Zwemstadion krijgt eigen `meetstation'

Het nationale zwemstadion in Eindhoven krijgt een eigen, technologisch hoogwaardig `meetstation', waardoor Nederlandse topzwemmers in de toekomst niet meer hoeven uit te wijken naar bijvoorbeeld het sportwetenschappelijke instituut in Hamburg. Over ruim twee maanden denken de betrokkenen te weten welke apparatuur geïnstalleerd gaat worden in de nieuwe Tongelreep, waarvan de bouw nog dit jaar begint.

Jacco Verhaeren, trainer-coach van de in Eindhoven gevestigde Philips-profploeg, juicht de komst van geavanceerde meetapparatuur toe. ,,Nu moeten we om de zoveel maanden naar Hamburg. Dat kost tijd en dat kost geld. Al die tests doen we we het liefst in eigen huis. We hebben de kennis, niet de apparatuur.''

Al bijna tien jaar maken Verhaeren en zijn pupillen, onder wie tweevoudig olympisch kampioen Pieter van den Hoogenband, gebruik van de faciliteiten van het olympische steunpunt in Noord-Duitsland. In het laminaire bassin (water met tegenstroom) wordt nauwkeurig de slagtechniek geanalyseerd. Ook start en keerpunten worden met behulp van camera's en computers tot in de kleinste details ontleed.

Verhaeren en Van den Hoogenband brachten gisteren opnieuw een bliksembezoek aan Hamburg, alwaar de vrije-slagspecialist voor de tweede keer dit seizoen onder de loupe werd genomen. Verhaeren: ,,We trainen momenteel zeer intensief, en daarom was het nodig om Pieters techniek, zijn start en zijn keerpunten weer eens tegen het licht te houden. Enerzijds zoeken we de bevestiging dat minieme aanpassingen in zijn techniek ook daadwerkelijk effect hebben, anderzijds willen we voorkomen dat er fouten insluipen. Als je hard en veel traint, is dat vaak onvermijdelijk. Dan is het zaak dat je tijdig ingrijpt.''

Het wetenschappelijk onderzoeksbureau TNO voert samen met sportkoepel NOC*NSF de regie over de technologische invulling van het multifunctionele sportcomplex in Eindhoven. Op de begroting is nu 140.000 euro ingeruimd voor de post `Sport, techniek en innovatie'. Door in het ontwerp unieke technologische snufjes op te nemen, denken de betrokkenen in aanmerking te kunnen komen voor een of meerdere Europese subsidies. Zeker lijkt in elk geval dat het trainingsbad (50 meter met vier banen) wordt uitgerust met in de wand verankerde onderwatercamera's.

Een speciaal daartoe opgerichte werkgroep is momenteel bezig met een inventarisatie van de verdere mogelijkheden. Verhaeren hoopt binnenkort zelf alvast drie zogeheten `highspeedcamera's' in gebruik te nemen. ,,Dan zijn we al een eind op weg.''