`Conflict OM geen incident'

De Tweede Kamer wil duidelijkheid van minister Donner (CDA, Justitie) over de vraag of het openbaar ministerie (OM) te weinig opsporingsbevoegdheden heeft bij de bestrijding van zware criminaliteit. Woordvoerders A. Wolfsen (PvdA) en L. Griffith (VVD) beschouwen het conflict tussen F. Teeven, officier van justitie, en het college van procureurs-generaal over het onderzoek naar bedreigingen van de Amsterdamse officier van justitie, K. Plooy, niet als een incident.

Beide woordvoerders reageren daarmee op een pleidooi van de voorzitter van het college van procureurs-generaals, J. de Wijkerslooth. Het OM, stelt De Wijkerslooth in het blad `Opportuun', heeft onder de huidige wetgeving ,,te weinig speelruimte om de opsporing van nut te zijn.'' Het Amsterdamse OM wilde in de zaak-Plooy een deal sluiten met een `kroongetuige' die een doorbraak in dat onderzoek zou kunnen forceren. Het college van PG's verbood een dergelijke deal. Officier van justitie Teeven is inmiddels van de zaak gehaald en heeft van De Wijkerslooth een spreekverbod gekregen.

,,Maar diezelfde De Wijkerslooth vindt dat hij te weinig opsporingsbevoegdheid heeft'', aldus Griffith. ,,Als dat zo is, moet de Tweede Kamer zich daar een oordeel over vormen en desnoods de wet kunnen aanpassen. Maar dan moet Donner wel duidelijk maken waar de schoen wringt.''

Volgens Wolfsen maakt de spanning tussen het college van PG's en officier van justitie Teeven duidelijk dat er iets veel breders speelt: ,,Spanning over de vraag wat het openbaar ministerie wel of niet mag. Het openbaar ministerie tast nu zijn grenzen af en dat is blijkbaar uitgemond in een heftig intern debat.''

In de Tweede Kamer ligt een wetsvoorstel ter behandeling dat nog is ingediend onder voormalig minister Korthals van Justitie. Ook daarin worden de bevoegdheden van het openbaar ministerie aan banden gelegd. Zo mag justitie een criminele infiltrant een strafeis in het vooruitzicht stellen tot eenderde van de eis in vergelijkbare zaken. De Tweede Kamer liet vervolgens bij behandeling van die wet weten dat het OM niet verder mocht gaan dan die toezegging. Sepot of financiële beloning werd uitdrukkelijk uitgesloten. Het is ook niet toegestaan om in ruil voor verklaringen lichtere feiten op de dagvaarding te zetten, zo werd vervolgens in een richtlijn opgenomen. De wet zelf wacht nog op definitieve behandeling door het parlement.

De Wijkerslooth zei vorige week er niets voor te voelen om zonder toestemming van de Tweede Kamer de opsporingsbevoegdheden voor het OM op te schroeven.