Geef de imam een opleiding

Voor moslims gaan imams in de toekomst een belangrijke rol in de Nederlandse samenleving spelen. Juist daarom is een brede academische opleiding voor imams nodig, meent Johan Meuleman.

Op 4 december bracht dit dagblad een artikel met de opvallende titel `Moslim: imam hier opleiden is niet nodig'. Het artikel verscheen naar aanleiding van de presentatie van het rapport Imams in Nederland: wie leidt ze op?, geschreven door de ministeriële Adviescommissie Imamopleidingen. De titel van het dagbladartikel geeft mijns inziens de conclusie van de adviescommissie niet juist weer en weerspiegelt nog minder het standpunt van de Nederlandse moslimgemeenschap. Inderdaad staat een aantal gevestigde moslimorganisaties, mede doordat ze deels buitenlandse belangen vertegenwoordigen, niet te springen om een Nederlandse imamopleiding. Uit tal van gesprekken blijkt mij echter dat zelfs binnen die organisaties de koers langzaam wordt verlegd. Aandachtige lezing van het rapport van de commissie-Blok over het Nederlandse integratiebeleid bevestigt mijn mening.

Net als een aantal Nederlandse politici ziet een groeiend aantal moslims het belang van een Nederlandse opleiding voor imams in. Slechts over de vorm en inhoud is nog geen brede overeenstemming bereikt. Evenals die Nederlandse politici verwachten steeds meer in Nederland levende moslims dat imams in de toekomst een belangrijke rol als geestelijke en sociale leiders in de Nederlandse samenleving gaan spelen.

Juist daarom is er behoefte aan een brede academische opleiding waarbij niet alleen de islamitische godsdienstwetenschappelijke traditie aan de orde komt maar ook de ontwikkeling van die traditie binnen de hedendaagse, Nederlandse context en een behoorlijke portie aan sociale wetenschappen en andere relevante academische disciplines. Diverse contacten en vormen van samenwerking met academische instellingen van andere levensbeschouwelijke achtergronden liggen daarbij voor de hand. Het gaat hier immers niet om isolatie en ook niet in de eerste plaats om verzuiling, maar om emancipatie en integratie van de voortdurend groeiende islamitische gemeenschap in de Nederlandse samenleving.

Waar zowel de Nederlandse samenleving in haar geheel als de in ons land levende moslims uiteindelijk het meeste baat bij hebben, is niet een op zichzelf staande imamopleiding, maar een bredere instelling die opleidt voor leidinggevende en adviserende functies binnen de islamitische geestelijke verzorging, moskeegemeenschappen en diverse instellingen en organisaties die te maken hebben met het functioneren van moslims in de Nederlandse samenleving.

Imamopleidingen kunnen in dat algemene kader een plaats krijgen. Via specialisatiecursussen en stages kunnen studenten van die brede instelling nader toegerust worden voor de bijzondere taak van imam. Via aanvullende cursussen en stages kan ook tegemoetgekomen worden aan de specifieke, uiteenlopende wensen van bepaalde islamitische organisaties en moskeegemeenschappen.

Het voorstel van de adviescommissie om aan die diversiteit tegemoet te komen door een groot aantal naast elkaar staande imamopleidingen te ontwikkelen en door de Nederlandse overheid te laten faciliteren, is onpraktisch, duur en niet in het belang van de moslimgemeenschap.

Dr. J.H. Meuleman is voorzitter van het bestuur van de Stichting Islamitische Universiteit van Europa.