Foute kleuren

Terecht legt het hoofdartikel `Integratie zonder beleid' de vinger op een zere plek in het rapport waarmee de commissie-Blok voor de dag is gekomen (Opiniepagina, 19 januari). Namelijk, de partijpolitieke kleur van degenen op wier voorarbeid de commissie haar rapport in hoge mate heeft gebaseerd. Waar ik persoonlijk nauw betrokken ben geweest bij de vorming van het beleid gedurende een aantal van de jaren die de commissie in beschouwing heeft genomen, is het terzake dat met een enkel voorbeeld te illustreren.

Ik beperk me tot de sector waarvoor ik als VVD-minister destijds verantwoordelijkheid droeg, het onderwijs. Het kabinet Van Agt-Wiegel (1977-1981), waarvan ik deel heb uitgemaakt, heeft in menig opzicht de koers van z'n linkserige voorganger gewijzigd. Wellicht op weinig terreinen sterker dan bij het onderwijs. Zo was het tot en met het kabinet-Den Uyl (1973-1977) wijsheid ervan uit te gaan dat de meeste immigranten na verloop van tijd ons land zouden verlaten. Het onderwijsbeleid voor hun kinderen droeg daarvan het stempel.

Ik heb dit uitgangspunt van meet af aan voor een miskenning van de werkelijkheid gehouden. Als eerste heeft het kabinet-Van Agt-Wiegel de realiteit onder ogen gezien, het sprookje van de massale terugkeer van tafel geveegd en de duurzaamheid onderkend van de onderwijsproblematiek van allochtone kinderen en jongeren.

Zo'n beleidsombuiging heeft uiteraard verstrekkende gevolgen gehad. Variërend van bijvoorbeeld opleiding van allochtone leerkrachten in Nederland en het ter beschikking stellen van omvangrijke geldmiddelen voor additioneel personeel aan scholen met veel immigrantenkinderen tot het aanstellen van onderwijsattachees bij Nederlandse ambassades in landen waar veel immigranten vandaan kwamen.

In de Van Agt-Wiegel-jaren (1977-1981) is een totaalbeleid ten behoeve van onderwijs aan immigrantenkinderen ontwikkeld, waarvan de voortzetting aardig wat problemen had kunnen voorkomen. Het kostte geld, maar het was goed besteed geld. En bepaald niet in de laatste plaats om dat geld veilig te stellen, heb ik het steeds opgenomen tegen degenen die meenden door op onderwijs te bezuinigen, aan economisch zinvolle arbeid bezig te zijn.

In latere jaren heeft men dat helaas anders gezien en heeft de zuinigheid de wijsheid bedrogen. Dusdoende is niets bijgedragen aan de oplossing van problemen die tot op de dag van vandaag van alle betrokkenen veel vergen. Links getinte `voorstudies' en dito geciteerde `literatuur' had de commissie beter kunnen aanvullen met kennisneming van de historische feiten en daaruit lering trekken, zodat men met meer zinvolle conclusies had kunnen komen dan nu is gebeurd.

Dr. A. Pais is oud-minister van Onderwijs en Wetenschappen 1977-1981.