In Frankrijk kan baard `opzichtig teken' zijn

Het verbod op het dragen van `opzichtige' religieuze tekens op openbare scholen in Frankrijk kan ook gelden voor baarden. Dit zei de Franse minister van Onderwijs Luc Ferry gisteren bij de presentatie in de Assemblée, het Franse parlement, van zijn voorstel voor de wet die met ingang van het nieuwe schooljaar van kracht moet zijn.

Ter verdediging van de keuze voor de formulering `opzichtig gedragen tekens' zei Ferry dat hij vooruitliep op eventuele ontduiking van de wet. Hij zei dat ,,tekens gegeven (kunnen) worden met simpele beharing'' en voegde daaraan toe dat de wet ook zou moeten gelden voor het dragen van een baard ,,op het moment dat deze een religieus teken wordt''. In dit verband zei de minister ook dat het wettelijk verbod minder geldt voor de tekens zelf als wel voor de ,,opzichtige'' manier waarop zij gedragen worden.

Over de tulband van sikh-mannen en -jongens, die nog ,,besproken'' wordt, zei de minister dat deze hoofdbedekking toegestaan blijft op voorwaarde dat zij ,,bescheiden'' is. Hij zei de sikhs te hebben aangeraden hun haar in ,,een onzichtbaar net'' te vangen. Volgens religieus voorschrift mogen sikhs hun haar, symbool van de natuur, niet knippen en moeten zij het beschermen. De minister verdedigde de uitzondering door te verwijzen naar de noodzaak het haar vast te zetten naarmate de drager ouder wordt. Op de middelbare school is het haar al zo lang, dat een bedekking onontbeerlijk wordt. De sikhs vormen een onverwachte complicatie. In het debat over de religieuze tekens zijn zij `vergeten'.

Omdat ook een zeer kleine groep Syrische christenen niet langer hun ,,grote'' kruizen zullen mogen dragen zei één parlementslid: ,,We gaan slecht om met het enige echte probleem: dat van de relatie tussen Frankrijk en de islam.''

Minister Luc Ferry was tot de aankondiging van de wet door president Jacques Chirac verklaard tegenstander van regelgeving inzake de religieuze tekens op scholen. Toen juist hij de opdracht kreeg de wet uit te werken zei hij deze ,,zo kort mogelijk'' te zullen maken. Het satirische weekblad Le Canard Enchaîné concludeerde daarop dat de minister ,,zichzelf met zo weinig mogelijk woorden [wil] tegenspreken''.