Democratie voor dertig miljard

Ashraf Ghani was hoogleraar antropologie in Amerika, maar is nu minister van Financiën van Afghanistan. Hij slaagde erin de Afghaanse krijgsheren belasting te laten betalen en ziet vol vertrouwen de verkiezingen deze zomer tegemoet. `Afghanistan is niet de Balkan.'

De Amerikaans-Afghaanse Pathaan Ashraf Ghani Ahmadzai heeft haast. De kanker die zijn lichaam heeft aangetast is overwonnen, maar nu kampt hij met problemen aan zijn rug. Artsen willen hem opereren, maar dat zou hem twee maanden uit de roulatie halen. Dat kan hij zich nu niet veroorloven, zegt hij op het ministerie van Buitenlandse Zaken in Den Haag.

De 54-jarige Ghani is minister van Financiën in de Afghaanse overgangsregering van president Hamid Karzai. Hij voert met de president de regie over de wederopbouw van Afghanistan, cruciaal voor de toekomstige politieke stabiliteit van het land. Als aanspreekpunt voor de buitenlandse donoren verwierf hij zich de reputatie van een gedreven, kritisch onderhandelaar die er niet voor terugdeinst om hulpbiedende landen en talloze non-gouvermentele organisaties erop te wijzen dat niet zij, maar de Afghaanse regering uitmaakt hoe en waar de geldstromen moeten worden besteed.

In eigen land verstevigde Ghani vorig jaar zijn positie door onwillige gouverneurs en commandanten te dwingen hun regionale belastinginkomsten af te dragen aan de schatkist in Kabul. In mei reisde Ghani persoonlijk af naar de westelijke grensstad Herat om na een indringend gesprek met de weerspannige krijgsheer Ismaïl Khan met circa twintig miljoen dollar cash aan douaneheffingen in het vliegtuig terug te stappen. ,,Als het gaat om belastingafdracht en de bestedingen, opereren de krijgsheren nu keurig binnen het raamwerk van de centrale regering'', zegt Ghani. ,,Alleen al uit Herat heb ik dit jaar in totaal zestig miljoen dollar aan belastinggeld binnen.''

Dat is geen slecht resultaat voor een met zijn gezondheid tobbende antropoloog die het krijgsgeweld in zijn land eind jaren '70 (inval van de Sovjet-Unie) ontvluchtte en pas na de val van de Talibaan, eind 2001, terugkeerde, eerst als adviseur van VN-gezant Lakhdar Brahimi en vervolgens als adviseur van Karzai. Ruim twintig jaar woonde en werkte Ghani in de Verenigde Staten, vanaf 1983 als hoogleraar antropologie aan de Johns Hopkins Universiteit en vanaf 1991 in dienst van de Wereldbank. Na de eerste Loya Jirga (grote vergadering van stamleiders) in juni 2002, die Karzai bevestigde als overgangspresident, werd hij gepromoveerd tot minister.

Toen Ghani terugkwam, toonde hij zich ,,ontzet'' door de deplorabele toestand die hij in Afghanistan aantrof. Nu, twee jaar later, overheerst ,,hoop'', zegt hij. Voor het eerst in de geschiedenis heeft Afghanistan een gekozen leider, en niet iemand die op gewelddadige wijze de macht greep of op basis van bloedverwantschap de troon erfde. Na de aanvaarding van de grondwet op de vorige maand gehouden Loya Jirga bereidt Afghanistan zich nu voor op vrije verkiezingen in de zomer. ,,We liggen volledig op koers van het schema dat in november 2001 werd afgesproken op de internationale Afghanistan-conferentie in Bonn'', onderstreept Ghani.

,,Positief'' verloopt ook de economische wederopbouw. Maar net als bij de politieke vooruitgang, die wordt bedreigd door aanhoudende onveiligheid in vooral het zuiden en oosten van het land waar de Verenigde Naties om die reden onlangs hun hulpactiviteiten hebben opgeschort, liggen ook hier nog veel ,,uitdagingen'' op de weg – in de woorden van Ghani. ,,Vorig jaar hadden we een economische groei van 30 procent en voor dit jaar verwachten we 20 procent. Maar we zijn ontzettend arm. Als we de armoede willen uitbannen, hebben we de komende tien jaar een groei met dubbele cijfers hard nodig. Dat kunnen we ook wel halen, vooropgesteld dat we de komende vijf jaar op grote schaal worden bijgestaan en de daaropvolgende jaren op iets lager niveau.''

Hoeveel moet de internationale gemeenschap dan bijdragen?

,,Ruwweg 30 miljard dollar in de komende zeven jaar.''

Dat is fors meer dan Afghanistan de afgelopen twee jaar heeft gekregen.

,,We hebben zorgvuldig berekend wat we nodig hebben om de economie te ontwikkelen én om onze instituties (politie, leger, ambtenarenapparaat) te versterken. Op dit moment spendeert de internationale gemeenschap ten minste 14 miljard dollar per jaar aan veiligheid in Afghanistan (via militaire operaties en de vredesmacht ISAF). Alles wat de internationale gemeenschap daaraan minder hoeft bij te dragen, levert onmiddellijk besparingen op. Maar daarvoor is de opbouw van Afghaanse instituties cruciaal. Het tweede grote probleem is de dreiging af te glijden naar een narcostaat. De drugseconomie omvat nu al zo'n 40 procent van de totale economie. Bestrijding ervan gaat onze macht te boven. We hebben beslist de hulp nodig van de consumerende landen, zoals Europa. Wij hebben de drugshandel niet uitgevonden, we hebben dat geërfd.

,,Het is niet een kwestie van liefdadigheid, maar van investeren. We willen niet voor eeuwig afhankelijk zijn van buitenlandse hulp. Over tien jaar moeten we in staat zijn het overgrote deel van ons budget uit binnenlandse bronnen te financieren. Maar de basis daarvoor moet nu worden gelegd, met het bevorderen van een gezonde, legale particuliere sector. De staat alleen kan niet de banen leveren die straks nodig zijn om werk te bieden aan de 4,5 miljoen Afghaanse kinderen die nu naar school gaan.

,,Er is veel Afghaans kapitaal in het buitenland en ondanks de armoede ook veel geld in Afghanistan zelf. Net als de Chinezen zijn de Afghanen een ondernemend volk. En we doen alles in ons vermogen om buitenlandse investeerders aan te trekken.''

Vergeleken met onder andere Bosnië en Kosovo heeft Afghanistan per hoofd van de bevolking veel minder geld voor wederopbouw gekregen. Denkt u echt dat u straks meer krijgt?

,,Natuurlijk ben ik dankbaar voor wat de internationale gemeenschap heeft gedaan. Maar de hoogte van de bedragen is ontoereikend. Op de donorconferentie in Tokio (voorjaar 2002) werd 4,5 miljard dollar toegezegd, waarvan 1,6 miljard voor humanitaire hulp. Alleen al om onze boeren in staat te stellen hun producten op de markt aan te bieden hebben we 9 miljard dollar nodig voor investeringen in communicatie. Voor de aanleg van elektriciteit op het platteland hebben we miljarden nodig. We hebben een zorgvuldige analyse gemaakt en op basis van realistische berekeningen zullen we met de internationale gemeenschap in dialoog gaan, en precies aangeven waarvoor en hoelang we steun nodig hebben. De grote uitdaging is om in Afghanistan een middenklasse te creëren die in staat is dynamiek te geven aan economische groei. Zuid-Korea is er in één generatie in geslaagd zo'n middenklasse te scheppen. Dat willen we ook. Ik weet niet of we zullen slagen, maar de doelstelling moet in ieder geval voor iedereen heel duidelijk zijn.''

In de regering van Karzai gaat u over het geld, maar beschikt de Tadzjiekse veldheer Fahim (één van de opvolgers van de in 2001 vermoorde Tadzjiekse leider Massoud) als minister van Defensie over de wapens. Wie van u is de machtigste?

,,Dat is een verkeerde vraag. We zijn allemaal Afghanen en werken allemaal samen. Dat onderscheidt ons van Irak: we zijn allemaal betrokken bij hetzelfde politieke proces. Kijk waarvandaan we begonnen zijn in Bonn en waar we nu staan. De krijgsheren moeten wel meedoen want de mensen in Afghanistan zullen het niet tolereren dat iemand onze toekomst ruïneert. We willen dat onze kinderen langer leven dan wij, dat ze welvarender zullen zijn, dat onze vrouwen kunnen studeren en dat ze niet langer sterven in het kraambed. De afgevaardigden op de laatste Loya Jirga hebben dit soort verlangens luid en duidelijk uitgesproken, en wij moeten die realiseren.

,,De tegenstelling tussen Pathanen en Tadzjieken wordt echt overdreven. Wij waren nooit gescheiden, hebben altijd nauw met elkaar samengeleefd. We zijn elkaars buren, zijn met elkaar getrouwd, met elkaar naar school gegaan. Mensen die de nadruk leggen op etniciteit....Afghanistan is niet de Balkan.''

Maar zelfs uw broer Hashmat (een Pathaanse stamleider) hekelde onlangs de Tadzjiekse dominantie op het ministerie van Defensie.

,,Mijn broer spreekt niet namens mij, noch namens een meerderheid van de publieke opinie. Hij spreekt voor zichzelf. Er zijn twee manieren van politiek bedrijven: die van inspelen op emoties en terugkijken naar het verleden, en die van het redelijke verstand en het kijken naar de toekomst. Leiderschap gaat over het aangeven van richting en het beheersen van emoties, niet over het volgen van basisinsticten. Essentieel is dat Afghanistan een natie is.''

Zoals in de nieuwe grondwet staat.,,Ik ben tevreden met de uitkomst van de constitutionele Loya Jirga omdat daarin wordt erkend dat Afghanistan een pluralistische samenleving is. Dat is een belangrijk gegeven in een deel van de wereld waar pluriformiteit doorgaans niet wordt aangemoedigd. Wij erkennen juist dat onze eenheid is gebaseerd op onze diversiteit.

,,En ik ben tevreden omdat de grondwet er niet is doorgehamerd, maar zorgvuldig is voorbereid en is aangenomen na een open debat waarbij iedereen zijn mening kon geven. De grondwet is aanvaard bij consensus en is daarmee echt een grondwet van alle Afghanen.''

Volgens de grondwet is Afghanistan een democratische maar ook een islamitische staat, waarin geen enkele wet in strijd mag zijn met de islam. Volgens sommige analisten staat de deur daarmee open voor invoering van de sharia, de strenge islamitische wetgeving.

,,Die angst is gebaseerd op een fundamentele misvatting die in het westen bestaat over de islam. De terroristen vertegenwoordigen de islam niet. We hebben de mogelijkheid om democratisch te zijn én moslim, zoals Amerika enorm democratisch is én diep christelijk.''

Als antropoloog heeft u zich verdiept in de rolverdeling tussen man en vrouw. In de grondwet is expliciet opgenomen dat man en vrouw gelijk zijn. Is dat wel mogelijk in het conservatieve Afghanistan?

,,Natuurlijk kan dat. Kijk naar uw eigen geschiedenis in het westen. In Engeland had de vrouw tot het begin van de 20ste eeuw geen recht op eigendom. In de islam heeft het recht op eigen bezit van de vrouw altijd bestaan. De cultuur in het westen is veranderd en nu omhelst het westen de gelijkheid van man en vrouw. In Afghanistan hadden we een goede basis, maar zijn we onder de Talibaan teruggevallen op segregatie van man en vrouw. Maar waarom zou de cultuur bij ons ook niet kunnen veranderen? We hebben wat tijd nodig. Ook de apartheid in Zuid-Afrika is niet van de ene op de andere dag uitgebannen.''

Na de aanvaarding van de grondwet is het houden van vrije verkiezingen de volgende stap. Volgens de VN is het twijfelachtig of ze deze zomer door kunnen gaan gezien de onveiligheid in het land waardoor grote groepen kiezers niet geregistreerd kunnen worden. Waarom is het zo belangrijk vast te houden aan die datum?

,,De verkiezingen zijn cruciaal voor het verkrijgen van legitimiteit. We kunnen niet blijven regeren zonder een rechtstreeks mandaat te hebben van de bevolking. Wij moeten de bevolking laten zien dat wij het land besturen op basis van haar mandaat. Zonder mandaat kunnen we het land niet leiden.''

U heeft een Amerikaans paspoort, net als de minister van Binnenlandse Zaken en de gouverneur van de centrale bank. De Amerikaanse ambassadeur in Kabul is van Afghaanse afkomst. Critici spreken over een regering `made by the USA'.

,,Ik kom uit een familie die 400 jaar in hetzelfde dorp heeft gewoond in Afghanistan. De laatste vijf generaties is mijn familie vijf keer verdreven, maar we zijn steeds teruggekeerd naar ons dorp. Ik heb in het buitenland (Beiroet en New York) gestudeerd met een staatsbeurs, maar ik ben teruggekomen omdat ik in mijn land geloof. Om mij dan neer te zetten als een buitenstaander omdat ik 25 jaar in het buitenland heb gewoond is echt de geschiedenis op haar kop zetten. Degene die nieuw is op het toneel is Ismaïl Khan (de veldheer in Herat), niet ik. Ik heb 400 jaar oude wortels, hij was een kleine majoor in het leger die tot prominentie is opgestegen. Niemand is beter dan de ander, we moeten elkaar accepteren.''