Verdachte Baarn was berucht

De verdwijning van het Baarnse echtpaar Müller hield de buurt jarenlang bezig. De verdachte bleek al vele malen met politie in aanraking te zijn geweest.

Middenin de aula van het Baarnse rouwcentrum hangt een zwart-witte trouwfoto uit 1971 van een jonge Hans Müller en Ria van der Velde. Stralend en vol verwachting. Gisteren werd het echtpaar Müller-Van der Velde begraven in Baarn, het dorp waar ze 28 jaar woonden. Het motto van de herdenkingsplechtigheid kwam uit psalm 139: `Het begrijpen is mij te wonderbaar, te verheven. Ik kan er niet bij'. Tweehonderd mensen waren aanwezig: familie, buurtbewoners en kerkgenoten.

Hans en Ria Müller-Van der Velde verdwenen in december 1999. Hij was 65 jaar, gepensioneerd GAK-medewerker, zij 59 en huisvrouw. Achterbuurman Hans van der Meij zag Müller enkele dagen eerder nog in de tuin aan het werk. Leden van de Baptistengemeente in Driebergen waren kort ervoor op ziekenbezoek geweest.

,,Het ging niet goed met ze in die tijd'', zegt een jonge vrouw die ze tot 1997 wekelijks in de kerk zag. ,,Ze waren beiden ziek, hij had reuma aan zijn hand en aan zijn knie.'' Die reuma was eind 1997 de reden geweest dat de Müllers niet meer naar de Baptistengemeente kwamen.

In de maanden ervoor werden de Müllers naar Driebergen gebracht door een buurtbewoner met wie zij volgens de kerkgenote `een innig contact' onderhielden. De man ging ook mee naar de zondagsdienst. De Müllers waren attent en lief, zeggen leden van de Baptistengemeente. ,,Maar ze waren niet omringd door een strak netwerk. Contact leggen was niet hun sterkste kant.'' Buurman Van der Meij: ,,Ze waren nogal teruggetrokken.''

Hans en Ria Müller waren zeer vroom. ,,Hij had een passie voor evangeliseren'', zegt de kerkgenote. ,,Dat deed hij vrij overdreven. Hij vroeg iedereen: `Kent u Jezus?'. Daar was niet iedereen van gediend. Zij was wat verlegener.''

Hun geïsoleerde levensstijl, hun ziekelijkheid en hun geloof maakten de Müllers tot een kwetsbare prooi. Toen kerkgenoten na twee maanden afwezigheid van het echtpaar aanbelden bij hun huis aan de Rembrandtlaan, deed de buurtbewoner, die zij uit de kerk kenden, open. Hij paste op het huis en vertelde dat het echtpaar naar een evangelische geloofsgemeenschap in België was vertrokken. ,,Dat was volstrekt geloofwaardig'', zegt de kerkgenote nu. ,,Natuurlijk, typisch Hans en Ria!''

De buurtgenoten kregen hetzelfde verhaal te horen. ,,Alleen ging het wel heel lang duren'', zegt Van der Meij. ,,Ze waren nooit langdurig weg en wat me het meeste bevreemdde: dat zij de poes alleen liet. Ze was stapel met de poes.'' De beheerder reed in de nieuwe Peugeot van de Müllers.

Een buurvrouw meldde twee keer, eind 2000 en in de zomer van 2001, bij de Baarnse politie dat het echtpaar lange tijd niet thuis was geweest. Die meldingen zijn volgens de politie niet teruggevonden in het systeem. ,,Ja, geen wonder als je die meldingen niet eens registreert'', zegt achterbuurman Van der Meij. Omdat de politie geen actie ondernam, nam een andere buurtbewoner contact op met misdaadverslaggever Peter R. de Vries. Toen de beheerder van het huis dat hoorde, riep hij volgens buren: `Wie heeft De Vries ingeschakeld? Straks verdenken ze mij nog'.

Vorige week werd de beheerder gearresteerd op verdenking van moord en fraude met de financiën van het echtpaar. Anderhalve meter onder de geitenhokken van de kinderboerderij waar de verdachte werkte, vond de recherche de lichamen van de Müllers. De Baarnse moord staat nu bij de politie te boek als `de zaak Koekkoek'.

Journalist De Vries legde de link met de vermissing van de Haarlemse weduwe Tina Akersloot-König in februari 1970. Op de ochtend van haar verdwijning om kwart over vijf werd Akersloot door een overbuurvrouw gesignaleerd in de auto van de toen 25-jarige Paul de R., de latere beheerder van het huis van de Müllers. Toen rechercheur Bert Verhoeven (70) van de Haarlemse politie, enkele dagen later bij het huis van de weduwe aanbelde, deed De R. open. ,,Het hele huis was schoon'', zegt Verhoeven nu. ,,Haar kleding, haar schoenen en haar sieraden waren verdwenen en hij zat daar op de bank en haalde zijn schouders op.''

Er werd een bloedspat op de auto van De R. aangetroffen en zand op een spade in de achterbak. ,,Volgens hem was het bloed afkomstig van de vorige eigenaar van de auto'', zegt Verhoeven nu. Het lukte de recherche niet het bloed toe te schrijven aan de weduwe. ,,Het zand hebben we laten onderzoeken. Er werd stuifmeel in aangetroffen dat overal in Noord-Holland voorkwam. Ik wist dat hij het gedaan had, maar ik kreeg het bewijs niet rond.''

De R. bleek ook toen al een strafblad te bezitten. Hij was in 1962 met zijn ouders en zijn jongere zus naar Nieuw-Zeeland geëmigreerd. Zijn vader was uitgezonden door een grote oliemaatschappij. In 1969 werd De R. het land uitgezet omdat hij zich schuldig had gemaakt aan inbraken en geweldpleging.

Rechercheur Verhoeven trof thuis bij De R. vijf gestolen autoradio's aan. Daarvoor kreeg De R. een gevangenisstraf van vier maanden. Zijn betrokkenheid bij de moord op Tina Akersloot werd niet bewezen, maar de Haarlemse rechtbank liet De R. wel onderzoeken in het Pieter Baancentrum. Uit het psychologisch rapport bleek dat de man 'zeer intelligent, psychotisch en gevaarlijk' was. Verhoeven: ,,Hij was een immorele crimineel, meedogenloos en emotioneel niet te bereiken. Ik heb zo vaak geprobeerd hem psychisch aan het wankelen te brengen. Het lukte niet.''

De R. kreeg TBR, het huidige TBS, in de Mesdagkliniek in Groningen. Volgens Verhoeven ontsnapte De R. halverwege de jaren '70 naar België waar hij werd opgepakt na een inbraak. Verhoeven: ,,Vanuit een gevangenis in Gent belde hij me nog een keer op. Hij wilde zich laten uitleveren. Hij zei: `Tina Akersloot was ziek en stierf. Ik heb haar begraven. Ik zal je zeggen waar ze ligt.' Nog een keer zijn we gaan graven op de grens van Santpoort en Haarlem, maar ze lag er niet. Dat ik haar nooit heb gevonden, vind ik verschrikkelijk.''

In 1983 werd Paul de R. voor het eerst gesignaleerd in de Baarnse schildersbuurt. Hij trok in bij zijn oma aan de Frans Halslaan.