Meer eisen voor Chinese student

Chinese studenten komen graag naar Nederland. Maar niet iedereen komt om te studeren. Nieuwe maatregelen moeten fraude met visa tegengaan.

Nederlandse universiteiten en hogescholen zijn gek op Chinese studenten. Ze brengen geld in het laatje, ze houden van bèta-studies, en als ze na hun studie terugkeren naar China fungeren ze hopelijk als ambassadeur voor Nederland.

Onder de buitenlandse studenten in Nederland is China het best vertegenwoordigde land. De Nederlandse ambassade in Peking schat dat er momenteel tussen de 6.000 en 7.000 Chinese studenten in Nederland zijn. De Nuffic, de organisatie voor internationalisering van het Nederlandse hoger onderwijs, houdt het op 5.000. Zeker is dat hun aantal de laatste jaren flink toeneemt. Dat heeft veel te maken met de opening in Peking van een kantoor dat reclame maakt voor het Nederlandse hoger onderwijs, in september 2001. In 2000 werden er duizend visa afgegeven voor Chinese studenten, in 2003 waren dat er 2.200.

De groei komt met problemen. Minister Van der Hoeven (Onderwijs, CDA), vorige week op werkbezoek in China, bezocht ook het kantoor van de Netherlands Education Support Office (NESO), geleid door Robert van Kan. De minister wees op problemen die zijn ontstaan doordat een aantal Chinese studenten in de praktijk over onvoldoende Engelse taalvaardigheid bleek te beschikken om hun opleiding in Nederland ook werkelijk met goed resultaat te volgen. Ook waren er moeilijkheden met Nederlandse instellingen die de studenten niet het onderwijs en de voorzieningen bleken te bieden die de student wel waren beloofd. Maar volgens Van der Hoeven gaat het nu beter. ,,We hebben een aantal heel miserabele ontwikkelingen gehad, en we hebben op een gegeven moment samen met de Chinese ambassade gezegd: `Dit willen we dus niet meer'. We hebben van onze fouten geleerd.''

De Nederlandse ambassade in Peking heeft eind 2002 al over de `mismatch' tussen studenten en onderwijsinstellingen gerapporteerd. De ambassade stelt op basis van eigen onderzoek dat er in de periode 2001-2002 zo'n twintig procent van de Chinese studenten een visum heeft gekregen die dat eigenlijk niet had moeten krijgen. ,,Ze waren onvoldoende gemotiveerd, hun Engels was onvoldoende of ze gaven zich bijvoorbeeld op voor studies waarvoor ze niet over de juiste vooropleiding beschikten'', specificeert Desirée Ooft, woordvoerster van de Nederlandse ambassade in Peking. ,,We hebben daarbij ook vermoedens geuit dat er in een aantal gevallen sprake was van misbruik van studentenvisa voor illegale migratie.''

Minister Van der Hoeven gelooft niet dat daarbij sprake is geweest van mensensmokkel. ,,Daarover heb ik noch van de IND noch van Justitie ooit enige signalen ontvangen'', aldus de bewindsvrouw.

Om fraude met visa te voorkomen, worden vanaf 1 februari strengere maatregelen van kracht voor Chinese studenten die naar Nederland willen komen. Vanaf die datum wordt structureel gecontroleerd of de diploma's van de studenten echt zijn, en of de studenten over voldoende Engelse taalvaardigheid beschikken. Die controle komt in handen van het kantoor van het NESO in Peking, dat per student een certificaat gaat afgeven over het onderwijsniveau van de Chinese student en over het niveau van het Engels.

Maar bij deze maatregelen blijft het niet. Het ministerie van OCW werkt ook aan het invoeren van een persoonlijk onderwijsnummer voor elke student in Nederland, en ook Chinese studenten krijgen in de toekomst waarschijnlijk zo'n nummer. Dat moet gekoppeld worden aan hun visum, en daarmee moet het veel meer dan nu mogelijk worden te traceren waar de studenten zijn, wat ze doen na afloop van hun studie en of ze hun studie bijvoorbeeld voortijdig afbreken.

Ook komt er een landelijk accreditatiesysteem voor de Nederlandse onderwijsinstellingen, en in de toekomst kunnen alleen opleidingen die geaccrediteerd zijn gebruik maken van een verkorte procedure voor de aanvraag van visa. Andere instellingen mogen wel in China blijven werven, maar die studenten krijgen waarschijnlijk geen visum meer. ,,De IND hanteert nu al een lijst met instellingen waarvoor je een visum kunt krijgen. Als een instelling niet op die lijst staat, dan worden er geen visa afgegeven'', aldus de minister.

En dan is er nog de vraag of een onderwijsinstelling minimumeisen moet stellen bij de werving van buitenlandse studenten. Nu is elke onderwijsinstelling vrij om zelf zijn minimumeisen aan de kandidaten te stellen. Dat maakt het mogelijk dat er particuliere Nederlandse instituten actief zijn die de lat wel heel laag leggen.

Pieter van Dijk, voorzitter van het Nuffic, pleit er mede daarom voor dat de werving van studenten in de toekomst zo veel mogelijk gaat verlopen via vaste samenwerkingsverbanden tussen Chinese en Nederlandse instellingen, die onderling kwalificatieniveaus zijn overeengekomen. ,,Dat maakt de risico's kleiner. Je graaft een kanaal naar Nederland, en op het moment dat er op zo'n grote schaal als nu studenten naar Nederland komen, zwemmen er ook onwenselijke elementen mee. Dat moet je door een complex van samenhangende maatregelen voorkomen. Daarover wordt nu gesproken.''