Lang leve het straatlied

Op een symposium in Den Haag opent cabaretier Freek de Jonge morgen een website met een unieke collectie Nederlandse straatliederen.

Als het echtpaar uit Baarn waarvan de stoffelijke resten onlangs zijn gevonden onder het geitenhok op de kinderboerderij honderd jaar geleden was vermoord, dan zouden er zonder twijfel direct enkele straatliederen over hen zijn gemaakt. Die liederen zouden dan op markten, pleinen, kermissen en straathoeken ten gehore zijn gebracht door rondtrekkende zangers, die de liedtekst – gedrukt op goedkoop papier – te koop zouden aanbieden.

Op het vel zou hoogstwaarschijnlijk alleen de tekst staan, met misschien nog een eenvoudige afbeelding, maar geen notenbalken. Toch zouden we dat lied allemaal hebben kunnen meezingen, want de melodie zou ons bekend zijn. Of de straatzangers instrumenten bespeelden, zou van het toeval afhangen. En als ze een instrument bespeelden, dan was dit waarschijnlijk een viool, trom, tamboerijn, buikorgeltje of draailier. Mogelijk hadden ze ook nog een oprolbaar doek bij zich, met plaatjes waarop je het verhaal van de moord, als een in stripverhaal, zou kunnen volgen. Tijdens het zingen zouden ze plaatje na plaatje aanwijzen.

Maar goed, het is geen honderd jaar geleden, en inmiddels zijn al die straatzangers verdwenen. Zij werden verdrongen door de grammofoon, de radio en zeker ook door de welvaart, want het zingen en verkopen van liederen was zeker geen vetpot.

Morgen wordt in de Koninklijke Bibliotheek (KB) in Den Haag een symposium gehouden over de boeiende geschiedenis van het Nederlandse straatlied. Aanleiding is dat de beroemde collectie straatliederen die Douwe Wouters (1876-1955) en Julius Moormann (1889-1974) aan het begin van de 20ste eeuw hebben vergaard, is gedigitaliseerd. Moormann en Wouters waren verwoede verzamelaars en publicisten. Samen brachten zij ruim 15.000 voornamelijk Noord-Nederlandse straatliederen bij elkaar; een collectie die na de Tweede Wereldoorlog in handen kwam van de KB en van het Meertens Instituut in Amsterdam. In het kader van `Het Geheugen van Nederland' is deze collectie nu op internet gezet (www.geheugenvannederland.nl)

,,Er bestonden verschillende soorten straatliederen'', vertelt projectleider Garrelt Verhoeven van de KB. ,,Wij onderscheiden onder meer het sensatielied, het bedellied, het vaderlandse en politieke lied, het liefdes- en familielied, het kolderieke lied en het amusementslied. Sensatieliederen werden heel snel geproduceerd; zij fungeerden als een soort nieuwsberichten. Liefdesliederen waren minder tijdgebonden. Daarin vinden we onder meer gelukkige romances, potsierlijke vrijages, gebroken harten enzovoorts. En in de kolderieke liederen vind je veel poep, pies en seks.''

Op de website worden de liederen als afbeelding gepresenteerd. Je krijgt dus de liedbladen te zien (zevenduizend in totaal), met de complete tekst. De tekst zelf is helaas niet volledig gedigitaliseerd, maar wel kun je zoeken op woorden uit de eerste twee regels en op trefwoorden. Zo levert het zoekwoord moord maar liefst 685 resultaten op, waaronder `Vreeselijke moord te Intham of Jan Inten en Mie Inten, het beroemde Kermisduettistenpaar', `Moord gepleegd in een Roeiboot te Amsterdam' en `Bondskanselier Dolfuss op wreede wijze vermoord'.

Daarnaast kun je zoeken op genres, op melodienaam (bijvoorbeeld alle liedjes `op de wijs van De Zilvervloot'), op liedtitel, op refrein en ook nog op plaats van uitgave, op naam van de uitgever, de drukker of de zanger, op jaar of eeuw van uitgave én op naam van de componist of van de auteur. ,,Bij dat laatste moet je je niet te veel voorstellen'', zegt Louis Grijp, hoogleraar in de geschiedenis van het Nederlandse lied en verbonden aan het Meertens Instituut. ,,Want van verreweg de meeste liederen kennen we de auteur niet. De kopers van dit soort liedjes hechtten daar weinig belang aan. Als er wel een naam werd vermeld, ging die in de mondelinge overdracht van de liedjes meestal alsnog verloren.''

Grijp, een van de sprekers op het symposium, richtte onlangs samen met Garrelt Verhoeven een stichting voor het historische Nederlandse lied op. Zij hopen de collectie die er nu is verder te kunnen uitbreiden met liedbladen die nu alleen in particuliere handen zijn. Particulieren kunnen vanaf morgen makkelijk op internet nakijken of zij iets in hun bezit hebben dat in de gedigitaliseerde collectie ontbreekt.

De opening door Freek de Jonge is live op de website te volgen. Je kunt daar, terwijl je kijkt, ook nog naar dertig straatliederen luisteren, maar voor wie daar morgenmiddag geen zin in heeft, komt er een cd waarop ,,vierentwintig krakers van weleer'' in een moderne uitvoering te horen zullen zijn.

Voor meer informatie over de Stichting Erfgoed van het Nederlandse lied:

Martine de Bruin, Meertens Instituut,

Postbus 94264, 1090 GG A'dam of

martine.de.bruin@meertens.knaw.nl