laaggeschoolde arbeider van het Turkse platteland. Samen moesten ze vorm geven aan hun versie van de multiculturele samenleving. Is hun experiment mislukt? Of deden de wereldverbeteraars het beter?

Kreuzberg is, afgezien van twee uitzonderingen in de jaren tachtig, sinds '45 in de handen van linkse politici. De alternatieve biotoop is daarom ook een laboratorium voor progressieve denkbeelden over integratie. De website van de deelgemeente verkondigt niet zonder trots dat het samenleven van verschillende culturen hier zonder strubbelingen – reibungslos – verloopt.

De Oranienstrasse was ooit de Kalverstraat van Kreuzberg. Nu is het een afspiegeling van de bevolking. Hippe restaurants en dito clubs (Molotov Cocktail). Cafés met latte macchiato. Boekhandels gespecialiseerd in Italië en globalisering. Vroeger had C&A hier een vestiging. In het pand zit nu een Turkse supermarkt. De protestantse kerk om de hoek, de Neue Apostolische Kirche, biedt tegenwoordig onderdak aan alevieten.

Op een gerestaureerde binnenplaats ligt het Duits-Turkse familiecafé Familiengarten – Aile Bahcesi. Binnen serveren Turkse vrouwen Turkse burgermanskost. Paprika's en courgettes, gevuld met rijst en gekruid gehakt. De vrouwen hebben er een tijdelijke aanstelling. Voor een enkeling is betaald werk het begin van een nieuw leven: een aantal ex-serveersters leeft nu gescheiden van hun man.

Het café is de in steen gemetselde goede bedoeling. Communicatie doorbreekt barrières en kweekt begrip. Alleen zo komen bevolkingsgroepen nader tot elkaar. Er zijn discussieavonden en gespreksgroepen. Duitse bejaarden organiseren er jaarlijks een sinterklaasmiddag voor Turkse kinderen. Immens populair is de Tanztee. Voorheen met orkest, nu, vanwege bezuinigingen, met cassettedeck. Dan komen eerst de Turkse bejaarden, daarna de Duitse.

,,Ze komen na elkaar, dat gaat niet anders'', zegt Claudia Wagner van buurtvereniging Kotti EV die het café exploiteert. ,,De Duitsers zouden gek worden van het kabaal. De oude Turkse immigranten tonen op die middagen een geweldige levensvreugde. Veel Duitse bejaarden hebben een bewogen leven achter de rug, dan is het niet gemakkelijk om op je oude dag ook nog eens de confrontatie met Turkije aan te gaan.''

Wagner is socioloog en werkt al twaalf jaar voor Kotti EV. Kreuzberg is beslist tolerant, zegt ze. ,,Alles wat afwijkt kan hier een plaats krijgen. Dat komt door de geschiedenis van de wijk.'' Maar dat is de oppervlakte.

Echt open is de sfeer niet. Zeggen de Duitsers. ,,Als blanke is het moeilijk om kritiek te uiten op buitenlanders'', vindt Wagner. ,,Als ik het probeer, word ik onmiddellijk als fascist gediskwalificeerd.''

Van daadwerkelijke integratie is geen sprake. Zeggen ook de Turken. In café Orya houden ex-junks elkaar op het rechte pad. Turken, Palestijnen, Vietnamezen en Russen kijken er in een immense wolk sigarettenrook naar een voetbalwedstrijd op tv. Trabzonspor tegen PSV Eindhoven. Ze drinken Turkse thee. Directeur Orhan Akbryrk: ,,Duitsers komen hier nauwelijks.''

Akbryrk is midden vijftig, liberaal, spreekt vloeiend Duits. In de supermarkt vroeg hij onlangs om ,,fijn'' gesneden boterhamvlees. ,,Ik werd meteen in de tang genomen. In Duitsland is het vlees ,,dik'' of ,,dun'', bitste de verkoopster. Dat moest ik nu toch eens leren! Ik ging briesend naar buiten. Mens, ik woon mijn hele leven al hier. Vertel me niets over Duits vlees.''

Volgens Akbryrk zijn de Turken geen haar beter. ,,De Turken zijn racistisch. Ze komen alleen uit hun geborgen Turkse milieu als ze er baat bij hebben. De bakker is open naar Duitsers als hij ze een brood kan verkopen. Dan is hij voorkomend. Maar als het Turkse brood aan de Duitse student is verkocht gaat het loket dicht en is de bakker weer zo Turks als voorheen. De Turken zijn alleen tolerant als ze kunnen profiteren.''

Kanake

Akbryrk is de trotse vader van twee zoons die met grote vaart door het gymnasium gaan. Pas zat hij met ze in een overvolle S-Bahn toen er een oudere Duitse man binnenkwam. De jongens stonden niet op. Voor zo'n ,,Deutsches Schwein'' maak je nu eenmaal geen plaats. ,,Vonden ze leuk.'' Ze vinden het ook leuk om bewust slecht Duits te spreken en dan de afkeurende blikken van de Duitsers te bestuderen. Akbryrk windt er geen doekjes om: ,,De integratie is volledig mislukt.''

De buitenlanders identificeren zich niet met Duitsland, zegt Öszan Mutlu. Hij kwam op zijn vijfde naar Kreuzberg en is afgevaardigde voor De Groenen in het parlement van stadstaat Berlijn. ,,De Duitsers zijn zelf niet met de Duitse identiteit in het reine gezien hun verleden. Daarom worden ze door Turken en Arabieren niet gerespecteerd. Een Turk begrijpt niet dat je je kunt schamen voor je roots.''

In Kreuzberg is volgens Mutlu op zijn best sprake van vreedzame coëxistentie. ,,Als mensen die al tientallen jaren in hetzelfde gebouw wonen elkaar op de trap tegenkomen, zijn er twee mogelijkheden. In het slechtste geval lopen ze langs elkaar. In het beste geval groeten ze elkaar, zonder elkaar aan te kijken.''

De meerderheid van de Duitse bevolking heeft nog steeds niet geaccepteerd dat Duitsland een immigratieland is, zegt Mutlu in zijn kantoor in hartje stad. ,,Duitsland liegt al veertig jaar tegen zichzelf. Men wijst ons af, men accepteert onze aanwezigheid eigenlijk niet. Maar de buitenlanders gaan echt nooit meer weg. Echt niet.''

De eerste roodgroene regering-Schröder heeft sinds 1998 een aantal belangrijke bakens verzet, zegt Mutlu. Zo moderniseerde ze het staatsburgerschap dat nu niet langer meer gekoppeld is aan bloedband, maar aan geboortegrond. Sindsdien wordt iedereen die in Duitsland uit buitenlandse ouders geboren wordt automatisch Duitser. Buitenlanders die acht jaar in Duitsland wonen komen in aanmerking voor een Duits paspoort. Het voorstel van Mutlu's partij om een dubbele nationaliteit in te voeren haalde het destijds niet. Na twee jaar moeten de nieuwe Duitsers hun Turkse paspoort inleveren.

Met een tweede project, een nieuwe immigratiewet, is de regering vastgelopen op de conservatieve oppositie. De wet zou immigratie mede afhankelijke stellen van de behoeften van de Duitse arbeidsmarkt en tevens maatregelen bevatten om de integratie van nieuwkomers te bevorderen. De christen-democraten vrezen dat met het voorstel van de regering te veel buitenlanders binnengesluisd worden. Met 4,5 miljoen werklozen en lichtexplosieve binnensteden is dat geen goed plan, zeggen CDU en CSU.

Aan een derde project, een helder verbod op discriminatie, waagt de regering zich volgens Mutlu uit electorale overwegingen niet eens meer. ,,Duitsland is het enige land in Europa dat geen antidiscriminatiewet heeft.'' Je mag volgens het strafrecht weliswaar niet discrimineren, maar tegen selectief toelatingsbeleid bij de disco kun je niets uitrichten, zegt Mutlu. Er zijn zelfs wetten die discrimineren. ,,Als je geen Duits paspoort hebt, mag je geen schoorsteenveger worden. Waarom mag een Turk geen schoorstenen vegen? Kan iemand me dat eens uitleggen?''

Ook over die andere vorm van discriminatie, het alledaagse gebrek aan respect, hoef je Mutlu niets meer te vertellen. Twee jaar geleden werd in Kreuzberg, niet ver van de Oranienstrasse, een Turks-Duitse lagere school geopend. Mutlu mocht er bondspresident Johannes Rau verwelkomen, maar vond geen parkeerplaats. Dan maar in de verbodzone parkeren: zo vaak heeft Mutlu geen afspraak met het staatshoofd. Een agent sommeerde hem te vertrekken. Mutlu verloor zijn geduld. Hij tutoyeerde de gezagsdrager: ,,Wie denk je wel dat je bent?''

Vorige maand werd Mutlu veroordeeld tot 2.000 euro boete wegens belediging van een politieagent. Daags na het oordeel werd hij telefonisch bedreigd. ,,Jij `Kanake', ga terug naar Turkije. Ga schapen hoeden. Jij vuile racist.'' Mutlu weet zeker: dit zal een blonde Duitse politicus nooit overkomen.

Terwijl de Turken eind jaren negentig langzaam afscheid namen van de droom naar Turkije terug te keren, zegt Mutlu, keken de meeste Duitsers de andere kant op. De Turken kochten huizen en woningen, richtten nieuwe bedrijven op. Op grote schaal en met succes. Er zijn in Berlijn 5.000 Turkse werkgevers met 30.000 personeelsleden. ,,De Turken arriveren langzaam. Als je ziet wat ze met hun geld doen, dan weet je waar de reis heengaat. Maar de Duitsers weten nog steeds niet of ze ons willen hebben.''

De Turken reageren op twee manieren. ,,Je hebt mensen die iets willen met deze, Duitse, samenleving. Mensen als Mutlu'', zegt Mutlu. En je hebt de aanhangers van `back to the roots'. ,,Mensen die zich afzonderen.'' Mensen die zich opsluiten in het Turkse dorp in Kreuzberg, mensen die toevlucht zoeken in

Vervolg op pagina 38

Kreuzberg

Vervolg van pagina 37

nationalisme en fundamentalisme.

Kreuzberg heeft een reputatie als het gaat om de strijd tegen radicalisme van rechts. Duitse, blanke skinheads hebben in de wijk geen leven. Als er een demonstratie van neonazi's de wijk nadert, zoemt de tamtam en is in een mum een tegendemonstratie op de been. ,,Daarna demonstreren de skinheads in een belendende wijk. Dat is ook niet netjes, maar de Kreuzberger is tevreden'', zegt Barbara Seid, ooit kraker en nu lid van de stadsdeelraad voor de ex-communistische PDS. Als de politie ergens in de stad skinheads oppakt, worden ze in Kreuzberg weer vrijgelaten. ,,Moeten ze zelf maar zien hoe ze heelhuids thuiskomen'', zegt Seid laconiek.

Met radicalisme van Turken heeft Seid het een stuk moeilijker. ,,Als ik wangedrag van Turken wil aankaarten word ik voor gek verklaard. Dat kunnen we als blanke Duitser toch niet gaan roepen zeiden mijn vrienden.'' Toch valt ze de Turken aan als ze dat nodig acht. ,,Ik ben al vaak voor Nazischwein uitgemaakt.''

Seid schetst de contouren van een getto. De Turken hebben zich in Kreuzberg genesteld en voelen zich thuis – in hun Turkse gemeenschap. In Kreuzberg kan men als Turk heel goed leven zonder een woord Duits te spreken. Artsen, advocaten, onderwijzers, winkeliers: iedereen spreekt Turks. De Turken vormen de dominante groep, zegt Seid. ,,Het is de Turken tegenover de rest van de wereld.''

Die Turkse overmacht wringt. Afrikaanse ouders klagen bij buurtvereniging Kotti dat de kinderen eerder Turks leren dan Duits. Duitse ouders brengen hun kinderen buiten de wijk naar school. Dat doen ook de economisch succesvolle en liberaal georiënteerde Turkse ouders. Als het succes beklijft, vertrekt op den duur het hele gezin. De Turken die achterblijven hebben geen werk en geen interesse in Duitsland.

De Turken zijn verbaal agressief, zegt Seid. ,,Een Turk zegt wel Scheiss Polakke. Maar Polen en Duitsers zeggen niet Scheiss Türke. Zouden ze niet wagen.'' Kritiek van Duitsers accepteren de Turken niet. ,,Dan ben je onmiddellijk vijandig tegenover buitenlanders.'' Daar zijn Duitsers gevoelig voor. Vijandigheid tegenover een andere bevolkingsgroep is wel het laatste dat een weldenkende Duitser zich sinds het nazisme laat aanleunen.

Vooral op school is dat een probleem. ,,Leraren pakken Turkse kids anders aan dan Duitse. Ze zetten niet door.'' Als iemand zijn hoofddoekje niet af wilde doen tijdens de gymles werd daar lange tijd niets van gezegd. Langzaam verandert dat. Nu wordt vaker een sporthoofddoek (zonder spelden) afgedwongen.

De Turken discrimineren, zegt Seid. Haar dochter heet Deborah en werd op school gemeden door Turkse meiden. Ze dachten dat ze joods was. Eind vorig jaar werd een jonge man met een keppeltje 's avonds door een groepje Turkse en Arabische jongens door de wijk gejaagd. Hij kon nog net bijtijds een EHBO-post binnenvluchten. Ook voor een Duitse vrouw is Kreuzberg tegenwoordig erg vermoeiend, zegt Seid.

,,Ik ben goddank niet meer in de leeftijd dat ik op straat als sekssymbool word ingeschaald. Maar ik zie ze lopen. Zij in hoofddoek achter de kinderwagen. Hij, een meter achter haar, grijnzend en flirtend met alles dat langskomt zonder hoofddoek. Want zonder hoofddoek ben je toch maar een Deutsche Schlampe.''

De laatste vijf jaar stellen, vooral jonge, Turken zich steeds militanter op oordeelt Seid. Ze weet ook waar dat vandaan komt. Van fundamentalistische en nationalistische organisaties. Seid ergert zich vooral aan Milli Görüs, de organisatie die in Turkije een islamitische staat nastreeft en in Duitsland ervoor ijvert dat Turken hun leven kunnen inrichten volgens de sharia. ,,Ik weet, in Nederland heeft Milli Görüs een liberale reputatie, maar hier zijn het fascisten, ik kan niet anders zeggen.''

Seid schetst Milli Görüs als een grote organisatie van oude mannen die fundamentalistische waarden overbrengen. Via een uitgebreid aanbod aan scholing en vrijetijdsbesteding dringen ze een wereldbeeld op dat niet strookt met de Duitse grondwet. Anti-joods, anti-Amerikaans, anti-vrouw. Vertegenwoordigers van Milli Görüs weerspreken keer op keer dat de organisatie zich buiten de Duitse wet beweegt. Desondanks staat ze onder toezicht van de binnenlandse veiligheidsdienst. De Verfassungsschutz schat dat van de 2 miljoen Turken in Duitsland 65.000 lid zijn van nationalistische of fundamentalistische verenigingen.

Ook Mutlu beziet de groeiende invloed van wat hij ,,de rattenvangers'' noemt met ergernis. ,,Ze halen de kids van de straat, maar nemen ze ook weg van de samenleving. Die kinderen gaan verloren. Zo krijg je gemeenschappen die parallel naast elkaar functioneren. Dat is een luxe die we ons niet kunnen veroorloven.''

Hij vindt het niet vreemd dat jongeren zich afzonderen. Op de arbeidsmarkt is geen plaats. In Kreuzberg is elke tweede Turk werkloos. Eenderde van de jongeren maakt de school niet af. Zelfs ongeschoold werk is er niet. De schaduweconomie is hun enige redding. Het onderwijs is niet op hen afgestemd. Mutlu: ,,Ze leren: mijn voorouders zijn slecht, mijn taal is niets waard, mijn cultuur en religie zijn minderwaardig. Dan moet je niet gek opkijken als ze zeggen: lik mijn reet.''

De coëxistentie van culturen in Kreuzberg 36 is toch niet zo vreedzaam als de stadsdeelraad het graag voorspiegelt. De revolutionairen van destijds houden vol dat het ooit, in de jaren zeventig, beter was. Toen Turkse arbeiders en studenten op de Schlesische Strasse nog samen gingen ontbijten. Toen het ene folkloristische verbroederingsfeest het andere volgde. Toen Turkse politieke vluchtelingen nog samen demonstreerden met de kinderen uit de Duitse provincie. Van die idylle – als ze al echt heeft bestaan – is niets meer over. Afgezien van Kreuzberg, de mythe.

Wel bestaat er een woud van gesubsidieerde instanties en verenigingen die integratie moeten bevorderen, de sociale en etnische spanningen moeten afveren. Ooit werden 900 subsidieontvangers geteld. Er was nooit beleid voor migranten, zegt Wagner van Kotti, maar er was wel altijd geld. Inmiddels is Berlijn failliet en vrezen instellingen als Kotti om hun voortbestaan.

Sommigen hopen dat een sanering onder de sociale instanties de migranten eindelijk zal dwingen op eigen benen te staan. Dat migranten zelf leren het formulier van de sociale dienst in te vullen en het niet overlaten aan een welwillende Duitser. Anderen vrezen escalatie. ,,Elke dag als ik hier de hoek om kom'', zegt Wagner ,,ben ik verbaasd dat de zaak nog steeds niet is geëxplodeerd.''

De vrees voor escalatie leidde in de jaren zeventig al eens tot drieste plannen. In drie Berlijnse wijken, waaronder Kreuzberg, mochten Turken zich niet meer vestigen. Het afgrendelen van een wijk bleek niet haalbaar: gezinshereniging en een hoop gesjoemel zorgden voor een permanent stroom aan nieuwkomers. Vervolgens is overwogen om Turkse kinderen in betere wijken naar school te brengen en welgestelde Duitse kinderen in Kreuzberg les te geven. Daar waren de betere wijken niet voor te vinden.

De laatste jaren zochten de Kreuzbergers vooral inspiratie in een land dat in hun ogen ,,altijd vijf stappen vooruit was'' als het ging om integratie. Een land dat al vroeg het belang van talenkennis onderkende en de inburgeringscursus introduceerde, zoals Wagner zegt. Een land waar, zoals Mutlu en Akbryrk beweren, de Turken zich niet meer op de eerste plaats Turks voelen. Een land dat veel toleranter is, zoals iedereen in Kreuzberg heel zeker weet. In het linkse Kreuzberg is Nederland nog steeds het grote voorbeeld. De Nederlandse integratiemachine is, of ze nu hapert of niet, nog steeds een exportproduct.

De schoolleiding acht zich

niet langer in staat om

Duitse kinderen te integreren

Als je geen Duits paspoort hebt,

mag je geen schoorsteenveger worden.

Waarom mag een Turk geen schoorstenen vegen?