De publieke schizofrenie van Amsterdam

De Amsterdamse wethouder Rob Oudkerk is afgetreden, omdat zijn positie onhoudbaar was geworden. Zijn gezag was ondergraven, nadat hij zijn mond had voorbijgepraat over zijn bezoek aan prostituees. Oudkerk was natuurlijk erg dom met zijn confessie. Daarover is iedereen het eens, Oudkerk voorop. Maar de ophef zegt meer over Nederland dan over Oudkerk.

Nederlanders, zowel burgers als bestuurders, hebben de mond vol over tolerantie. Ze zeggen vaak dat ,,het moet kunnen''. Maar als `het' dan gebeurt, ontstaat er commotie. Ineens komt dan het argument van de geloofwaardigheid van het gezag. Elke gezagsdrager, en een wethouder van Amsterdam is dat ook, heeft een bepaalde voorbeeldfunctie. Hij moet ook consistent zijn. Gezag wordt ondergraven als een publieke figuur het ene predikt en het andere praktiseert. Als bijvoorbeeld een bisschop die het celibaat verdedigt regelmatig op de Wallen rondstapt, ontstaat er een probleem. Oudkerk ging echter niet door het leven als ,,zedig voorbeeld'' maar als ,,politiek boegbeeld'' in de hoofdstad.

Die hoofdstad is schizofreen. Kijk eens naar de officiële website www.amsterdam.nl. Daarop staat vandaag het vertrek van Oudkerk medegedeeld: ,,PvdA zegt vertrouwen Oudkerk op.'' Wie doorklikt naar de sectie vrije tijd & toerisme en dan naar uitgaan en excursies, komt op www.amsterdamexcursies.nl. De rondleiding die via het web van de stad wordt aangeprezen, begint op de Wallen. ,,In het Red Light District loopt U door de smalste steegjes met de mooiste dames'', staat er. De rondleiding kost 9 euro. Voor 11 euro kan de toerist terecht bij Mayday, voor ,,Thee met Travestieten''. ,,Mayday kent natuurlijk ook veel bekende Nederlanders, U moest eens weten wie er bij hem allemaal op het toilet hebben gezeten.'' En voor één euro meer leidt de gids u naar ,,de lekkere leernicht'' die vooral de cockring aanprijst. ,,Wat er in de befaamde cockring gebeurt, wilt U misschien liever niet eens weten'', voegt de site eraan toe.

Dat is toch merkwaardig. In Nederland is prostitutie gelegaliseerd en Amsterdam adverteert zijn prostitutiewijk met trots over de hele wereld. Chinezen en Japanners komen van ver voor de Wallen. Maar als een wethouder van diezelfde hoofdstad prostituees bezoekt, ontstaat er ophef. Uiteindelijk deed het bezoek aan de tippelzone aan de Theemsweg Oudkerk de das om. Het was een brug te ver. Zonder dat kon hij wellicht aanblijven, maar zijn functioneren zou heel moeilijk zijn geweest. De oppositie zou schampere opmerkingen maken. Rivaliserende partijgenoten zouden fluistercampagnes opzetten. En boze burgers zouden bij een demonstratie wel weten wat ze op spandoeken zouden zetten. Oudkerk zou een gezagsdrager zonder gezag zijn geweest.

In het land waar ,,alles kan'', kan dus niet alles. Is hier sprake van een publieke moraal? Nee, er is sprake van publieke schizofrenie die voortkomt uit het zelfbeeld van de vermeende tolerantie. Men zegt graag tolerant te zijn, maar dat geldt kennelijk niet altijd. De redenen daarvoor zijn vrij willekeurig. Het bordeelbezoek werd misschien aangegrepen, omdat Oudkerk een grote mond had of omdat hij het had over kut-Marokkanen. Kwam hij ten val door toedoen van de media?

De voedingsbodem van de ophef zit dieper. De publieke opinie zou Oudkerk, bij het minste of geringste conflict, zien als ,,die hoerenloper''. Hij zou bij het grote publiek niet van dat stempel afkomen.

Dit toont aan dat tolerantie een verraderlijk begrip is. In landen met een Latijnse politieke cultuur praktiseert men een dubbele moraal. Niemand beroept zich omstandig op tolerantie en grote principes, maar iedereen knijpt een oogje dicht. Het is leven en laten leven.

Toen ik politiek redacteur bij de Vlaamse krant De Standaard was, zag ik dat er tegenover de achterzijde van het Belgisch parlement een bordeel was, met de toepasselijke naam de Assemblée. Ik vond dat nogal merkwaardig, want stel je eens voor dat er op het Plein in Den Haag, tegenover de Tweede Kamer, een bordeel zou zijn. Dat zou allemaal vragen en mediabelangstelling oproepen. Maar ik heb over de Assemblée gedurende de vijf jaar dat ik het Belgisch parlement volgde, nooit een woord (ook geen kwaad woord) gehoord. Soms vroeg ik parlementsleden over de achtergrond van dit zogenoemde `uitzuipkot', maar niemand vertelde me iets. Misschien was er een perfecte conspiration du silence, maar ik had eerder het gevoel dat niemand eraan tilde. Geen politicus, geen journalist. ,,Laat die mensen toch hun goesting doen'', hoorde ik als reactie. Een bordeel op een steenworp afstand van een parlement, terwijl het uitbaten van prostitutie wettelijk verboden was. De dubbele moraal werkte en het uitzuipkot van Madame floreerde. De media maakten er nooit een kwestie van, omdat het de publieke opinie niet kon schelen.

De dubbele moraal van Latijnse landen (en daar reken ik België ook toe) tilt niet aan zijsprongen van gezagsdragers zolang zij daar tenminste zelf geen ophef over maken. De Franse president Mitterrand had een buitenechtelijke dochter, Mazarine. De Belgische koning heeft Delphine. Sommige gezagsdragers houden er maîtresses op na, of zoals dat heet een deuxième bureau (tweede bureau). Dit begrip komt van de Zaïrese leider Mobutu Sese Seko die zoveel tweede bureaus had dat het de omvang van een kantoorpand begon te krijgen. In Latijnse sferen is men iets bescheidener, maar dit fenomeen leidt niet tot ophef. De Britse pers (om eens een ander geval van publieke schizofrenie te noemen) leeft voor een groot deel van zulke zaken.

Misschien zijn inwoners van Latijnse landen toleranter dan Nederlanders die met het begrip te koop lopen. Misschien biedt de dubbele moraal voldoende ruimte om de ,,menselijke tekortkoming'' te compenseren en daarmee de publieke moraal, zij het als façade, overeind te houden.

De zaak Oudkerk is interessant, niet zozeer om Oudkerk zelf, maar omdat het laat zien dat Nederland niet altijd is wat het zegt te zijn. Vooral de Amsterdamse politieke klasse moet zich eens afvragen in hoeverre zij het beeld dat de stad uitdraagt in de wereld kan rijmen met de politieke mores op het stadhuis.

Derk Jan Eppink was journalist bij NRC Handelsblad en De Standaard. Hij is nu medewerker van Europees Commissaris Frits Bolkestein.